Uitspraak · Strafrecht
Hoge Raad, 19 juni 2018
ECLI:NL:HR:2018:942Zaaknummer 16/05774
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 19 juni 2018
- Publicatiedatum
- 20 juni 2018
- Zaaknummer
- 16/05774
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Cassatie, Artikel 80a RO-zaken
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Medeplegen poging doodslag te Oosterwolde. Vader en zoon hebben het slachtoffer bij de keel vastgepakt en vervolgens in een verwurging genomen, en daarnaast met kracht tegen diens hoofd geschopt. HR: art. 80a RO, zonder schriftelijk standpunt AG. Samenhang met 16/05776 en 16/05777.
3. Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 19 juni 2018.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
19 juni 2018
Strafkamer
nr. S 16/05774
AJ
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 18 november 2016, nummer 21/006529-15, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1964.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft S.A.S. Jansen, advocaat te Veenendaal, een schriftuur ingediend. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.
3. Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 19 juni 2018.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Aangehaald in
- ECLI:NL:RBAMS:2019:9240 Rechtbank Amsterdam, 10 december 2019 (civiel recht)
- ECLI:NL:GHSHE:2019:285 Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 29 januari 2019 (burgerlijk procesrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.