Uitspraak · Strafrecht
Gerechtshof Amsterdam, 12 april 2023
ECLI:NL:GHAMS:2023:3767Zaaknummer 23-002083-22
- Instantie
- Gerechtshof Amsterdam
- Datum uitspraak
- 12 april 2023
- Publicatiedatum
- 1 oktober 2024
- Zaaknummer
- 23-002083-22
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Hoger beroep
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Bevestiging vonnis, met uitzondering van aan voorwaardelijke straf gekoppelde bijzondere voorwaarden en van de duur van de proeftijd.
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de opgelegde bijzondere voorwaarden en de proeftijd die aan het voorwaardelijke deel van de opgelegde gevangenisstraf is verbonden en doet in zoverre opnieuw recht.
Verbindt aan het voorwaardelijke deel van de opgelegde gevangenisstraf een proeftijd, die wordt gesteld op 1 jaar.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige, met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Den Haag, zitting houdende te Amsterdam, waarin zitting hadden mr. W.S. Ludwig, mr. N. van der Wijngaart en mr. L.F. Roseval, in tegenwoordigheid van mr. S.K. van Eck, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 12 april 2023.
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-002083-22
datum uitspraak: 12 april 2023
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsvrouw)
Arrest van het gerechtshof Den Haag, zitting houdende te Amsterdam, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Rotterdam van 17 mei 2021 in de gevoegde strafzaken onder de parketnummers 10-711019-20 en 10-702003-21 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] ([geboorteland]) op [geboortedag] 1986,
adres: [adres].
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 29 maart 2023 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de raadsvrouw ter terechtzitting naar voren heeft gebracht.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen, behalve ten aanzien van de opgelegde bijzondere voorwaarden, welke het hof niet aan de voorwaardelijke straf zal verbinden en, gelet op het tijdsverloop, van de duur van de aan de voorwaardelijk opgelegde straf verbonden proeftijd. Deze zal worden gesteld op 1 jaar. In zoverre zal het vonnis worden vernietigd.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de opgelegde bijzondere voorwaarden en de proeftijd die aan het voorwaardelijke deel van de opgelegde gevangenisstraf is verbonden en doet in zoverre opnieuw recht.
Verbindt aan het voorwaardelijke deel van de opgelegde gevangenisstraf een proeftijd, die wordt gesteld op 1 jaar.
Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor het overige, met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Den Haag, zitting houdende te Amsterdam, waarin zitting hadden mr. W.S. Ludwig, mr. N. van der Wijngaart en mr. L.F. Roseval, in tegenwoordigheid van mr. S.K. van Eck, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 12 april 2023.
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.