Uitspraak · Bestuursrecht

College van Beroep voor het bedrijfsleven, 23 juli 2026

ECLI:NL:CBB:2026:373Zaaknummer 25/191

Instantie
College van Beroep voor het bedrijfsleven
Datum uitspraak
23 juli 2026
Publicatiedatum
17 augustus 2026
Zaaknummer
25/191
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig, Mondelinge uitspraak, Proces-verbaal
Zittingsplaats
Den Haag
Soort
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Beroep ongegrond. De staatsecretaris heeft de chauffeurskaart van de taxichauffeur terecht ingetrokken. De taxichauffeur had op verzoek van de staatssecretaris een nieuwe VOG overlegd. Nadat bleek dat bij het afgeven geen rekening was gehouden met een door de taxichauffeur veroorzaakt verkeersongeval heeft de staatssecretaris nogmaals om een VOG verzocht. Artikel 82, zesde lid, van het Besluiten personenvervoer 2000 biedt hiervoor de grondslag.

Beslissing

Het College verklaart het beroep ongegrond.

Overwegingen

1. De taxichauffeur heeft een ernstig verkeersgeval veroorzaakt met zwaar lichamelijk letsel tot gevolg. Verweerder heeft daarom de chauffeurskaart geschorst en de taxichauffeur verzocht een nieuwe verklaring omtrent het gedrag (VOG) over te leggen.

2. Toen bleek dat bij het afgeven van die VOG geen rekening was gehouden met het veroorzaakte verkeersongeval, heeft de staatssecretaris de taxichauffeur nogmaals om een VOG gevraagd. Anders dan de taxichauffeur betoogt, biedt artikel 82, zesde lid, van het Besluit personenvervoer 2000, de grondslag om nogmaals een VOG op te vragen als de staatssecretaris vermoedt dat de taxichauffeur niet meer voldoet aan de eisen voor het afgeven van een VOG. Omdat de taxichauffeur niet opnieuw een VOG heeft overgelegd, heeft de staatssecretaris de chauffeurskaart terecht ingetrokken.

B. Bastein De griffier is verhinderd deze uitspraak mede te ondertekenen.

Volledige tekst

Inhoud van de uitspraak
  1. Partijen
  2. [naam] , te [woonplaats] (taxichauffeur), waarvoor aanwezig is mr. R.F.M. Gerritsen
  3. Beslissing
  4. Overwegingen

proces-verbaal uitspraak

COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN

zaaknummer: 25/191

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 23 juli 2026

Voorzitter: mr. B. Bastein

Griffier: A.T.C. Verhoeve

Partijen

[naam] , te [woonplaats] (taxichauffeur), waarvoor aanwezig is mr. R.F.M. Gerritsen

ende staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, vertegenwoordigd door mr. P. van der Meer.

Beslissing

Het College verklaart het beroep ongegrond.

Overwegingen

1. De taxichauffeur heeft een ernstig verkeersgeval veroorzaakt met zwaar lichamelijk letsel tot gevolg. Verweerder heeft daarom de chauffeurskaart geschorst en de taxichauffeur verzocht een nieuwe verklaring omtrent het gedrag (VOG) over te leggen.

2. Toen bleek dat bij het afgeven van die VOG geen rekening was gehouden met het veroorzaakte verkeersongeval, heeft de staatssecretaris de taxichauffeur nogmaals om een VOG gevraagd. Anders dan de taxichauffeur betoogt, biedt artikel 82, zesde lid, van het Besluit personenvervoer 2000, de grondslag om nogmaals een VOG op te vragen als de staatssecretaris vermoedt dat de taxichauffeur niet meer voldoet aan de eisen voor het afgeven van een VOG. Omdat de taxichauffeur niet opnieuw een VOG heeft overgelegd, heeft de staatssecretaris de chauffeurskaart terecht ingetrokken.

B. Bastein De griffier is verhinderd deze uitspraak mede te ondertekenen.

Wetsartikelen in deze uitspraak

Gepseudonimiseerd gepubliceerd door de Rechtspraak (open data, publiek domein). Bron: uitspraken.rechtspraak.nl. Dit is geen juridisch advies.