Uitspraak · Strafrecht
Gerechtshof Amsterdam, 5 december 2023
ECLI:NL:GHAMS:2023:3556Zaaknummer 23-000910-23
- Instantie
- Gerechtshof Amsterdam
- Datum uitspraak
- 5 december 2023
- Publicatiedatum
- 5 januari 2024
- Zaaknummer
- 23-000910-23
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Hoger beroep
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Overtreding van art. 9 lid 7 Wegenverkeerswet 1994. Taakstraf voor de duur van 30 uren en afwjizing vordering tenuitvoerlegging.
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 30 (dertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 15 (vijftien) dagen hechtenis.
Wijst af de vordering van de officier van justitie van het Parket OVJ Noord-Holland van 23 december 2022, strekkende tot tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 15 november 2019, parketnummer 15-037620-18, voorwaardelijk opgelegde taakstraf voor de duur van 60 uren subsidiair 30 dagen hechtenis, met een proeftijd voor de duur van 2 jaren.
Gewezen door mr. P.F.E. Geerlings, in bijzijn van T. Zikken, griffier.
mr. P.F.E. Geerlings
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
afdeling strafrecht
parketnummer(s) eerste aanleg: 96-085752-22 en 15-037620-18 (TUL)
parketnummer hoger beroep: 23-000910-23
TEGENSPRAAK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van
5 december 2023 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 17 maart 2023 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen:
geboren: op [geboortedag] 1978 te [geboorteplaats]
adres: [adres].
Kwalificatie van het bewezenverklaarde
Het bewezenverklaarde levert op:
overtreding van artikel 9, zevende lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
Gepleegd op 2 juli 2021 te Zuidoostbeemster, gemeente Beemster.
Toepasselijke wettelijke voorschriften
De artikelen 9, 22c, 22d en 63 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 9 en 176 van de Wegenverkeerswet 1994.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 30 (dertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 15 (vijftien) dagen hechtenis.
Wijst af de vordering van de officier van justitie van het Parket OVJ Noord-Holland van 23 december 2022, strekkende tot tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 15 november 2019, parketnummer 15-037620-18, voorwaardelijk opgelegde taakstraf voor de duur van 60 uren subsidiair 30 dagen hechtenis, met een proeftijd voor de duur van 2 jaren.
Gewezen door mr. P.F.E. Geerlings, in bijzijn van T. Zikken, griffier.
mr. P.F.E. Geerlings
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.