Uitspraak · Strafrecht
Gerechtshof Amsterdam, 15 maart 2022
ECLI:NL:GHAMS:2022:3774Zaaknummer 23-002575-21
- Instantie
- Gerechtshof Amsterdam
- Datum uitspraak
- 15 maart 2022
- Publicatiedatum
- 18 januari 2023
- Zaaknummer
- 23-002575-21
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Hoger beroep
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Veroordeling zaak A en B: telkens diefstal. Oplegging gevangenisstraf 4 weken, waarvan 2 weken voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren. Afwijzen TUL.
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 (vier) weken.
Bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot 2 (twee) weken, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Wijst af de vordering van de officier van justitie in het arrondissement te Amsterdam van 13 juni 2021, strekkende tot tenuitvoerlegging van de bij arrest van de enkelvoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam van 23 juli 2019, parketnummer 23-001538-18, voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf voor de duur van 1 week.
Gewezen door mr. H.A.G. Nijman, in bijzijn van mr. A. Ivanov, griffier.
mr. H.A.G. Nijman
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
afdeling strafrecht
parketnummers eerste aanleg: 13-153472-21 (zaak A) met 23-001538-18 (TUL) en 13-230503-21 (zaak B)
parketnummer hoger beroep: 23-002575-21
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 15 maart 2022 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 6 september 2021 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 1964 te [geboorteplaats]
postadres: [adres].
Kwalificatie van het bewezenverklaarde
Het in zaak A en in zaak B bewezenverklaarde levert op:
telkens:
diefstal.
gepleegd
in zaak A:op 12 juni 2021 te Amsterdam;
en in zaak B:op 27 augustus 2021 te Amsterdam;
Toepasselijke wettelijke voorschriften
de artikelen 14a, 14b, 14c, 57, 63 en 310 van het Wetboek van Strafrecht.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 (vier) weken.
Bepaalt dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot 2 (twee) weken, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van een proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Wijst af de vordering van de officier van justitie in het arrondissement te Amsterdam van 13 juni 2021, strekkende tot tenuitvoerlegging van de bij arrest van de enkelvoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam van 23 juli 2019, parketnummer 23-001538-18, voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf voor de duur van 1 week.
Gewezen door mr. H.A.G. Nijman, in bijzijn van mr. A. Ivanov, griffier.
mr. H.A.G. Nijman
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.