Uitspraak · Belastingrecht
Hoge Raad, 27 september 2019
ECLI:NL:HR:2019:1437Zaaknummer 19/00744
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 27 september 2019
- Publicatiedatum
- 27 september 2019
- Zaaknummer
- 19/00744
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Belastingrecht
- Procedure
- Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
HR verklaart het beroep in cassatie n-o. Zie ook ECLI:NL:HR:2019:1437.
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president R.J. Koopman als voorzitter, en de raadsheren P.M.F. van Loon en L.F. van Kalmthout, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 27 september 2019.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
BELASTINGKAMER
Nummer 19/00744
Datum 27 september 2019
ARREST
op het door [A] te [Q] ingestelde beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 15 januari 2019, nrs. 16/00877 en 16/00878, betreffende een door [X] B.V. te [Z] op aangifte voldaan bedrag aan belasting van personenauto’s en motorrijwielen.
1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie
Het beroep in cassatie is volgens het beroepschrift ingesteld namens [X] B.V. te [Z]. Bij het beroepschrift is een machtiging gevoegd die is ondertekend door [B].
Aangezien de onderhavige procedure een rechtspersoon betreft, heeft de griffier de indiener van het beroepschrift in cassatie bij aangetekend verzonden brief van 20 februari 2019 verzocht binnen een termijn van zes weken een uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel te overleggen waaruit genoegzaam blijkt dat degene die de volmacht heeft ondertekend, gerechtigd was die volmacht te verstrekken. Volgens de gegevens van Track&Trace van PostNL is die brief afgeleverd op het door de indiener van het beroepschrift opgegeven adres.
De indiener is in gebreke gebleven een uittreksel als hiervoor bedoeld te overleggen, zodat niet kan worden vastgesteld dat degene die de volmacht heeft ondertekend, gerechtigd was de volmacht te verstrekken. Daarom gaat de Hoge Raad ervan uit dat het beroep in cassatie onbevoegdelijk is ingesteld, en zal de Hoge Raad om die reden het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren.
2 Proceskosten
De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
3 Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president R.J. Koopman als voorzitter, en de raadsheren P.M.F. van Loon en L.F. van Kalmthout, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 27 september 2019.
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:GHARL:2019:350 http://psi.rechtspraak.nl/cassatie
Aangehaald in
- ECLI:NL:HR:2020:586 Hoge Raad, 3 april 2020 (belastingrecht)
- ECLI:NL:HR:2019:1712 Hoge Raad, 8 november 2019 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHARL:2019:350 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 15 januari 2019 (belastingrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.