Gemeentelijke regelgeving

Uitvoeringskader Evenementenvisie Zaltbommel 2025-2030

Gemeente Zaltbommel · geldt sinds 26 juni 2026

Bijlage 1 Bijzondere evenementen

1.Circusevenementen

In verband met de beperking van overlast en het “overvoeren” van het circuspubliek, is het doel om de circussen die openbaar toegankelijk zijn te spreiden over het kalenderjaar en het aantal circusevenementen tot een maximum te beperken. Besloten circusvoorstellingen ten behoeve van speciale doeleinden, waarvoor in de regel dan ook geen entreegelden worden geheven, vallen niet onder onderstaande criteria. In de gemeente worden jaarlijks maximaal 2 evenementenvergunningen voor een circus verleend.

Indiening en beslissing

Vóór 1 november voorafgaande aan het jaar waarin het evenement plaatsvindt, moet bij de burgemeester een vooraankondiging worden gedaan. Wanneer er voorafgaand aan het jaar aanvragen voor circusevenementen worden gedaan, wordt een definitief besluit op de aanvraag uiterlijk vóór 1 januari van dat jaar genomen

en aan de circussen medegedeeld. Deze indieningtermijn is afwijkend ten opzichte van de reguliere indieningtermijn voorafgaand aan het evenement, zoals hiervoor aangegeven.

Specifieke vereisten voor de aanvraag voor een circusvergunning

Een aanvraag moet het volgende bevatten:

1de periode van optreden;

2een zogenaamd circus- c.q. bouwboek met alle technische gegevens van de tent, (muziek)installaties, een stoelenplan, een plattegrond van de circustent, waarop aangegeven alle (nood)uitgangen en brandpreventieve maatregelen, een plattegrond van de terreinindeling (inclusief overige tenten, voertuigen, woonwagens en andere opstallen) en indien van toepassing een lijst van het soort dieren en het aantal daarvan;

3een overzicht van plaatsen waar het afgelopen seizoen is gespeeld;

4een calamiteitenplan in verband met de tent en eventuele dieren.

Selectiecriteria

Als het aantal aangevraagde vergunningen het maximale aantal overschrijdt, worden bij het bepalen van de gegadigde die in dat jaar voor een vergunning in aanmerking komen, de volgende selectiecriteria gehanteerd:

1circussen aan wie nog niet eerder een vergunning werd verleend, komen het eerst aan bod. Vervolgens komt de aanvrager aan bod aan wie het langst geleden een vergunning is verleend. Daarna is de volgorde van binnenkomst van de aanvraag bepalend voor vergunningverlening.

2circussen die in het voorafgaande jaar een evenementenvergunning hebben gekregen, komen niet in aanmerking voor een nieuwe vergunning, tenzij er onvoldoende aanvragen zijn ingediend;

3positieve beoordeling van het circus- c.q. bouwboek en calamiteitenplan door veiligheidsregio en/of politie;

4ervaringen van voorgaande jaren;

5ervaringen van andere gemeenten;

6het circus moet voldoen aan de primaire en secundaire bedrijfsvoerings-regels van de Vereniging Nederlandse Circus Ondernemingen (VNCO);

7het circus moet voldoen aan de Wet dieren, er mogen geen wilde dieren optreden en het dierenwelzijn mag niet in het geding zijn of komen.

Een circus waarbij wangedrag van of gevaarzetting door de aanwezige medewerkers of dieren wordt geconstateerd, kan voor maximaal 2 jaar worden uitgesloten van inschrijving.

Duur circus

Het maximaal aantal dagen voor een circusevenement bedraagt 7 dagen de tijden van de opbouw en de afbouw worden niet meegerekend. Een eventuele verlenging kan worden besproken met de burgemeester. Bij een verlenging wordt de geldende evenementenvergunning gewijzigd.

