Uitspraak · Socialezekerheidsrecht

Centrale Raad van Beroep, 27 september 2007

ECLI:NL:CRVB:2007:BB5141Zaaknummer 06-2768 WUV

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
27 september 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
06-2768 WUV
Rechtsgebied
Bestuursrecht, Bestuursrecht, Socialezekerheidsrecht
Procedure
Verzet
Zittingsplaats
Utrecht
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Verzet ongegrond. Griffierecht niet betaald.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Verklaart het verzet ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door A. Beuker-Tilstra als voorzitter en G.L.M.J. Stevens en C.G. Kasdorp als leden. De beslissing is, in tegenwoordigheid van J.P. Schieveen als griffier, uitgesproken in het openbaar op 27 september 2007.

(get.) A. Beuker-Tilstra.

(get.) J.P. Schieveen

HD

25.09

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. I. PROCESVERLOOP
  2. II. OVERWEGINGEN
  3. III. BESLISSING

06/2768 WUV

Centrale Raad van Beroep

Meervoudige kamer

U I T S P R A A K

als bedoeld in artikel 8:55, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 17 van de Beroepswet in verband met het geding tussen:

[appellant], (hierna: appellant)

en

de Raadskamer WUV van de Pensioen- en Uitkeringsraad (hierna: verweerster)

Datum uitspraak: 27 september 2007

I. PROCESVERLOOP

Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 17 van de Beroepswet van 2 november 2006 heeft de Raad het beroep van appellant tegen het besluit van verweerder van 31 maart 2006, kenmerk JZ/T60/2006, niet-ontvankelijk verklaard.

Tegen de uitspraak van de Raad van 2 november 2006 heeft appellant verzet gedaan.

Het verzet is behandeld ter zitting van 16 augustus 2007, waar appellant, zoals tevoren is aangekondigd, niet is verschenen. Verweerster heeft zich laten vertegenwoordigen door de heer mr. T.R.A. Dircke, werkzaam bij de Pensioen- en Uitkeringsraad.

II. OVERWEGINGEN

Bij de uitspraak van de Raad van 2 november 2006 is het beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet is voldaan.

De Raad is van oordeel dat appellant in het verzetschrift onvoldoende gronden naar voren heeft gebracht die tot gegrondverklaring van het verzet kunnen leiden.

In verzet is namens appellant aangegeven dat hij evenals zijn gezinsleden, niet kan lezen en schrijven en afhankelijk is van anderen.

Zoals de Raad reeds eerder heeft overwogen vormt de omstandigheid dat degene die in beroep is gekomen niet kan lezen of schrijven geen grond om het griffierecht niet of niet tijdig te voldoen. De Raad overweegt daartoe dat men zich in dat geval tijdig tot een (rechts)hulpverlener had dienen te wenden. De Raad is niet gebleken dat appellant daartoe niet in staat is geweest.

Gelet op het voorgaande dient het verzet ongegrond te worden verklaard.

Voor een proceskostenveroordeling ziet de Raad geen aanleiding.

III. BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep;

Recht doende:

Verklaart het verzet ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door A. Beuker-Tilstra als voorzitter en G.L.M.J. Stevens en C.G. Kasdorp als leden. De beslissing is, in tegenwoordigheid van J.P. Schieveen als griffier, uitgesproken in het openbaar op 27 september 2007.

(get.) A. Beuker-Tilstra.

(get.) J.P. Schieveen

HD

25.09

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.