Uitspraak · Strafrecht
Gerechtshof Amsterdam, 31 maart 2022
ECLI:NL:GHAMS:2022:1145Zaaknummer 23-002592-21
- Instantie
- Gerechtshof Amsterdam
- Datum uitspraak
- 31 maart 2022
- Publicatiedatum
- 15 april 2022
- Zaaknummer
- 23-002592-21
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Hoger beroep
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
diefstal
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 9 (negen) dagen.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Wijst af de vordering van de officier van justitie in het arrondissement te Amsterdam van 7 september 2021, strekkende tot tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de rechtbank Amsterdam van 28 november 2019, parketnummer 13-741181-18, voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf voor de duur van 1 maand met een proeftijd van 2 jaren.
Gewezen door mr. N.A. Schimmel, in bijzijn van mr. L.M. van Jole-Harmsen, griffier.
mr. N.A. Schimmel
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
afdeling strafrecht
parketnummer(s) eerste aanleg: 13-240087-21 en 13-741181-18 (TUL)
parketnummer hoger beroep: 23-002592-21
TEGENSPRAAK ( gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 31 maart 2022 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 14 september 2021 in de zaak tegen de verdachte:
naam: [verdachte]
voornamen: [verdachte]
geboren: op [geboortedag] 1977 te [geboorteplaats]
adres: [adres].
Kwalificatie van het bewezenverklaarde
Het primair bewezenverklaarde levert op:
diefstal.
Gepleegdprimair:op 5 september 2021 te Amsterdam.
Toepasselijke wettelijke voorschriften
de artikelen 63 en 310 van het Wetboek van Strafrecht.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 9 (negen) dagen.
Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.
Wijst af de vordering van de officier van justitie in het arrondissement te Amsterdam van 7 september 2021, strekkende tot tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de rechtbank Amsterdam van 28 november 2019, parketnummer 13-741181-18, voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf voor de duur van 1 maand met een proeftijd van 2 jaren.
Gewezen door mr. N.A. Schimmel, in bijzijn van mr. L.M. van Jole-Harmsen, griffier.
mr. N.A. Schimmel
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.