Uitspraak · Civiel recht
Hoge Raad, 14 februari 2014
ECLI:NL:HR:2014:335Zaaknummer 13/00354
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 14 februari 2014
- Publicatiedatum
- 14 februari 2014
- Zaaknummer
- 13/00354
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Contractenrecht. Aannemingsovereenkomst bouw kokermachine. Betekenis garantie productiesnelheid machine. Ontbinding contractueel uitgesloten? Bewijswaardering. Partijgetuigenverklaring. Tegenbewijsopdracht. Sluit garantie beroep op art. 7:760 BW uit? Deels toepassing art. 81 lid 1 RO. Nakosten (vgl. HR 19 maart 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL1116, NJ 2011/237)? Wettelijke rente op proceskosten in cassatie.
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Pack-O-Phane in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 6.118,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, te vermeerderen met de wettelijke rente over deze proceskosten vanaf veertien dagen na heden.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.A. Streefkerk, als voorzitter, G. Snijders en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 14 februari 2014.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
14 februari 2014
Eerste Kamer
nr. 13/00354
EV/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
TOTAL PACKAGING PRODUCTIONS B.V. als rechtsopvolgster onder algemene titel van Pack-O-Phane B.V.,gevestigd te Hoogerheide, gemeente Woensdrecht,
EISERES tot cassatie,
advocaten: mr. R.P.J.L. Tjittes en mr. M.A.M. Essed,
t e g e n
[verweerster],gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. A.C. van Schaick.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Pack-O-Phane en [verweerster].
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 164355/HA ZA 06-1458 van de rechtbank Breda van 19 december 2007, 12 november 2008 en 31 maart 2010;
b. de arresten in de zaak HD 200.068.637 van het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch van 15 november 2011 en 4 september 2012.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen de arresten van het hof van 15 november 2011 en 4 september 2012 heeft Pack-O-Phane beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[verweerster] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
Namens [verweerster] is aanspraak gemaakt op veroordeling van Pack-O-Phane in de kosten van het cassatieberoep, vermeerderd met de nakosten en de wettelijke rente vanaf twee weken na de datum van het arrest van de Hoge Raad.
Voor veroordeling in de nakosten bestaat geen grond, nu de kostenveroordeling ook voor deze nakosten een executoriale titel oplevert (vgl. HR 19 maart 2010, ECLI:NL:HR:2010:BL1116, NJ 2011/237).
De vordering tot veroordeling in de wettelijke rente over de proceskosten is, nu daartegen geen verweer is gevoerd, toewijsbaar als na te melden.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Pack-O-Phane in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 6.118,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, te vermeerderen met de wettelijke rente over deze proceskosten vanaf veertien dagen na heden.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.A. Streefkerk, als voorzitter, G. Snijders en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 14 februari 2014.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2013:1834 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
- ECLI:NL:GHSHE:2012:BX6401 http://psi.rechtspraak.nl/cassatie
Deze uitspraak verwijst naar
Aangehaald in
- ECLI:NL:RBOBR:2023:4786 Rechtbank Oost-Brabant, 29 september 2023 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBDHA:2023:11653 Rechtbank Den Haag, 12 juli 2023 (ondernemingsrecht)
- ECLI:NL:RBDHA:2023:4851 Rechtbank Den Haag, 5 april 2023 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBDHA:2023:842 Rechtbank Den Haag, 22 februari 2023 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBDHA:2023:1491 Rechtbank Den Haag, 25 januari 2023 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBDHA:2023:5704 Rechtbank Den Haag, 25 januari 2023 (burgerlijk procesrecht)
- ECLI:NL:RBDHA:2023:486 Rechtbank Den Haag, 18 januari 2023 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBDHA:2023:488 Rechtbank Den Haag, 18 januari 2023 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBDHA:2023:931 Rechtbank Den Haag, 18 januari 2023 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBDHA:2023:184 Rechtbank Den Haag, 11 januari 2023 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBDHA:2023:33 Rechtbank Den Haag, 4 januari 2023 (intellectueel-eigendomsrecht)
