Uitspraak · Strafrecht

Hoge Raad, 2 april 2013

ECLI:NL:HR:2013:CA0839Zaaknummer CPG 11/02508

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
2 april 2013
Publicatiedatum
17 juni 2019
Zaaknummer
CPG 11/02508
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Cassatieberoep ingesteld vóór einduitspraak Hof ontvankelijk? Verdachte heeft op 28-3-2011 beroep in cassatie ingesteld tegen arrest Hof van 30-3-2011, waarbij verdachte n-o is verklaard in zijn h.b. Art. 432 Sv regelt binnen welke termijn "na de einduitspraak" beroep in cassatie moet worden ingesteld. Met bewoordingen van deze bepaling is niet verenigbaar dat vóór einduitspraak ingesteld beroep in cassatie ontvankelijk zou zijn. HR verklaart verdachte n-o.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer H.A.G. Splinter-van Kan als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en N. Jörg, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz en uitgesproken op 2 april 2013.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1 Geding in cassatie
  2. 2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
  3. 3 Beslissing

2 april 2013

Strafkamer

nr. S 11/02508

AGE/RZ

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 30 maart 2011, nummer 20/001844-10, in de strafzaak tegen:

[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1948.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. J.Y. Taekema, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld.

De Advocaat-Generaal Vellinga heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de verdachte in zijn beroep.

De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

De verdachte heeft op 28 maart 2011 beroep in cassatie ingesteld tegen een einduitspraak van 30 maart 2011.

Art. 432 Sv regelt binnen welke termijn "na de einduitspraak" het beroep in cassatie moet worden ingesteld. Met de bewoordingen van deze bepaling is niet verenigbaar dat een vóór de einduitspraak ingesteld beroep in cassatie ontvankelijk zou zijn.

De verdachte kan derhalve in het beroep niet worden ontvangen.

3 Beslissing

De Hoge Raad verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadsheer H.A.G. Splinter-van Kan als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en N. Jörg, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz en uitgesproken op 2 april 2013.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.