Uitspraak · Strafrecht
Gerechtshof Amsterdam, 24 november 2022
ECLI:NL:GHAMS:2022:3396Zaaknummer 23-001382-22
- Instantie
- Gerechtshof Amsterdam
- Datum uitspraak
- 24 november 2022
- Publicatiedatum
- 2 december 2022
- Zaaknummer
- 23-001382-22
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Hoger beroep
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Bevestiging vonnis. Vervoer lachgas. Hof vervangt strafoverweging.
Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Vernietigt de eerder uitgevaardigde strafbeschikking d.d. 25 mei 2021 onder CJIB nummer [nummer01].
Dit arrest is gewezen door de meervoudige economische kamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.P.M. van Rijn, mr. R.D. van Heffen en mr. A. Dantuma-Hieronymus, in tegenwoordigheid van mr. S. Geensen, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 24 november 2022.
mr. A. Dantuma-Hieronymus is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
=========================================================================
[…]
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-001382-22
datum uitspraak: 24 november 2022
TEGENSPRAAK
Arrest van de meervoudige economische kamer van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de economische politierechter in de rechtbank Amsterdam van 4 mei 2022 in de strafzaak onder parketnummer 81-130394-21 tegen:
[verdachte01],
geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 2000,
adres: [adres01].
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 10 november 2022 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de verdachte en de raadsman naar voren hebben gebracht.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen met dien verstande dat het hof de overweging van de politierechter omtrent de straf vervangt door hetgeen in dit arrest is vermeld onder de kop ‘Oplegging van straf’.
Oplegging van straf
De economische politierechter in de rechtbank Amsterdam heeft de verdachte voor het in eerste aanleg bewezenverklaarde veroordeeld tot een geldboete ter hoogte van € 750,-, te vervangen door 15 dagen hechtenis.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld tot een geldboete ter hoogte van € 750,- waarvan € 500,- voorwaardelijk.
De raadsman heeft ter terechtzitting in hoger beroep het hof verzocht de verdachte te straffen conform de eis van de advocaat-generaal. Hij heeft daartoe aangevoerd dat de verdachte openheid van zaken heeft gegeven en zijn verantwoordelijkheid heeft genomen voor zijn handelen.
Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan en gelet op de persoon van de verdachte. Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen.
De verdachte heeft vierenveertig cilinders gevuld met lachgas vervoerd, zonder de daarvoor gestelde regels en voorschriften in acht te nemen. De bepalingen neergelegd in en krachtens de Wet vervoer gevaarlijke stoffen beogen de veiligheid te waarborgen van het vervoer van gevaarlijke stoffen. Als distributeur van deze gevaarlijke stoffen is de verdachte verplicht de daarvoor gestelde voorschriften in acht te nemen en het ADR certificaat voor vervoer van gevaarlijke stoffen te behalen. Dat heeft hij opzettelijk nagelaten. Verdachte heeft slechts oog gehad voor zijn eigen geldelijk gewin. Het hof neemt in aanmerking dat de verdachte het lachgas bedrijfsmatig verspreidde en daarbij de geldende voorschriften bewust heeft genegeerd.
De omstandigheid dat de verdachte openheid van zaken heeft gegeven is voor het hof onvoldoende aanleiding de straf te matigen als door de advocaat gevorderd en bepleit door de verdediging.
Het hof acht, alles afwegende, een geldboete van € 750,- passend en geboden.
BESLISSING
Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Vernietigt de eerder uitgevaardigde strafbeschikking d.d. 25 mei 2021 onder CJIB nummer [nummer01].
Dit arrest is gewezen door de meervoudige economische kamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.P.M. van Rijn, mr. R.D. van Heffen en mr. A. Dantuma-Hieronymus, in tegenwoordigheid van mr. S. Geensen, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 24 november 2022.
mr. A. Dantuma-Hieronymus is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
=========================================================================
[…]
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.