- ECLI:NL:RBDHA:2022:14272 Rechtbank Den Haag, 28 december 2022 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBDHA:2022:15051 Rechtbank Den Haag, 28 december 2022 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:GHSHE:2022:4587 Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 22 december 2022 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBDHA:2022:13375 Rechtbank Den Haag, 21 december 2022 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBDHA:2022:14595 Rechtbank Den Haag, 21 december 2022 (civiel recht)
- ECLI:NL:GHSHE:2022:2654 Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 28 juli 2022 (arbeidsrecht)
- ECLI:NL:GHSHE:2022:2024 Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 23 juni 2022 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2022:2021 Rechtbank Rotterdam, 18 maart 2022 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2022:870 Rechtbank Rotterdam, 4 februari 2022 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2021:12456 Rechtbank Rotterdam, 10 december 2021 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2021:11730 Rechtbank Rotterdam, 5 november 2021 (arbeidsrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2021:11468 Rechtbank Rotterdam, 8 oktober 2021 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2021:9678 Rechtbank Rotterdam, 8 september 2021 (arbeidsrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2021:10665 Rechtbank Rotterdam, 6 augustus 2021 (arbeidsrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2021:7788 Rechtbank Rotterdam, 15 juli 2021 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2021:7789 Rechtbank Rotterdam, 9 juli 2021 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2021:6447 Rechtbank Rotterdam, 21 mei 2021 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2021:4084 Rechtbank Rotterdam, 23 april 2021 (arbeidsrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2021:3757 Rechtbank Rotterdam, 2 april 2021 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2021:2927 Rechtbank Rotterdam, 31 maart 2021 (arbeidsrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2021:744 Rechtbank Rotterdam, 29 januari 2021 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2021:746 Rechtbank Rotterdam, 29 januari 2021 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBMNE:2020:6025 Rechtbank Midden-Nederland, 2 december 2020 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2020:11570 Rechtbank Rotterdam, 20 november 2020 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2020:11659 Rechtbank Rotterdam, 13 november 2020 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2020:9845 Rechtbank Rotterdam, 23 oktober 2020 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2020:9738 Rechtbank Rotterdam, 2 oktober 2020 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2020:8072 Rechtbank Rotterdam, 21 augustus 2020 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2020:8074 Rechtbank Rotterdam, 20 augustus 2020 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2020:8451 Rechtbank Rotterdam, 13 augustus 2020 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2020:7175 Rechtbank Rotterdam, 7 augustus 2020 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2020:8450 Rechtbank Rotterdam, 7 augustus 2020 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2020:3866 Rechtbank Rotterdam, 24 april 2020 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2020:3386 Rechtbank Rotterdam, 10 april 2020 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2020:3367 Rechtbank Rotterdam, 13 maart 2020 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2020:3368 Rechtbank Rotterdam, 13 maart 2020 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2020:443 Rechtbank Rotterdam, 22 januari 2020 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2019:5820 Rechtbank Rotterdam, 17 juli 2019 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2019:868 Rechtbank Rotterdam, 6 februari 2019 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2019:569 Rechtbank Rotterdam, 28 januari 2019 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2018:9495 Rechtbank Rotterdam, 16 november 2018 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2018:11010 Rechtbank Rotterdam, 8 november 2018 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBNHO:2018:10058 Rechtbank Noord-Holland, 31 oktober 2018 (intellectueel-eigendomsrecht)
- ECLI:NL:GHSHE:2018:1206 Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 20 maart 2018 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBROT:2017:2183 Rechtbank Rotterdam, 22 maart 2017 (arbeidsrecht)
- ECLI:NL:GHSHE:2015:3591 Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 15 september 2015 (verbintenissenrecht)
- ECLI:NL:RBDHA:2015:3324 Rechtbank Den Haag, 25 maart 2015 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBDHA:2015:2848 Rechtbank Den Haag, 18 maart 2015 (civiel recht)
- ECLI:NL:RBDHA:2015:1087 Rechtbank Den Haag, 4 februari 2015 (civiel recht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.