Uitspraak · Socialezekerheidsrecht
Centrale Raad van Beroep, 22 november 2013
ECLI:NL:CRVB:2013:2693Zaaknummer 13-843 WUV-V
- Instantie
- Centrale Raad van Beroep
- Datum uitspraak
- 22 november 2013
- Publicatiedatum
- 6 december 2013
- Zaaknummer
- 13-843 WUV-V
- Rechtsgebied
- Bestuursrecht, Socialezekerheidsrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig, Verzet
- Soort
- Uitspraak
Inhoudsindicatie
Proces-verbaal mondelinge uitspraak. Verzet ongegrond.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) van
22 augustus 2013 heeft de Raad het beroep van appellant tegen het besluit van de Svb van
22 januari 2013 niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet is betaald.
In verzet heeft appellant aangegeven dat hij geen griffierecht wil betalen omdat hij onrechtvaardig is behandeld door de regering en de gemeente Brunssum.
In artikel 8:41, eerste lid, van de Awb is bepaald dat van de indiener van een beroepschrift door de griffier van de Raad een griffierecht wordt geheven. Appellant heeft (ook) in verzet geen feiten of omstandigheden aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat hij niet in verzuim is geweest.
Voor een veroordeling in de proceskosten van het verzet is geen aanleiding.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier De voorzitter
(getekend) D.W.M. Kaldenhoven (getekend) T.G.M. Simons
IvR
Volledige tekst
Datum uitspraak: 22 november 2013
13/843 WUV-V
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak, bedoeld in artikel 8:55, zevende lid, van de Algemene wet bestuursrecht, in verband met het geding tussen:
Partijen:
[Appellant] te[woonplaats] (appellant)
de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (Svb)
Zitting heeft: T.G.M. Simons
Griffier: D.W.M. Kaldenhoven
Ter zitting is niemand verschenen.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) van
22 augustus 2013 heeft de Raad het beroep van appellant tegen het besluit van de Svb van
22 januari 2013 niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet is betaald.
In verzet heeft appellant aangegeven dat hij geen griffierecht wil betalen omdat hij onrechtvaardig is behandeld door de regering en de gemeente Brunssum.
In artikel 8:41, eerste lid, van de Awb is bepaald dat van de indiener van een beroepschrift door de griffier van de Raad een griffierecht wordt geheven. Appellant heeft (ook) in verzet geen feiten of omstandigheden aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat hij niet in verzuim is geweest.
Voor een veroordeling in de proceskosten van het verzet is geen aanleiding.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier De voorzitter
(getekend) D.W.M. Kaldenhoven (getekend) T.G.M. Simons
IvR
Wetsartikelen in deze uitspraak
Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.