Uitspraak · Verbintenissenrecht

Hoge Raad, 15 oktober 2021

ECLI:NL:HR:2021:1511Zaaknummer 20/01698

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
15 oktober 2021
Publicatiedatum
15 oktober 2021
Zaaknummer
20/01698
Rechtsgebied
Civiel recht, Verbintenissenrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Koopovereenkomst woning. Ten behoeve van verkoper opgenomen bedenktijdclausule (art. 7:2 lid 2 BW). Ontbinding wegens verkoop aan derde partij. Uitleg clausule.

De Hoge Raad:

  • verwerpt het beroep;
  • veroordeelt [de verkopers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [de kopers] begroot op € 902,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren M.J. Kroeze, als voorzitter, C.H. Sieburgh en S.J. Schaafsma, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 15 oktober 2021.

Volledige tekst

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 20/01698

Datum 15 oktober 2021

ARREST

In de zaak van

1. [verkoper 1],wonende te [woonplaats],

2. [verkoper 2],wonende te [woonplaats],

EISERS tot cassatie,

hierna gezamenlijk: [de verkopers],

advocaat: R.D. Boesveld,

tegen

1. [koper 1],wonende te [woonplaats]

2. [koper 2],wonende te [woonplaats],

VERWEERDERS in cassatie,

hierna gezamenlijk: [de kopers],

advocaat: T. van Malssen.

1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:

het vonnis in de zaak C/08/215804 / HA ZA 18-146 van de rechtbank Overijssel van 30 januari 2019;

het arrest in de zaak 200.259.208 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 3 maart 2020.

[de verkopers] hebben tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.

[de kopers] hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal W.L. Valk strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [de verkopers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad:

  • verwerpt het beroep;
  • veroordeelt [de verkopers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [de kopers] begroot op € 902,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren M.J. Kroeze, als voorzitter, C.H. Sieburgh en S.J. Schaafsma, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 15 oktober 2021.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.