Uitspraak · Civiel recht

Hoge Raad, 1 februari 2008

ECLI:NL:HR:2008:BC1850Zaaknummer C06/266HR

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
1 februari 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
C06/266HR
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Cassatie
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Huur. Geschil over (de totstandkoming van) een huurovereenkomst voorzien van koopoptie (81 RO).

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A. Hammerstein en J.C. van Oven, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 1 februari 2008.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. 1. Het geding in feitelijke instanties
  2. 2. Het geding in cassatie
  3. 3. Beoordeling van de middelen
  4. 4. Beslissing

1 februari 2008

Eerste Kamer

Nr. C06/266HR

MK/JMH

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiseres],

gevestigd te [vestigingsplaats],

EISERES tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen,

t e g e n

[Verweerder],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en [verweerder].

1. Het geding in feitelijke instanties

[Verweerder] heeft bij exploot [eiseres] gedagvaard voor de kantonrechter te Eindhoven en gevorderd, kort gezegd, [eiseres] te veroordelen mede te werken aan het transport van het in de inleidende dagvaarding nader omschreven pand, onder verplichting van [verweerder] tot betaling van de vastgestelde koopsom, een en ander op straffe van verbeurte van een dwangsom en [eiseres] te veroordelen om aan [verweerder] te betalen een bedrag van € 7.535,04, met rente en kosten.

[Eiseres] heeft de vordering bestreden.

De kantonrechter heeft bij vonnis van 2 september 2004 de vordering afgewezen.

Tegen dit vonnis heeft [verweerder] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch. [Eiseres] heeft voorwaardelijk incidenteel hoger beroep ingesteld.

Bij arrest van 10 januari 2006 heeft het hof het vonnis van de kantonrechter vernietigd en, opnieuw rechtdoende, de vordering van [verweerder] grotendeels toegewezen.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen [verweerder] is verstek verleend.

De zaak is voor [eiseres] toegelicht door haar advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping van het beroep.

De advocaat van [eiseres] heeft op 7 december 2007 schriftelijk op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A. Hammerstein en J.C. van Oven, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 1 februari 2008.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Samenhangende uitspraken

Aangehaald in

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.