2.Optocht

Aan een vergunning voor een optocht worden voorschriften opgenomen over de wagens en voertuigen die deelnemen aan een optocht. De afmetingen van de wagens moeten zodanig zijn dat de wagens veilig en ongehinderd de te volgen route kunnen rijden. Dit betekent dat de hoogte zodanig moet zijn dat de route kan worden gereden zonder dat bomen, lantaarnpalen en andere obstakels worden beschadigd.

De organisatie van de optocht moet vanaf windkracht 5 nadrukkelijk overwegen en afwegen of “windgevoelige objecten” moeten worden uitgesloten van de optocht. Dat windstoten de aangegeven windkracht te boven gaan moet daarbij in acht worden genomen. Vanaf windkracht 6 moet de organisatie van de optocht ‘windgevoelige objecten’ in ieder geval uitsluiten van de optocht(en). Dit geldt ook

bij lagere windsnelheden in combinatie met winstoten van 50km/u en hoger. Daarnaast moet vanaf windkracht 5 de route van de optocht gecontroleerd worden op windgevoelige objecten/ situaties. Dat kan leiden tot omleiden of inkorten van de route om deze locaties te vermijden. Wanneer de openbare orde en veiligheid in het geding is kan de burgemeester besluiten de optocht in het geheel af te gelasten. Risico’s voor het publiek & deelnemers tijdens onstuimig weer.

Daarnaast moet de route van de optocht door de organisatie worden gecontroleerd op windgevoelige objecten/situaties. Dit om te kijken of de route moet worden omgeleid of ingekort om deze locaties te vermijden. Ook het annuleren van de hele optocht kan noodzakelijk zijn. De burgemeester wordt hierover geïnformeerd.

3.Kermissen

Horeca op de kermis

Alleen bestaande horecagelegenheden met een geldende alcoholvergunning in de kern waar het op dat moment kermis is mogen, tijdens alle dagen van de kermis, de horeca-activiteiten op het bij de inrichting horende terras en daar direct aansluitend aan buiten de inrichting uitbreiden of een evenement organiseren bij hun horecagelegenheid die de normale bedrijfsvoering overstijgt.

Ook op het kermissterrein, waar de attracties staan, of daar direct aangrenzend aan mogen evenementen worden georganiseerd waarbij horeca-activiteiten worden geëxploiteerd. In alle gevallen onder de voorwaarde dat de openbare veiligheid en de bereikbaarheid te allen tijde gewaarborgd blijft. Een kermisattractie heeft voorrang op de uitbreiding van een terras buiten de grenzen van de horeca-inrichting, met andere woorden de kermis zelf is leidende evenement.

De ondernemers van de horecagelegenheden die rondom de kermis zijn gelegen dragen samen met de gemeente zorg voor de inzet van beveiligers tijdens het evenement. Er worden zowel binnen als buiten geen glazen gebruikt, maar kunststof bekers voor het schenken van zowel alcoholhoudende als alcoholvrije dranken. Dit geldt voor de kermissen in alle kernen.

Eetkramen op de kermis

De eindtijd voor de verkoop van etenswaren vanuit kramen op het kermisterrein kan gelijk worden gesteld met de sluitingstijd van horecagelegenheden, als de sluitingstijden van de horecagelegenheden afwijken van de eindtijd van de kermisattracties. Eetkramen mogen nooit langer open zijn dan de horecagelegenheden.

4.Gemotoriseerde evenementen

Er worden diverse vormen van gemotoriseerde evenementen dan wel gemotoriseerde activiteiten bij evenementen in de openlucht onderscheiden. De veiligheidsrisico’s voor deelnemers en publiek, de (geluids)overlast die veroorzaakt kan worden en het verstoren van de flora en fauna, zijn bij evenementen waarbij gemotoriseerde voertuigen worden gebruikt van dien aard, dat beperkt medewerking wordt verleend aan gemotoriseerde evenementen of activiteiten. De vormen waarin deze evenementen zijn:

1wedstrijden of tochten met een wedstrijdelement op verharde en onverharde wegen en paden, zoals een autorally of autorace:

Aan deze evenementen of activiteiten wordt in beginsel geen medewerking verleend.

