Uitspraak · Civiel recht

Hoge Raad, 15 september 2017

ECLI:NL:HR:2017:2389Zaaknummer 16/02743

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
15 september 2017
Publicatiedatum
15 september 2017
Zaaknummer
16/02743
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Internationaal privaatrecht. Verzekeringsrecht. Naar welk recht moet worden beoordeeld of een in Nederland gevestigde assurantietussenpersoon een beroepsfout heeft gemaakt jegens een in Engeland gevestigde reder? Art. 4 lid 5 EVO.

De Hoge Raad:

verwerpt het principale beroep;

veroordeelt Carins in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Carisbrooke begroot op € 856,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, G. Snijders, G. de Groot en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 15 september 2017.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het geding in feitelijke instanties
  2. 2 Het geding in cassatie
  3. 3 Beoordeling van het middel in het principale beroep
  4. 4 Beslissing

15 september 2017

Eerste Kamer

16/02743

LZ

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

CARINS B.V.,gevestigd te Rotterdam,

EISERES tot cassatie, verweerster in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,

advocaat: mr. M. Ynzonides,

t e g e n

CARISBROOKE SHIPPING LTD.,gevestigd te Isle of Wight, Engeland,

VERWEERSTER in cassatie, eiseres in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,

advocaat: mr. M.E. Bruning.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Carins en Carisbrooke.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 313852/HA ZA 08-2085 van de rechtbank Rotterdam van 3 december 2008, 3 november 2010 en 18 april 2012;

b. de arresten in de zaak 200.110.158/01 van het gerechtshof Den Haag van 23 juni 2015 en 12 januari 2016.

De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen de arresten van het hof heeft Carins beroep in cassatie ingesteld. Carisbrooke heeft voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld. De cassatiedagvaarding en de conclusie van antwoord tevens houdende voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.

Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor Carins mede door mr. J.J. Kuipers.

De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het principale cassatieberoep.

De advocaat van Carins heeft bij brief van 23 juni 2017 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel in het principale beroep

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Nu het middel in het principale beroep faalt, komt het voorwaardelijk ingestelde incidentele beroep niet aan de orde.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het principale beroep;

veroordeelt Carins in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Carisbrooke begroot op € 856,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, G. Snijders, G. de Groot en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 15 september 2017.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.