Uitspraak · Strafrecht
Hoge Raad, 12 november 2019
ECLI:NL:HR:2019:1750Zaaknummer 18/04096
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 12 november 2019
- Publicatiedatum
- 12 november 2019
- Zaaknummer
- 18/04096
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Phishing-fraude. Deelname aan criminele organisatie die zich richt op plegen oplichting en diefstal (art. 140.1 Sr), medeplegen diefstal d.m.v. valse sleutels, meermalen gepleegd (art. 311.1 Sr) en diefstal d.m.v. valse sleutels (art. 311.1.5 Sr), medeplegen diefstal (art. 311.1.4 Sr) en medeplegen oplichting (art. 326 Sr), medeplegen poging diefstal (art. 311.1.4 Sr) en medeplegen poging oplichting, meermalen gepleegd (art. 326 Sr) en witwassen schoenen (art. 420bis.1.b Sr). 1. Bewijsklachten over bewezenverklaard medeplegen. 2. Bewijsklachten t.a.v. poging tot diefstal en poging tot oplichting poststukken. 3. Bewijsklacht en kwalificatieklacht witwassen. 4. Bewijsklacht deelname aan criminele organisatie. 5. Strafmotivering. Uos t.a.v. strafoplegging (volstaan met gevangenisstraf gelijk aan duur voorarrest). HR: art. 81.1 RO.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 12 november 2019.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 18/04096
Datum 12 november 2019
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 22 januari 2018, nummer 23/000293-16, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1992,
hierna: de verdachte.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Kuijper, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal F.W. Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 12 november 2019.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2019:925 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
- ECLI:NL:GHAMS:2018:176 http://psi.rechtspraak.nl/cassatie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2019:925 Parket bij de Hoge Raad, 24 september 2019 (strafrecht)
- ECLI:NL:GHAMS:2018:176 Gerechtshof Amsterdam, 22 januari 2018 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.