2wedstrijden, een met een wedstrijd vergelijkbare demonstratie of demonstraties op (particuliere) terreinen, zoals auto- of motorcrosswedstrijden of -demonstraties zijn uitsluitend toegestaan:

•op daarvoor ingerichte terreinen, zoals een motorcrossterrein; of

•wanneer het een bestaande gemotoriseerde activiteit betreft als onderdeel van een ander evenement op ruimtelijk tot evenemententerrein aangewezen locaties of locaties waar het omgevingsplan evenementen mede toestaat, mits het terrein ingericht kan worden voor dergelijke activiteiten;

•wanneer het een bestaande jaarlijks terugkerende wedstrijd of demonstratie op ruimtelijk tot evenemententerrein aangewezen locaties betreft of locaties waar het omgevingsplan evenementen mede toestaat, mits het terrein ingericht kan worden voor dergelijke activiteiten en voor zover het geen watersportactiviteit betreft.

3pulling- of trekkertrekwedstrijden

Deze mogen plaatsvinden op akker- en weilanden of tot evenemententerrein aangewezen locaties en passend binnen het locatieprofiel. Er moet in alle gevallen voldaan worden aan de richtlijnen van Stichting European Pulling Safety. Naast de in de richtlijnen genoemde minimale maten en afscheidingen tussen de banen en het publiek moet in alle gevallen een extra baanafscheiding worden aangebracht in de vorm van barriers, greppels of vangrails. Deze extra baanafscheiding moet ook voldoen aan de richtlijnen van Stichting European Pulling Safety

4Stuntshows met gemotoriseerde voertuigen;

Aan stuntshows (of stuntactiviteiten) met gemotoriseerde voertuigen wordt geen medewerking verleend.

5Toertochten op verharde en onverharde wegen en paden waarbij de geldende verkeersregels opgevolgd moeten worden, zoals oriëntatieritten en een pijlenrit;

Uitsluitend aan toertochten over openbare wegen en paden, zoals die zijn aangegeven op de gemeentelijke wegenlegger, wordt medewerking verleend. Alle voertuigen moeten voldoen aan de eisen van de Wegenverkeerswet 1994. De deelnemers moeten zich aan de normale verkeersregels houden.

6Voor motorsportevenementen of gemotoriseerde activiteiten op terreinen waarvoor geen omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit is verleend, waarbij gereden wordt met motoren zonder kenteken en deze motoren bestemd zijn voor de beoefening van motorsport is op basis van het Besluit geluidproductie sportmotoren een ontheffing van Gedeputeerde Staten van Gelderland vereist. Wanneer deze motoren het maximale geluidsniveau uit het Besluit geluidproductie sportmotoren overschrijden is een ontheffing van de gemeente nodig.

5.Wedstrijden en tochten al dan niet met voertuigen

Het soort wedstrijden en tochten met voertuigen (zoals auto’s, motoren en fietsen), de lengte van de route, de duur, het aantal deelnemers en het aantal toeschouwers bepalen de omvang van het evenement. Ook de mate van hinder die wordt ondervonden door het verkeer en de hulpdiensten speelt een rol. Niet alle wedstrijden en/of tochten starten en/of eindigen in de gemeente, er zijn ook alleen doortochten. Er wordt daarom verschillend omgegaan met wedstrijden en/of tochten.

6.Wedstrijd of tochten met wedstrijdelement

Op grond van de Wegenverkeerswet 1994 is het verboden op de weg een wedstrijd of tocht met voertuigen, te houden of daaraan deel te nemen, als daarbij sprake is van een wedstrijdelement (vaststelling of vergelijking van prestaties, al dan niet met uitreiking van vaantje/medaille en dergelijke). Van dit verbod kan ontheffing worden verleend. Deze ontheffing wordt verleend door de Minister van Infrastructuur en Waterstraat voor Rijkswegen of voor alle andere wegen door Gedeputeerde Staten van Gelderland. Als alle wegen waarvoor ontheffing wordt gevraagd zijn gelegen in 1 gemeente dan wordt de ontheffing verleend door het college die gemeente.

