Uitspraak · Personen- en familierecht
Hoge Raad, 27 september 2019
ECLI:NL:HR:2019:1440Zaaknummer 18/01732
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 27 september 2019
- Publicatiedatum
- 27 september 2019
- Zaaknummer
- 18/01732
- Rechtsgebied
- Civiel recht, Burgerlijk procesrecht, Civiel recht, Personen- en familierecht
- Procedure
- Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Familierecht. Procesrecht. Kan de vrouw na beëindiging van de gezamenlijke huishouding van partijen aanspraak maken op aan de man in Duitsland uitgekeerd "Kindergeld"? Vordering van de vrouw bij verstek toegewezen. Heeft de man tijdig verzet ingesteld? Art. 143 Rv.
3 Beslissing
- De Hoge Raad verwerpt het beroep;
- compenseert de kosten van het geding in cassatie, de kosten van het incident daaronder begrepen, aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 27 september 2019.
Volledige tekst
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 18/01732
Datum 27 september 2019
ARREST
In de zaak van
[de vrouw],wonende te [woonplaats],
EISERES tot cassatie,
hierna: de vrouw,
advocaat: mr. C. Reijntjes-Wendenburg,
tegen
[de man],wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de man,
advocaat: mr. T. Dohmen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding tot dusver verwijst de Hoge Raad naar:
a. de arresten in de zaak 200.180.608/01 van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 31 januari 2017 en 30 januari 2018;
b. zijn arrest in het incident in deze zaak van 18 januari 2019.
De vrouw heeft tegen de arresten van het gerechtshof beroep in cassatie ingesteld. De man heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor de man toegelicht door zijn advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.L.C.C. Lückers strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
2 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
- De Hoge Raad verwerpt het beroep;
- compenseert de kosten van het geding in cassatie, de kosten van het incident daaronder begrepen, aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 27 september 2019.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:GHSHE:2018:339 http://psi.rechtspraak.nl/cassatie
- ECLI:NL:PHR:2019:602 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2019:602 Parket bij de Hoge Raad, 7 juni 2019 (personen- en familierecht)
- ECLI:NL:GHSHE:2018:339 Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 30 januari 2018 (civiel recht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.