Uitspraak · Strafrecht

Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 8 juli 2021

ECLI:NL:GHSHE:2021:3897Zaaknummer 20-002663-18

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
8 juli 2021
Publicatiedatum
10 maart 2022
Zaaknummer
20-002663-18
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Hoger beroep
Zittingsplaats
's-Hertogenbosch
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Gepubliceerd in verband met het ingesteld cassatieberoep.

Het hof:

verklaart het door de verdachte ingestelde hoger beroep niet-ontvankelijk.

Aldus gewezen door:

mr. K. van der Meijde, voorzitter,

mr. S. Riemens en mr. drs. M.C.C. van de Schepop, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. J.P.T.G. van den Uithoorn, griffier,

en op 8 juli 2021 ter openbare terechtzitting uitgesproken.

Mr. drs. Van de Schepop voornoemd is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
  2. 's-Hertogenbosch
  3. BESLISSING

Parketnummer: 20-002663-18

Uitspraak: 8 juli 2021

VERSTEK (dnip)

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond, van 6 juli 2018 met parketnummer 03-037461-18, alsmede de van dat vonnis deel uitmakende beslissing op de vordering tot tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde voorwaardelijke straf onder parketnummer 01-845273-16, in de strafzaak tegen:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1970,

wonende te [adres].

Hoger beroep

Bij vonnis waarvan beroep is de verdachte door de politierechter ter zake van ‘diefstal’ (telkens feit 1 en feit 2) veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 weken. Voorts heeft de politierechter de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tot tenuitvoerlegging met parketnummer 01-845273-16.

Namens de verdachte is tegen dit vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de verdachte niet-ontvankelijk zal verklaren in zijn hoger beroep omdat hij geen grieven kenbaar heeft gemaakt tegen het vonnis van de politierechter.

Ontvankelijkheid van het hoger beroep

Het hof is van oordeel dat het door de verdachte ingestelde hoger beroep niet-ontvankelijk dient te worden verklaard, nu de verdachte geen schriftuur houdende grieven heeft ingediend noch mondeling (of via een gemachtigd advocaat) bezwaren tegen het vonnis heeft opgegeven en het hof niet van oordeel is dat de strafzaak desalniettemin onderzocht dient te worden. Daarom zal het hof toepassing geven aan het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering en het door de verdachte ingestelde hoger beroep niet-ontvankelijk verklaren.

BESLISSING

Het hof:

verklaart het door de verdachte ingestelde hoger beroep niet-ontvankelijk.

Aldus gewezen door:

mr. K. van der Meijde, voorzitter,

mr. S. Riemens en mr. drs. M.C.C. van de Schepop, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. J.P.T.G. van den Uithoorn, griffier,

en op 8 juli 2021 ter openbare terechtzitting uitgesproken.

Mr. drs. Van de Schepop voornoemd is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.