Als Gedeputeerde Staten van Gelderland de ontheffing verleend, moet elke gemeente waarvan wegen voor de wedstrijd of tocht worden gebruikt, een verklaring van geen bezwaar afgeven. De organisatie moet hiertoe zelf een verzoek indienen bij de betreffende gemeenten.

De ontheffing wordt alleen afgegeven aan bij de Kamer van Koophandel geregistreerde organisaties die beschikken over een aansprakelijkheidsverzekering.

Wanneer de start en/of finish in de gemeente is, is er sowieso sprake van een evenement. Er moet dan een evenementenvergunning worden aangevraagd. Voor het gebruik van de wegen in de gemeente is daarbij een ontheffing of verklaring van geen bezwaar op grond van de Wegenverkeerswet nodig. Dit wordt meegenomen bij de evenementenvergunning. Hiervoor moet een plattegrond met de route en een verkeerplan bij de aanvraag om evenementenvergunning worden bijgevoegd. De route wordt dan door de gemeente en eventuele partners (zoals politie en VRBZO) beoordeeld. Dit in verband met de bereikbaarheid van de hulpdiensten. Ook de te nemen verkeersmaatregelen komen hierbij aan de orde. De maatregelen zijn afhankelijk van de omvang en duur van het evenement.

Als de start en/of finish niet in de gemeente is gelegen, maar wel wegen in de gemeente worden gebruikt is in principe geen evenementenvergunning nodig. Wel is dan een verklaring van geen bezwaar voor het gebruik van de wegen nodig van de gemeente. Er kan ook zonder start en/of finish een evenementenvergunning nodig zijn. Dit is het geval wanneer de doortocht veel of een langdurige impact heeft op de gemeente.

De aanvraag om een verklaring van geen bezwaar moet bij de gemeente worden ingediend. Bij de aanvraag moet een plattegrond met de route worden bijgevoegd. Ook hier beoordeelt de gemeente met de partners de route en wordt bekeken of de route vrij is van wegwerkzaamheden of andere belemmeringen.

7.Tochten zonder wedstrijdelement

Er zijn evenementen in de vorm van tochten zonder wedstrijdelement. Hierbij wordt vaak geen gebruik gemaakt van wegafsluitingen en verkeersomleidingen, maar worden verkeersbegeleiders en -regelaars ingezet. Hierbij wordt geen hinder veroorzaakt voor het verkeer en de hulpdiensten. Voorbeelden hiervan zijn: toertocht, toerit, wandeltocht, fietstocht, spooktocht, skeelertocht. Voor een tocht zonder een wedstrijdelement is geen ontheffing van de Wegenverkeerswet 1994 nodig. Een verklaring van geen bezwaar van de wegbeheerder is eveneens niet nodig.

Wanneer de start en/of finish in de gemeente is, is er sprake van een evenement. Wanneer sprake is van een vergunningsplichtig evenement moet een evenementenvergunning aan worden aangevraagd. Hierbij moet een plattegrond met de route en een verkeerplan bij de aanvraag om evenementenvergunning worden bijgevoegd. De route wordt dan door de gemeente en eventuele partners (zoals politie en Veiligheidsregio) beoordeeld. De gemeente toetst dan of er wegafsluitingen of wegomleidingen zijn

op de geplande route en of er geen andere evenementen zijn op de geplande route. De te nemen verkeersmaatregelen komen hierbij aan de orde. De maatregelen zijn afhankelijk van de omvang en duur van het evenement.

