Uitspraak · Strafrecht
Hoge Raad, 27 oktober 2026
ECLI:NL:HR:2026:1610Zaaknummer 25/03796
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 27 oktober 2026
- Publicatiedatum
- 27 oktober 2026
- Zaaknummer
- 25/03796
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Cassatie, Artikel 80a RO-zaken
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Zware mishandeling door in 2022 in Lelystad n.a.v. worsteling bij woning van verdachte met omgebouwd alarmpistool in oog van ander te schieten waardoor deze aan dat oog blijvend blind is (art. 302.1 Sr), voorhanden hebben van vuurwapen, alarmpistool en munitie (art. 26.1 WWM), verkopen van cocaïne (art. 2.B Opiumwet) en hennep (art. 3.B Opiumwet) en aanwezig hebben van hennep (art. 3.C Opiumwet). HR: art. 80a RO, zonder schriftelijk standpunt AG.
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren T.B. Trotman en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier B.C. Broekhuizen-Meuter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 27 oktober 2026.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 25/03796
Datum 27 oktober 2026
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 6 oktober 2025, nummer 21-003678-24, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2004,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat T.P.A.M. Wouters een schriftuur ingediend.
2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen. De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren T.B. Trotman en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier B.C. Broekhuizen-Meuter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 27 oktober 2026.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:GHARL:2025:6100 http://psi.rechtspraak.nl/cassatie
Aangehaald in
- ECLI:NL:GHARL:2025:6100 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 6 oktober 2025 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.