Uitspraak · Strafrecht
Hoge Raad, 5 juli 2016
ECLI:NL:HR:2016:1402Zaaknummer 16/00620
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 5 juli 2016
- Publicatiedatum
- 6 juli 2016
- Zaaknummer
- 16/00620
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Uitlevering aan Zwitserland. Art. 12 EUV. In gevolge art. 12.2 EUV dient tot staving van het uitleveringsverzoek in een geval als i.c. te worden overlegd het origineel of een authentiek afschrift van het bevel tot aanhouding of van een andere akte die dezelfde kracht heeft, opgemaakt in de vorm voorgeschreven door de wet van de verzoekende Partij. Bij de aan de HR gezonden stukken van het geding bevindt zich weliswaar een stuk waarvan de Rb heeft vastgesteld dat het een kopie van een gescand aanhoudingsbevel is, doch niet enig stuk dat als origineel of authentiek afschrift in de zin van art. 12.2 EUV kan worden aangemerkt. De HR stelt de AG in de gelegenheid het dossier aan te vullen met een aanhoudingsbevel dat aan de verdragseis van art. 12.2 EUV voldoet en verwijst de zaak naar een toekomstige rolzitting. Conclusie AG: anders.
De Hoge Raad:
verwijst de zaak naar de rolzitting van 23 augustus 2016;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 5 juli 2016.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
5 juli 2016
Strafkamer
nr. S 16/00620 U
CB/EC
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van de Rechtbank Amsterdam van 8 december 2015, nummer 13/751664-15, op een verzoek van de Zwitserse Bondsstaat tot uitlevering van:
[de opgeëiste persoon], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1985.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de opgeëiste persoon. Namens deze heeft S.J. van der Woude, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2 Beoordeling van het tweede middel
Het middel klaagt over het oordeel van de Rechtbank dat het door de verzoekende Staat overgelegde bevel tot aanhouding voldoet aan de eisen van art. 12 Europees Verdrag betreffende uitlevering (hierna: EUV).
Ingevolge art. 12, tweede lid aanhef en onder a, EUV dient tot staving van het uitleveringsverzoek in een geval als het onderhavige te worden overgelegd het origineel of een authentiek afschrift van een bevel tot aanhouding of van een andere akte die dezelfde kracht heeft, opgemaakt in de vorm voorgeschreven door de wet van de verzoekende Partij.
Bij de aan de Hoge Raad gezonden stukken van het geding bevindt zich weliswaar een stuk waarvan de Rechtbank heeft vastgesteld dat het een kopie van een gescand aanhoudingsbevel is, doch niet enig stuk dat als het origineel of een authentiek afschrift in de zin van genoemde verdragsbepaling kan worden aangemerkt.
Alvorens verder te beslissen zal de Advocaat-Generaal in de gelegenheid worden gesteld het dossier aan te vullen met een aanhoudingsbevel dat aan voormelde verdragseis voldoet.
3 Beslissing
De Hoge Raad:
verwijst de zaak naar de rolzitting van 23 augustus 2016;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 5 juli 2016.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2016:592 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:RBAMS:2018:104 Rechtbank Amsterdam, 11 januari 2018 (internationaal publiekrecht)
- ECLI:NL:PHR:2017:212 Parket bij de Hoge Raad, 3 januari 2017 (strafrecht)
- ECLI:NL:HR:2016:2295 Hoge Raad, 11 oktober 2016 (strafrecht)
- ECLI:NL:PHR:2016:592 Parket bij de Hoge Raad, 14 juni 2016 (strafrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.