Uitspraak · Strafrecht
Gerechtshof Amsterdam, 27 oktober 2021
ECLI:NL:GHAMS:2021:3230Zaaknummer 23-000333-20
- Instantie
- Gerechtshof Amsterdam
- Datum uitspraak
- 27 oktober 2021
- Publicatiedatum
- 27 oktober 2021
- Zaaknummer
- 23-000333-20
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Hoger beroep
- Zittingsplaats
- Amsterdam
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Mensensmokkel. Bevestiging vonnis met dien verstande dat strafmotivering wordt vervangen.
Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. T. de Bont, mr. H.A. van Eijk en mr. P.F.E. Geerlings, in tegenwoordigheid van
mr. A. de Wit, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 25 oktober 2021.
Mr. T. de Bont is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
[…]
Volledige tekst
Inhoud van de uitspraak
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-000333-20
datum uitspraak: 25 oktober 2021
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 3 februari 2020 in de strafzaak onder parketnummer 15-208242-19 tegen:
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] ([geboorteland]) op [geboortedag] 1982,
adres: [adres].
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 11 oktober 2021 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de raadsman naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het vonnis waarvan beroep zal bevestigen.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen, met dien verstande dat in “paragraaf 6.1 Hoofdstraf” de alinea die begint met ‘De politierechter betrekt…’ wordt vervangen door de navolgende overweging.
Vervanging strafmotivering
Het hof overweegt met betrekking tot het procesverloop in deze zaak het volgende.
De verdachte is op 9 december 2016 in verzekering gesteld. De politierechter heeft op 3 februari 2020 vonnis gewezen. Hieruit volgt dat in eerste aanleg sprake is geweest van een grove overschrijding van de redelijke termijn. Het hof zal deze overschrijding in het voordeel van de verdachte verdisconteren in de straftoemeting.
Het hof acht in beginsel, in het bijzonder gelet op de aard en ernst van het feit, een geheel onvoorwaarde-lijke gevangenisstraf van de duur van zeven maanden passend. Gelet op de overschrijding van de redelijke termijn zal het hof deze onvoorwaardelijke gevangenisstraf matigen tot de duur van zes maanden. Anders dan de raadsman heeft betoogd, kan, gelet op de aard en de ernst van het feit, niet worden volstaan met een voorwaardelijke gevangenisstraf.
BESLISSING
Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. T. de Bont, mr. H.A. van Eijk en mr. P.F.E. Geerlings, in tegenwoordigheid van
mr. A. de Wit, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 25 oktober 2021.
Mr. T. de Bont is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.
[…]
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.