Conclusie · Insolventierecht
Parket bij de Hoge Raad, 11 oktober 2013
ECLI:NL:PHR:2013:995Zaaknummer 13/03627
- Instantie
- Parket bij de Hoge Raad
- Datum conclusie
- 11 oktober 2013
- Publicatiedatum
- 6 december 2013
- Zaaknummer
- 13/03627
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Insolventierecht
- Soort
- Conclusie
Inhoudsindicatie
Art. 80a lid 1 RO. WSNP. Afwijzing verzoek tot toelating schuldsaneringsregeling.
Volledige tekst
| 13/03627 | Mr. L. Timmerman |
| Zitting 11 oktober 2013 | |
| Conclusie inzake: | |
| 1. [verzoeker 1], 2. [verzoekster 2], | |
| verzoeksters tot cassatie, (hierna: [verzoeker] c.s.) |
1. De rechtbank Midden-Nederland (locatie Utrecht) heeft bij vonnis van 8 mei 2013 het door [verzoeker] c.s. op 20 maart 2013 ingediende verzoekschrift tot toepassing van de schuldsaneringsregeling afgewezen, omdat [verzoeker] c.s. onvoldoende hadden aangetoond dat zij te goeder trouw zijn geweest ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van fiscale schulden ten bedrage van € 242.209,82. Dit vonnis werd bekrachtigd door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (locatie Arnhem) in zijn arrest van 15 juli 2013. Daarin overwoog het hof kort gezegd dat [verzoeker] c.s. geen inzicht hebben verschaft in de ontstaansdata van hun schulden (rov. 3.5), geen (volledig) inzicht hebben gegeven in hun fiscale schuld om het hof in staat te stellen hun goede trouw te beoordelen (rov. 3.6) en voorts niet, althans onvoldoende, aannemelijk hebben gemaakt dat zij te goeder trouw zijn geweest ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van hun schuld aan SNS Bank van € 366.659,74 (rov. 3.7).
2 In het door [verzoeker] c.s. op 23 juli 2013 – derhalve tijdig – ingediende cassatieverzoekschrift wordt in middel 1 betoogd dat het hof buiten de grenzen van de rechtsstrijd is getreden, althans het grievenstelsel heeft miskend, door niet slechts een oordeel te geven over de beslissing van de rechtbank ten aanzien van de fiscale schulden, maar zich ook te buigen over de ontstaansdata van andere schulden en de vraag of zij te goeder trouw waren ten aanzien van de schuld aan SNS Bank. In schuldsaneringszaken heeft het hof deze vrijheid[_1cacd363-486f-447d-a745-cd1b19076a3c]. De inhoudelijke, hiervóór samengevatte, oordelen van het hof houden stand in weerwil van de klachten die het middel daartegen aanvoert[_f9175f50-9150-426f-a9ad-a70c7e0391cb]. Hetzelfde geldt voor van middel 2, dat het bestaan van een fiscale schuld betwist, aangezien het oordeel van het hof op dat punt in hoge mate feitelijk en overigens niet onbegrijpelijk is[_ffb07a4c-1526-4842-b082-2954e577748f]. Bij aanvullend verzoekschrift van 27 augustus 2013 zijn nog een reeks klachten aangevoerd tegen vermeende feitelijke onjuistheden in het proces-verbaal van de zitting in hoger beroep van 8 juli 2013. Ook dit is geen grond voor cassatie.
3 De in cassatie geponeerde klachten kunnen klaarblijkelijk niet tot cassatie leiden. Ik concludeer daarom tot toepassing van art. 80a lid 1 RO.
De Procureur-Generaal bij de
Hoge Raad der Nederlanden
A-G
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:HR:2013:1628 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:HR:2013:1628 Hoge Raad, 6 december 2013 (insolventierecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.