Uitspraak · Strafrecht

Gerechtshof Amsterdam, 7 april 2022

ECLI:NL:GHAMS:2022:2630Zaaknummer 23-002979-21

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
7 april 2022
Publicatiedatum
9 september 2022
Zaaknummer
23-002979-21
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Hoger beroep
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Veroordeling diefstal Albert Heijn. ISD maatregel. Bevestiging vonnis.

Het hof:

Bevestigt het vonnis waarvan beroep.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. M.J.A. Duker, mr. J.W.P. van Heusden en mr. M. van der Horst, in tegenwoordigheid van mr. D. Damman, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 7 april 2022.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Onderzoek van de zaak
  2. Vonnis waarvan beroep
  3. BESLISSING

afdeling strafrecht

parketnummer: 23-002979-21

datum uitspraak: 7 april 2022

TEGENSPRAAK

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 26 oktober 2021 in de strafzaak onder parketnummer 13-197534-21 tegen

[verdachte01],

geboren te [geboorteplaats01] ( [geboorteland01]) op [geboortedatum01] 1974,

adres: [adres01], [postcode01] [plaats01], thans gedetineerd in Penitentiaire Inrichting Zaanstad te Westzaan.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 24 maart 2022 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.

Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsman naar voren is gebracht.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal bevestigen.

Vonnis waarvan beroep

De behandeling van de zaak in hoger beroep heeft het hof niet tot andere inzichten gebracht dan hetgeen door de rechtbank in het vonnis waarvan beroep is overwogen en beslist. Voor het inlassen van een extra toetsingsmoment gedurende de tijd dat de verdachte op grond van de opgelegde maatregel in detentie verblijft, ziet het hof geen aanleiding. Het hof verenigt zich derhalve met het vonnis en zal dit bevestigen.

BESLISSING

Het hof:

Bevestigt het vonnis waarvan beroep.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. M.J.A. Duker, mr. J.W.P. van Heusden en mr. M. van der Horst, in tegenwoordigheid van mr. D. Damman, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 7 april 2022.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.