Uitspraak · Strafrecht

Gerechtshof Amsterdam, 8 oktober 2025

ECLI:NL:GHAMS:2025:2839Zaaknummer 23-000343-25

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
8 oktober 2025
Publicatiedatum
27 oktober 2025
Zaaknummer
23-000343-25
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Hoger beroep
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.

Het hof:

Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. B.A.A. Postma, mr. M.L.M. van der Voet en mr. M.T.C. de Vries, in tegenwoordigheid van mr. M. Boelens, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 8 oktober 2025.

De griffier is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Onderzoek ter terechtzitting
  2. Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep
  3. BESLISSING

afdeling strafrecht

parketnummer: 23-000343-25

datum uitspraak: 8 oktober 2025

TEGENSPRAAK (na aanhouding verdachte en raadsman niet verschenen)

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 4 februari 2025 in de strafzaak onder parketnummer

13-348465-24 tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1992,

adres: [adres].

Onderzoek ter terechtzitting

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 8 oktober 2025.

Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, inhoudende dat de verdachte niet-ontvankelijk wordt verklaard in het ingestelde hoger beroep.

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep is op 17 juni 2025 aangevangen en geschorst. Blijkens de akte intrekken hoger beroep van 2 oktober 2025 wenst de verdachte het hoger beroep niet te handhaven, zodat hij geacht moet worden de eerder tegen het vonnis opgegeven bezwaren in te trekken. Nu ook overigens niet is gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig nader onderzoek van de zaak, en gelet op het standpunt van de advocaat-generaal daaromtrent, zal de verdachte gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, niet-ontvankelijk worden verklaard in het ingestelde hoger beroep.

BESLISSING

Het hof:

Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. B.A.A. Postma, mr. M.L.M. van der Voet en mr. M.T.C. de Vries, in tegenwoordigheid van mr. M. Boelens, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 8 oktober 2025.

De griffier is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.