Uitspraak · Strafrecht

Gerechtshof Amsterdam, 10 juli 2019

ECLI:NL:GHAMS:2019:2551Zaaknummer 23-003036-18

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
10 juli 2019
Publicatiedatum
29 juli 2019
Zaaknummer
23-003036-18
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Hoger beroep
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Wederspannigheid.

Het hof:

Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep, voor zover gericht tegen de beslissing ter zake van het onder 1 en 3 ten laste gelegde.

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 30 (dertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 15 (vijftien) dagen hechtenis.

Bepaalt dat de taakstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Gewezen door mr. M.F.J.M. de Werd, in bijzijn van C.N. Aalders, griffier.

mr. M.F.J.M. de Werd

De verdachte en de advocaat-generaal hebben ter terechtzitting afstand gedaan van het recht beroep in cassatie in te stellen.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Kwalificatie van het bewezen verklaarde
  2. Toepasselijke wettelijke voorschriften
  3. BESLISSING

afdeling strafrecht

parketnummer eerste aanleg: 15-055463-18

parketnummer hoger beroep: 23-003036-18

TEGENSPRAAK

Arrest van het gerechtshof Amsterdam, enkelvoudige strafkamer, van 10 juli 2019 gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 13 augustus 2018 in de zaak tegen de verdachte:

naam: [verdachte]

voornamen: [verdachte]

geboren: [geboortedag] 1975 te [geboorteplaats]

adres: [adres].

Kwalificatie van het bewezen verklaarde

Het onder 2 bewezen verklaarde levert op:

wederspannigheid.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

de artikelen 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 63 en 180 van het Wetboek van Strafrecht.

Deze wettelijke voorschriften worden toegepast zoals geldend ten tijde van het bewezen verklaarde.

gepleegdfeit 2:op 16 februari 2018 te Zaandam, gemeente Zaanstad;

BESLISSING

Het hof:

Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep, voor zover gericht tegen de beslissing ter zake van het onder 1 en 3 ten laste gelegde.

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 30 (dertig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 15 (vijftien) dagen hechtenis.

Bepaalt dat de taakstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd van 2 (twee) jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Gewezen door mr. M.F.J.M. de Werd, in bijzijn van C.N. Aalders, griffier.

mr. M.F.J.M. de Werd

De verdachte en de advocaat-generaal hebben ter terechtzitting afstand gedaan van het recht beroep in cassatie in te stellen.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.