Uitspraak · Belastingrecht
Hoge Raad, 20 september 2000
ECLI:NL:HR:2000:AA7148Zaaknummer 34604
- Instantie
- Hoge Raad
- Datum uitspraak
- 20 september 2000
- Publicatiedatum
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- 34604
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Belastingrecht
- Procedure
- Cassatie
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
-
De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het Hof behoudens de beslissing omtrent het griffierecht, en
- bevestigt de uitspraak van B en W.
Dit arrest is op 20 september 2000 vastgesteld door de vice-president E. Korthals Altes als voorzitter, en de raadsheren G.J. Zuurmond, A.G. Pos, D.H. Beukenhorst en L. Monné, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier I. de Bruin, en op die datum in het openbaar uitgesproken.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
Nr. 34604
20 september 2000
gewezen op het beroep in cassatie van de Gemeente Meppel tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Leeuwarden van 10 juli 1998 betreffende de van de stichting Stichting X te Z wegens de verlening van na te melden administratieve dienst geheven leges.
1. Heffing, bezwaar en geding voor het Hof
Van belanghebbende is bij schriftelijke kennisgeving, gedagtekend 6 juni 1997, ter zake van het in kopie vertrekken van stukken een bedrag van f 27,-- aan leges geheven, welk bedrag, na daartegen gemaakt bezwaar, bij uitspraak van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Meppel (hierna: B en W) is gehandhaafd.
Belanghebbende is van de uitspraak van B en W in beroep gekomen bij het Hof.
Het Hof heeft die uitspraak alsmede de schriftelijke kennisgeving vernietigd. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Geding in cassatie
B en W hebben tegen de uitspraak van het Hof beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Belanghebbende heeft een vertoogschrift ingediend.
3. Beoordeling van het middel
3.1. De onderwerpelijke leges zijn geheven ter zake van de toezending aan belanghebbende, op een door haar ten behoeve van een cliënt gedaan verzoek, van kopieën van stukken welke in een bijstandsprocedure op grond van artikel 7:4, lid 2, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) ter inzage waren gelegd. Het Hof heeft geoordeeld dat op B en W ingevolge artikel 6:17 Awb de plicht rustte deze stukken kosteloos aan belanghebbende in haar hoedanigheid van gemachtigde toe te zenden.
3.2. Het middel bestrijdt dit oordeel terecht. Artikel 7:4, lid 4, Awb staat een bestuursorgaan immers toe om ter zake van het aan belanghebbenden verstrekken van afschriften van stukken welke in een bezwaarprocedure op grond van het tweede lid van dat artikel ter inzage worden gelegd, een vergoeding in rekening te brengen van ten hoogste de kosten, en onder het verstrekken van afschriften aan belanghebbenden moet hier, anders dan het Hof heeft gemeend, worden begrepen het verstrekken van afschriften aan gemachtigden van belanghebbenden. Het bepaalde in artikel 6:17 Awb doet hieraan niet af omdat dat artikel alleen, voor het geval er een gemachtigde is, regelt aan wie stukken moeten worden gezonden, niet welke stukken moeten worden gezonden, en evenmin een regeling behelst omtrent vergoeding van kosten welke het voldoen aan die verplichting met zich brengt.
3.3. 's Hofs uitspraak kan niet in stand blijven. De verschuldigdheid van leges is voor het Hof niet op een andere grond dan de hiervoor ondeugdelijk bevonden grond bestreden. De Hoge Raad kan de zaak afdoen.
4. Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten als bedoeld in artikel 5a van de Wet administratieve rechtspraak belastingzaken.
5. Beslissing
De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het Hof behoudens de beslissing omtrent het griffierecht, en
- bevestigt de uitspraak van B en W.
Dit arrest is op 20 september 2000 vastgesteld door de vice-president E. Korthals Altes als voorzitter, en de raadsheren G.J. Zuurmond, A.G. Pos, D.H. Beukenhorst en L. Monné, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier I. de Bruin, en op die datum in het openbaar uitgesproken.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Aangehaald in
- ECLI:NL:GHDHA:2026:417 Gerechtshof Den Haag, 18 februari 2026 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:973 Gerechtshof Den Haag, 21 mei 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:899 Gerechtshof Den Haag, 8 mei 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:1087 Gerechtshof Den Haag, 1 mei 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:2779 Gerechtshof Den Haag, 30 april 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:788 Gerechtshof Den Haag, 24 april 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:1054 Gerechtshof Den Haag, 15 april 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:1055 Gerechtshof Den Haag, 15 april 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:754 Gerechtshof Den Haag, 10 april 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:1695 Gerechtshof Den Haag, 8 april 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:1694 Gerechtshof Den Haag, 20 maart 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:2778 Gerechtshof Den Haag, 20 maart 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:1693 Gerechtshof Den Haag, 13 maart 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:535 Gerechtshof Den Haag, 13 maart 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:412 Gerechtshof Den Haag, 6 maart 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:414 Gerechtshof Den Haag, 6 maart 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:697 Gerechtshof Den Haag, 6 maart 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:429 Gerechtshof Den Haag, 4 februari 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:430 Gerechtshof Den Haag, 4 februari 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:432 Gerechtshof Den Haag, 4 februari 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:132 Gerechtshof Den Haag, 16 januari 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:128 Gerechtshof Den Haag, 14 januari 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:31 Gerechtshof Den Haag, 14 januari 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:32 Gerechtshof Den Haag, 14 januari 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:163 Gerechtshof Den Haag, 9 januari 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2025:98 Gerechtshof Den Haag, 9 januari 2025 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2024:537 Gerechtshof Den Haag, 21 maart 2024 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2024:586 Gerechtshof Den Haag, 21 maart 2024 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2024:405 Gerechtshof Den Haag, 9 januari 2024 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2024:406 Gerechtshof Den Haag, 9 januari 2024 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2024:65 Gerechtshof Den Haag, 9 januari 2024 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2023:2194 Gerechtshof Den Haag, 24 oktober 2023 (belastingrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2023:10183 Rechtbank Rotterdam, 9 oktober 2023 (belastingrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2023:10184 Rechtbank Rotterdam, 9 oktober 2023 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2023:1984 Gerechtshof Den Haag, 21 september 2023 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2023:1985 Gerechtshof Den Haag, 21 september 2023 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2023:1987 Gerechtshof Den Haag, 21 september 2023 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2023:2213 Gerechtshof Den Haag, 21 september 2023 (belastingrecht)
- ECLI:NL:RBROT:2023:5497 Rechtbank Rotterdam, 27 juni 2023 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2023:1001 Gerechtshof Den Haag, 4 mei 2023 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHDHA:2023:1002 Gerechtshof Den Haag, 4 mei 2023 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHAMS:2022:2341 Gerechtshof Amsterdam, 9 augustus 2022 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHAMS:2022:2342 Gerechtshof Amsterdam, 9 augustus 2022 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHAMS:2022:1433 Gerechtshof Amsterdam, 15 maart 2022 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHAMS:2022:1434 Gerechtshof Amsterdam, 15 maart 2022 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHAMS:2022:763 Gerechtshof Amsterdam, 8 maart 2022 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHAMS:2022:499 Gerechtshof Amsterdam, 22 februari 2022 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHARL:2021:7246 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 27 juli 2021 (belastingrecht)
- ECLI:NL:GHAMS:2018:1474 Gerechtshof Amsterdam, 3 mei 2018 (belastingrecht)
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.