Uitspraak · Civiel recht
Hoge Raad, 18 november 2011
ECLI:NL:HR:2011:BU4965Zaaknummer 11/03252
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 18 november 2011
- Publicatiedatum
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 11/03252
- Rechtsgebied
- Civiel recht
- Procedure
- Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Cassatie. Niet-ontvankelijkheid in verband met verstrijken cassatietermijn; art. 292 lid 5 in verbinding met lid 3 F.
De Hoge Raad:
verklaart [verzoeker] niet-ontvankelijk in zijn beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren F.B. Bakels, als voorzitter, W.D.H. Asser en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 18 november 2011.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
18 november 2011
Eerste Kamer
nr. 11/03252
DV/IF
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.W. de Water.
Verzoeker zal hierna ook worden aangeduid als [verzoeker].
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 391984/FT-RK 11-1030 van de rechtbank 's-Gravenhage van 19 mei 2011,
b. het arrest in de zaak 200.088.114/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 5 juli 2011.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot niet-ontvankelijkheid van het cassatieberoep.
3. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
Ingevolge art. 292 lid 5 in verbinding met lid 3 F. kan tegen het onder 2 aangeduide arrest beroep in cassatie worden ingesteld binnen acht dagen, te rekenen van de dag van de uitspraak. De cassatietermijn verstreek in het onderhavige geval op 13 juli 2011. Het verzoekschrift is op 19 juli 2011 ter griffie van de Hoge Raad ingekomen, zodat het cassatieberoep te laat is ingesteld. [Verzoeker] zal derhalve in zijn beroep niet-ontvankelijk worden verklaard.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verklaart [verzoeker] niet-ontvankelijk in zijn beroep.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren F.B. Bakels, als voorzitter, W.D.H. Asser en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 18 november 2011.
Samenhangende uitspraken
- ECLI:NL:PHR:2011:BU4965 http://psi.rechtspraak.nl/conclusie
Aangehaald in
- ECLI:NL:PHR:2011:BU4965 Parket bij de Hoge Raad, 18 november 2011 (civiel recht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.