Uitspraak · Strafrecht

Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 11 december 2020

ECLI:NL:GHSHE:2020:4188Zaaknummer 20-003304-19

Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
11 december 2020
Publicatiedatum
29 april 2021
Zaaknummer
20-003304-19
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Hoger beroep
Zittingsplaats
's-Hertogenbosch
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

gepubliceerd in verband met ingesteld cassatieberoep

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 (vier) weken.

Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Gelast de tenuitvoerlegging van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Oost-Brabant van 9 februari 2017, parketnummer 96-026560-16, te weten van:

gevangenisstraf voor de duur van 2 (twee) weken.

Dit arrest is mondeling gewezen door mr. C.P.J. Scheele.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 11 december 2020.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Parketnummer: 20-003304-19
  2. [verdachte]
  3. BESLISSING

Parketnummer: 20-003304-19

Uitspraak : 11 december 2020

TEGENSPRAAK

Arrest van de enkelvoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof, gewezen op het beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Oost-Brabant, zittingslocatie ’s-Hertogenbosch van 14 augustus 2018, in de strafzaak onder parketnummer 96-082889-18 tegen:

[verdachte]

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1969,

wonende te [adres].

Kwalificatie

Het bewezenverklaarde levert op:

overtreding van artikel 9, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994.

Toegepaste wetsartikelen

De beslissing is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 9 en 176 van de Wegenverkeerswet 1994, zoals deze ten tijde van het bewezenverklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van het wijzen van dit arrest rechtens gelden.

Gepleegd op 8 april 2018 te Rosmalen, gemeente 's-Hertogenbosch.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 (vier) weken.

Bepaalt dat de gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Gelast de tenuitvoerlegging van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Oost-Brabant van 9 februari 2017, parketnummer 96-026560-16, te weten van:

gevangenisstraf voor de duur van 2 (twee) weken.

Dit arrest is mondeling gewezen door mr. C.P.J. Scheele.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 11 december 2020.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.