Om bij een vergunningsvrij evenement alles in goede banen te kunnen laten leiden (geen wegafsluitingen of wegomleggingen en geen overlap met andere evenementen) moet de organisatie de gemeente wel in kennis stellen van de doortocht. Hiervoor moet de plattegrond met de route aan de gemeente worden toegestuurd.

8.Evenementen in commerciële horeca-inrichtingen

Samenkomsten die behoren tot de normale bedrijfsvoering van een horeca-inrichting zijn geen evenementen. Als een activiteit wordt georganiseerd die niet behoort tot de normale bedrijfsvoering en aangemerkt moet worden als evenement kan een aantal zaken van belang zijn voor de inrichting.

De brandveiligheidsvoorschriften die voor een inrichting gelden zijn vastgelegd in een gebruiksvergunning dan wel gebruiksmelding. Deze voorschriften gelden in principe ook voor evenementen die gehouden worden binnen de inrichting.

Aanvullende brandveiligheidsvoorschriften kunnen van toepassing zijn voor het afwijkend gebruik van het pand ten behoeve van het evenement. Deze aanvullende eisen worden besproken bij de behandeling van de aanvraag voor de evenementenvergunning.

9.Evenementen in paracommerciële horeca-inrichtingen

Voor evenementen in een para-commerciële inrichtingen geldt bovendien dat een ontheffing moet worden gevraagd als bedoeld in artikel 4, vierde lid van de Alcoholwet.

10.Feesten op particuliere terreinen al dan niet in gebouwen

Het gaat om feesten met meerdere van de onderstaande kenmerken:

•georganiseerd door een groep personen in de leeftijd tot ongeveer 25 tot 35 jaar;

•een besloten karakter;

•zonder winstoogmerk;

•meer dan 100 bezoekers;

•in een tent of in een gebouw, die niet bestemd is voor het houden van evenementen;

•waarbij muziek ten gehore wordt gebracht;

•waar alcoholische dranken worden verstrekt.

Een feest, waarbij geen sprake is van een besloten feest en er meer dan 100 aanwezigen zijn, is een “evenement”.

11.Vechtsportwedstrijden en vechtsportgala’s

Een vechtsportgala vindt niet plaats in de open lucht. Een vachtsportgala wordt aangemerkt als een evenement als het gala niet wordt georganiseerd in een regulier clubgebouw van een vechtsportvereniging of sportschool. Onder een regulier clubgebouw wordt verstaan: de accommodatie waarin de vechtsport normaliter wordt getraind, beoefend, wedstrijden daarvoor worden gehouden of demonstraties worden gegeven.

De full contact vechtsportgala’s, zoals kickboksen, Thaiboksen en Mixed Martial Arts worden als een vergunningplichtig evenement aangemerkt. Bij full contact vechtsporten wordt altijd advies ingewonnen bij de regionale politie en/of het Regionaal Inlichtingen- en Expertisecentrum (RIEC). Voor niet full contact vechtsportgala’s gebeurt het inwinnen van advies niet, als het gala naar aard en omvang aangemerkt kan worden als een kleinschalig evenement. In beide gevallen wordt de vergunning uitsluitend verleend als:

•de organisatie en/of vergunninghouder niet van slecht levensgedrag is;

•de organisatie en/of vergunninghouder aan is gesloten bij een door de NOC*NSF erkende bond;

•voldaan wordt aan de namens de Stichting Nederlandse Vechtsportautoriteit opgestelde richtlijn voor full contact vechtsportevenementen (Stichting Nederlandse Vechtsportautoriteit controleert steekproefsgewijs of aan de richtlijn voldaan wordt).

Als besloten wordt de vergunning te verlenen, worden hieraan in elk geval voorwaarden verbonden over:

•het niet mogen schenken en nuttigen van alcoholhoudende drank in de ruimte waar de wedstrijden plaatsvinden;

•het niet mogen schenken en nuttigen van sterke drank in de accommodatie waar de wedstrijden plaatsvinden;

•de minimale leeftijd van bezoekers;

•transparante geldstromen, waarbij een registratie plaatsvindt van kopers van vip-tafels, sponsoren van het evenement en het prijzengeld en waarbij geen sprake is van contante betalingen;

•de aanwezigheid van voldoende gecertificeerde beveiligers.

