Uitspraak · Belastingrecht

Hoge Raad, 19 april 2024

ECLI:NL:HR:2024:633Zaaknummer 23/03692

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
19 april 2024
Publicatiedatum
19 april 2024
Zaaknummer
23/03692
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Belastingrecht
Procedure
Cassatie, Artikel 80a RO-zaken
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing van art. 80a RO.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.R. van Eijsden als voorzitter, en de raadsheren J. Wortel en A.E.H. van der Voort Maarschalk, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 19 april 2024.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie
  2. 2 Proceskosten
  3. 3 Beslissing

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

BELASTINGKAMER

Nummer 23/03692

Datum 19 april 2024

ARREST

in de zaak van

[X] (hierna: belanghebbende),

vertegenwoordigd door A. van Velsen,

tegen

het COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE HEEMSKERK

op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam van 1 augustus 2023, nrs. 22/00636 en 22/00637[_e124f374-67f7-4cd7-9bc7-2b61f5f26551], op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland (nrs. HAA 20/1610 en HAA 21/68) betreffende ten aanzien van belanghebbende gegeven beschikkingen op grond van de Wet waardering onroerende zaken voor de jaren 2019 en 2020.

1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het Hof beoordeeld. De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen.

De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).

2 Proceskosten

De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.R. van Eijsden als voorzitter, en de raadsheren J. Wortel en A.E.H. van der Voort Maarschalk, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 19 april 2024.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Deze uitspraak verwijst naar

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.