Uitspraak · Strafrecht

Gerechtshof Amsterdam, 11 april 2018

ECLI:NL:GHAMS:2018:1461Zaaknummer 23/003951-17

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
11 april 2018
Publicatiedatum
1 mei 2018
Zaaknummer
23/003951-17
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Hoger beroep, Beschikking
Zittingsplaats
Amsterdam
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

vluchtgevaar aanwezig nu vertrouwen in terugkeer ontbreekt

Het hof:

WIJST AF het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis.

Deze beschikking is gegeven op 11 april 2018 in raadkamer van dit hof door

mr. J.L. Bruinsma, voorzitter,

mrs. M. Senden en J. Piena, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. D. Boessenkool als griffier.

De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte.

Amsterdam, 11 april 2018,

de advocaat-generaal

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. De feiten en de rechtsgang
  2. De beoordeling
  3. De beslissing

GERECHTSHOF AMSTERDAM,

MEERVOUDIGE STRAFKAMER, RAADKAMER

BESCHIKKING op het verzoek strekkende tot schorsing van de voorlopige hechtenis van de verdachte:

[naam],

geboren te [geboortedatum] 1982 te [geboorteplaats],

zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande,

thans gedetineerd te [gedetineerd].

De feiten en de rechtsgang

Het hof heeft gezien het verzoek strekkende tot schorsing van de voorlopige hechtenis van de verdachte. Het hof heeft voorts kennisgenomen van de stukken betrekking hebbend op de

voorlopige hechtenis van de verdachte en het vonnis van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem, van 24 oktober 2017.

Het hof heeft bij de behandeling in raadkamer op 11 april 2018 gehoord de advocaat-generaal en de verdachte, bijgestaan door diens raadsman, mr. M.M.J. Nuijten.

Het hof heeft gelet op artikel 80 van het Wetboek van Strafvordering.

De beoordeling

De verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van 42 maanden met aftrek voor invoer van cocaïne. Zijn voorlopige hechtenis is gegrond op vluchtgevaar en de zogenoemde 12-jaarsgrond (geschokte rechtsorde). De verdachte vraagt schorsing om naar Pakistan af te kunnen reizen om daar zijn familie tot steun te zijn vanwege het overlijden van zijn broer. Het hof heeft er evenwel geen vertrouwen in dat de verdachte vrijwillig zal terugkeren voor zijn verdere berechting of overigens voor justitie vindbaar zal zijn. Het verzoek zal daarom worden afgewezen.

De beslissing

Het hof:

WIJST AF het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis.

Deze beschikking is gegeven op 11 april 2018 in raadkamer van dit hof door

mr. J.L. Bruinsma, voorzitter,

mrs. M. Senden en J. Piena, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. D. Boessenkool als griffier.

De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte.

Amsterdam, 11 april 2018,

de advocaat-generaal

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.