Uitspraak · Strafrecht

Gerechtshof 's-Gravenhage, 7 september 2005

ECLI:NL:GHSGR:2005:AU2870Zaaknummer 2200232905

Instantie
Gerechtshof 's-Gravenhage
Datum uitspraak
7 september 2005
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
2200232905
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Hoger beroep
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Artikel 10.16 lid 1 Telecommunicatiewet. Vrijspraak. Naar het oordeel van het hof is niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan de verdachte is tenlastegelegd. In het bijzonder is niet bewezen dat hij het betreffende radiozendapparaat geheel of gedeeltelijk aangelegd aanwezig heeft gehad, dan wel heeft aangelegd of gebruikt. De verdachte dient derhalve - overeenkomstig de vordering van de advocaat-generaal - van het tenlastegelegde te worden vrijgesproken.

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.

Verklaart niet bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Gelast de teruggave van 1 radiozendapparaat, kleur oranje, ACR rlb-23e aan de verdachte.

Dit arrest is gewezen door mrs. J.M. Reinking,

A.L.J. van Strien en A.V. van den Berg, in bijzijn van de griffier mr M.C. Erskine.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 7 september 2005.

Volledige tekst

Rolnummer: 22-002329-05

Parketnummer: 12-035283-04

Datum uitspraak: 7 september 2005

TEGENSPRAAK

Gerechtshof te 's-Gravenhage

economische kamer

Arrest

gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de economische politierechter in de rechtbank te Middelburg van 25 maart 2005 in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte]

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van dit hof van 7 september 2005.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is tenlastegelegd hetgeen vermeld staat in de inleidende dagvaarding, waarvan een kopie in dit arrest is gevoegd.

Procesgang

In eerste aanleg is de verdachte terzake van het tenlastegelegde veroordeeld tot een geldboete van

EUR 250,-, subsidiair vijf dagen hechtenis, waarvan EUR 100,- voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren. Voorts is in eerste aanleg een beslissing genomen omtrent het in beslag genomen goed, als nader in het vonnis omschreven.

De verdachte heeft tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.

Het vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven omdat het hof zich daarmee niet verenigt.

Vrijspraak

Naar het oordeel van het hof is niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan de verdachte is tenlastegelegd. In het bijzonder is niet bewezen dat hij het betreffende radiozendapparaat geheel of gedeeltelijk aangelegd aanwezig heeft gehad, dan wel heeft aangelegd of gebruikt. De verdachte dient derhalve - overeenkomstig de vordering van de advocaat-generaal - van het tenlastegelegde te worden vrijgesproken.

Beslag

Ten aanzien van het inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerp, zoals vermeld op de in kopie aan dit arrest gehechte lijst van inbeslaggenomen voorwerpen, zal het hof de teruggave gelasten aan de verdachte.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.

Verklaart niet bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Gelast de teruggave van 1 radiozendapparaat, kleur oranje, ACR rlb-23e aan de verdachte.

Dit arrest is gewezen door mrs. J.M. Reinking,

A.L.J. van Strien en A.V. van den Berg, in bijzijn van de griffier mr M.C. Erskine.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 7 september 2005.

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.