Uitspraak · Strafrecht

Gerechtshof Amsterdam, 5 september 2019

ECLI:NL:GHAMS:2019:3908Zaaknummer 23-000845-19

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
5 september 2019
Publicatiedatum
1 november 2019
Zaaknummer
23-000845-19
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Hoger beroep
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Bevestiging vonnis ontneming

Het hof:

Bevestigt het vonnis waarvan beroep.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.M. Kengen, mr. M. Iedema en mr. C. Fetter, in tegenwoordigheid van mr. M.S. de Boer, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 5 september 2019.

=========================================================================

[…]

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Procesgang
  2. Onderzoek van de zaak
  3. Vonnis waarvan beroep
  4. BESLISSING

afdeling strafrecht

parketnummer: 23-000845-19

datum uitspraak: 5 september 2019

TEGENSPRAAK

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 19 februari 2019 op de vordering van het openbaar ministerie ingevolge artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht in de ontnemingszaak met nummer 13-684329-18 tegen de veroordeelde

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2001,

adres: [adres].

Procesgang

Het openbaar ministerie heeft in eerste aanleg gevorderd dat aan de veroordeelde de verplichting zal worden opgelegd tot betaling van een geldbedrag aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, geschat tot een bedrag van € 705,00.

De veroordeelde is bij vonnis van de rechtbank van 19 februari 2019 –kort gezegd– veroordeeld ter zake van diefstal met geweld in vereniging.

Voorts heeft de rechtbank bij vonnis van 19 februari 2019 de veroordeelde de verplichting opgelegd tot betaling aan de Staat van een bedrag van € 705,00 ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.

Namens de veroordeelde is hoger beroep ingesteld tegen beide vonnissen.

De veroordeelde is bij arrest van dit gerechtshof van 5 september 2019 eveneens veroordeeld ter zake van diefstal met geweld in vereniging.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 22 augustus 2019 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, die heeft gevorderd dat het hof het vonnis van de rechtbank zal bevestigen, en van hetgeen door de veroordeelde en de raadsman naar voren is gebracht.

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen.

BESLISSING

Het hof:

Bevestigt het vonnis waarvan beroep.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.M. Kengen, mr. M. Iedema en mr. C. Fetter, in tegenwoordigheid van mr. M.S. de Boer, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 5 september 2019.

=========================================================================

[…]

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.