Uitspraak · Insolventierecht

Hoge Raad, 28 maart 2014

ECLI:NL:HR:2014:742Zaaknummer 13/02905

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
28 maart 2014
Publicatiedatum
28 maart 2014
Zaaknummer
13/02905
Rechtsgebied
Civiel recht, Insolventierecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken, Cassatie
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Faillissementsrecht. Art. 65 Curaçaosch Faillissementsbesluit 1931. Art. 128 Rv Curaçao. Verzoek crediteur van failliete vennootschap tot verbod om declaratie ten laste van de boedel te betalen. Onbegrijpelijk oordeel rechter-commissaris?

4 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.E. Drion, G. Snijders, G. de Groot en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 28 maart 2014.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Het geding in feitelijke instantie
  2. 2 Het geding in cassatie
  3. 4 Beslissing

28 maart 2014

Eerste Kamer

nr. 13/02905

EE

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

De vennootschap naar Zwitsers recht LEHMAN BROTHERS FINANCE S.A. (in liquidatie),gevestigd te Zürich, Zwitserland,

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. R.J. van Galen,

t e g e n

1. mr. M.R.B. GORSIRA,kantoorhoudende te Willemstad, Curaçao,

2. mr. R.F. VAN BEEMEN,kantoorhoudende te Amsterdam,

in hun hoedanigheid van curator in het faillissement van de vennootschap naar het recht van Curaçao Lehman Brothers Securities N.V.,

VERWEERDERS in cassatie,

advocaat: mr. D.M. de Knijff,

3. de vennootschap naar buitenlands recht DAVIDSON KEMPNER CAPITAL MANAGEMENT LLC,gevestigd te New York, New York, Verenigde Staten van Amerika,

4. de vennootschap naar buitenlands recht DEUTSCHE BANK AG,gevestigd te Frankfurt am Main, Duitsland,

VERWEERDERS in cassatie,

advocaten: mr. B.T.M. van der Wiel en mr. A. van Loon.

Verzoekster tot cassatie zal hierna ook worden aangeduid als LBF. Verweerders onder 1 en 2 zullen hierna ook worden aangeduid als de curatoren en verweersters onder 3 en 4 als, respectievelijk, DK en DB en gezamenlijk als DK/DB.

1 Het geding in feitelijke instantie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak E.J. no. 4 van 2009 van het Gerecht in Eerste Aanleg van Curaçao, van 3 juni 2013.

De beschikking van het gerecht is aan deze beschikking gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het gerecht heeft LBF beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De curatoren en DK/DB hebben verzocht het beroep te verwerpen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van LBF heeft bij brief van 14 februari 2014 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.E. Drion, G. Snijders, G. de Groot en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 28 maart 2014.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.