Uitspraak · Strafrecht

Gerechtshof Amsterdam, 10 april 2026

ECLI:NL:GHAMS:2026:2223Zaaknummer 23-001747-25

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
10 april 2026
Publicatiedatum
14 augustus 2026
Zaaknummer
23-001747-25
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Hoger beroep
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

AMA

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Ten aanzien van het onder 1 bewezenverklaarde

Veroordeelt de verdachte tot een geldboete van € 700,00 (zevenhonderd euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 7 (zeven) dagen hechtenis.

Ten aanzien van het onder 2 bewezenverklaarde

Veroordeelt de verdachte tot een geldboete van € 930,00 (negenhonderddertig euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 9 (negen) dagen hechtenis.

Bepaalt dat de geldboete niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Ontzegt de verdachte ter zake van het onder 2 bewezenverklaarde de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 59 (negenenvijftig) dagen.

Bepaalt dat de tijd, gedurende welke het rijbewijs van de verdachte ingevolge artikel 164 van de Wegenverkeerswet 1994 vóór het tijdstip, waarop deze uitspraak voor wat betreft de in artikel 179 van die wet genoemde bijkomende straf voor tenuitvoerlegging vatbaar is geworden, ingevorderd of ingehouden is geweest, op de duur van bovengenoemde bijkomende straf geheel in mindering zal worden gebracht.

Ten aanzien van het onder 3 bewezenverklaarde

Veroordeelt de verdachte tot een geldboete van € 1.000,00 (duizend euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 10 (tien) dagen hechtenis.

Gewezen door mr. A.W.T. Klappe, in bijzijn van mrs. N.R.H. Marsera en P.E. de Wildt, griffiers.

mr. A.W.T. Klappe

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Kwalificatie van het bewezenverklaarde
  2. Toepasselijke wettelijke voorschriften
  3. BESLISSING

afdeling strafrecht

parketnummer eerste aanleg: 96-069612-25

parketnummer hoger beroep: 23-001747-25

TEGENSPRAAK

Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 10 april 2026 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 7 juli 2025 in de zaak tegen de verdachte:

naam: [verdachte]

voornamen: [verdachte]

geboren: op [geboortedag] 1973 te [geboorteplaats] ( [geboorteland])

adres: [adres].

Kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het onder 1 bewezenverklaarde levert op:

overtreding van artikel 8, tweede lid, onderdeel a van de Wegenverkeerswet 1994 (480 microgram).

Het onder 2 bewezenverklaarde levert op:

overtreding van het bepaalde bij artikel 62, bord A 1 van bijlage I, van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990.

Het onder 3 bewezenverklaarde levert op:

overtreding van artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994.

gepleegdfeit 1:op 4 maart 2025 te Ouderkerk aan de Amstel, gemeente Ouder-Amstel;feit 2:op 4 maart 2025 te Ouderkerk aan de Amstel, gemeente Ouder-Amstel;feit 3:op 4 maart 2025 te Ouderkerk aan de Amstel, gemeente Ouder-Amstel.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 62 en 92 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, de artikelen 14a, 14b, 14c, 23, 24, 24c en 62 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 5, 8, 176, 177 en 179 van de Wegenverkeerswet 1994.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Ten aanzien van het onder 1 bewezenverklaarde

Veroordeelt de verdachte tot een geldboete van € 700,00 (zevenhonderd euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 7 (zeven) dagen hechtenis.

Ten aanzien van het onder 2 bewezenverklaarde

Veroordeelt de verdachte tot een geldboete van € 930,00 (negenhonderddertig euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 9 (negen) dagen hechtenis.

Bepaalt dat de geldboete niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Ontzegt de verdachte ter zake van het onder 2 bewezenverklaarde de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 59 (negenenvijftig) dagen.

Bepaalt dat de tijd, gedurende welke het rijbewijs van de verdachte ingevolge artikel 164 van de Wegenverkeerswet 1994 vóór het tijdstip, waarop deze uitspraak voor wat betreft de in artikel 179 van die wet genoemde bijkomende straf voor tenuitvoerlegging vatbaar is geworden, ingevorderd of ingehouden is geweest, op de duur van bovengenoemde bijkomende straf geheel in mindering zal worden gebracht.

Ten aanzien van het onder 3 bewezenverklaarde

Veroordeelt de verdachte tot een geldboete van € 1.000,00 (duizend euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 10 (tien) dagen hechtenis.

Gewezen door mr. A.W.T. Klappe, in bijzijn van mrs. N.R.H. Marsera en P.E. de Wildt, griffiers.

mr. A.W.T. Klappe

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.