Uitspraak · Strafrecht

Gerechtshof Den Haag, 2 april 2026

ECLI:NL:GHDHA:2026:1221Zaaknummer 22-003989-24

Instantie
Gerechtshof Den Haag
Datum uitspraak
2 april 2026
Publicatiedatum
28 april 2026
Zaaknummer
22-003989-24
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Hoger beroep
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Geen grieven ingediend en niet verschenen; verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.

Het hof:

Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.

Dit arrest is gewezen door mr. V.M. de Winkel, mr. J.P.L.M. Remmerswaal en

mr. A. de Lange, in bijzijn van de griffier mr. A.M. Grasman.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 2 april 2026.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Procesgang
  2. De vordering van de advocaat-generaal
  3. Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
  4. BESLISSING

Rolnummer: 22-003989-24

Parketnummers: 10-236581-24, 10-081143-24, 10-112719-23 en 10-265901-24

Datum uitspraak: 2 april 2026

VERSTEK

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Den Haag gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 13 november 2024 in de strafzaak tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] ( [geboorteland]) op [geboortedatum] 1985,

adres: [woonadres], [woonplaats].

Procesgang

In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het bij parketnummers 10-236581-24,

10-081143-24, 10-112719-23 en 10-265901-24 tenlastegelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 maanden met aftrek van voorarrest. Voorts is er een beslissing genomen op de vordering van de benadeelde partij, zoals nader omschreven in het vonnis waarvan beroep.

Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.

De vordering van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft ter terechtzitting in hoger beroep van gevorderd dat de niet ter terechtzitting in hoger beroep verschenen verdachte niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het hoger beroep.

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

De verdachte heeft geen schriftuur met grieven tegen het vonnis ingediend. Evenmin heeft hij ter terechtzitting in hoger beroep mondeling bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Het hof ziet ambtshalve geen redenen voor een inhoudelijke behandeling van de zaak in hoger beroep. Daarom zal de verdachte, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, niet-ontvankelijk worden verklaard in het hoger beroep.

BESLISSING

Het hof:

Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.

Dit arrest is gewezen door mr. V.M. de Winkel, mr. J.P.L.M. Remmerswaal en

mr. A. de Lange, in bijzijn van de griffier mr. A.M. Grasman.

Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 2 april 2026.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.