Uitspraak · Civiel recht

Hoge Raad, 18 maart 2016

ECLI:NL:HR:2016:454Zaaknummer 15/01064

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
18 maart 2016
Publicatiedatum
18 maart 2016
Zaaknummer
15/01064
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken, Cassatie, Beschikking
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Ondernemingsrecht. Enquêteprocedure bij Ondernemingskamer inzake vennootschappen waarvan de aandelen tot een nalatenschap behoren. Bevoegdheid vereffenaar nalatenschap q.q. om enquêteverzoek in te dienen: is een van de erven ontvangen procesvolmacht toereikend?

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [verzoeker] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de erven en Van Hees begroot op € 393,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, A.H.T. Heisterkamp, G. de Groot en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 18 maart 2016.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het geding in feitelijke instantie
  2. 2 Het geding in cassatie
  3. 3 Beoordeling van het middel
  4. 4 Beslissing

18 maart 2016

Eerste Kamer

15/01064

EE/LZ

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

1. [verzoekster 1] ,gevestigd te [vestigingsplaats],

2. [verzoeker 2] ,wonende te [woonplaats],

3. LAPIDUS HOLDING B.V.,gevestigd te Amsterdam,

VERZOEKERS tot cassatie,

advocaat: mr. F.E. Vermeulen,

t e g e n

1. [verweerder 1],

2. [verweerder 2],

3. [verweerster 3],

4. [verweerder 4],

5. [verweerster 5],

6. mr. Antonie VAN HEES, in zijn hoedanigheid van vereffenaar van de nalatenschap van [betrokkene 1] ,kantoorhoudende te Amsterdam,

VERWEERDERS in cassatie,

advocaat: mr. W.H. van Hemel.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] c.s. en de erven en Van Hees.

1 Het geding in feitelijke instantie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad de beschikking in de zaken 200.149.410/01 OK tot en met 200.149.410/04 OK van de Ondernemingskamer van 23 december 2014.

De beschikking van de Ondernemingskamer is aan deze beschikking gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van de Ondernemingskamer hebben [verzoeker] c.s. beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De erven en Van Hees hebben verzocht het beroep te verwerpen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping.

De advocaat van [verzoeker] c.s. heeft bij brief van 8 januari 2016 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [verzoeker] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de erven en Van Hees begroot op € 393,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, A.H.T. Heisterkamp, G. de Groot en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 18 maart 2016.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.