Onderscheid tussen meldingsplichtige en vergunningsplichtige evenementen

De organisatoren van kleine evenementen dienen daarvan een schriftelijke kennisgeving te doen bij de burgemeester binnen 14 werkdagen voorafgaand aan het evenement. De voorwaarden waaraan een klein evenement moet voldoen, staan aangegeven in de geldende Algemene plaatselijke verordening. Voor

de andere evenementen is de organisator verplicht om een evenementenvergunning aan te vragen bij de burgemeester.

Het kennisgevingsformulier voor een klein evenement en een aanvraagformulier voor een vergunningsplichtig evenement is een bijlage bij dit uitvoeringskader. De kennisgeving en de aanvraag voor een vergunning dienen digitaal te worden gedaan via de website van de gemeente.

Wanneer is een evenement meldingsplichtig

“Kleine evenementen” zijn meldingsplichtig. Er is sprake van een “klein evenement” wanneer:

a.het aantal aanwezigen bedraagt niet meer dan 150 personen;

b.de activiteiten vinden plaats tussen 09:00 en 24:00 uur; op maandag tot en met zaterdag, of tussen 13:00 en 22:00 uur op zondag of een algemeen erkende feestdag;

c.geen muziek ten gehore wordt gebracht voor 11:00 uur (op zondag voor 13:00 uur) of na 23:00 uur (op zondag na 22:00 uur), dan wel in dit tijdsbestek het maximaal toelaatbare geluidsniveau van 75 dB(C) op de gevels van omringende woningen niet wordt overschreden;

d.activiteiten niet plaatsvinden op de rijbaan, (brom)fietspad of parkeerplaats of anderszins een belemmering vormen voor het verkeer en de hulpdiensten;

e.slechts kleine objecten worden geplaatst op het evenemententerrein met een oppervlakte van minder dan 25 vierkante meter per object;

f.er een organisator is van het evenement.

Bijlage 2

Bijzondere toestemmingen van derden noodzakelijk voor het gebruik van de evenementenvergunning

De evenementenvergunning wordt verleend met uitzondering van rechten van derden. Niettemin wordt bij de ontvankelijkheid van de aanvraag de aanvrager geattendeerd op het bestaan van eventueel noodzakelijke toestemmingen van derden en bij de beoordeling van de aanvraag op de beschikbaarheid van de noodzakelijke toestemmingen van derden.

Hierna worden enkele belangrijke belemmeringen die kunnen bestaan aangegeven.

Omgevingsvergunning van Rijkwaterstaat

In een beperkingengebied moet op grond van artikel 6:17. van het Besluit activiteiten leefomgeving voor objecten die groter zijn dan 30 m2 (tenten) of die er langer staan dan 1 week moet een omgevingsvergunning voor een beperkingengebiedsactiviteit door Rijkswaterstaat worden verleend.

Rijkswaterstaat geeft ook meerjarige omgevingsvergunningen (maximaal 5 jaar) af, bijvoorbeeld als het evenement altijd in dezelfde periode en dezelfde locatie plaatsvindt en vergelijkbaar is qua aantal dagen.

Rijksluchtvaartdienst

Voor evenementen met vluchten van historische vliegtuigen (luchtvaartvertoningen) moet er op grond van artikel 17 Luchtvaartwet en artikel 8 Regeling luchtvaartvertoningen, een vergunning zijn verleend door Rijksluchtvaartdienst namens de Minister. Daarnaast dient de burgemeester van de gemeente Zaltbommel waarin of waarboven de vertoning plaatsvindt, een schriftelijke verklaring van geen bezwaar af te geven op grond van artikel 158, lid 1c van de Regeling Toezicht Luchtvaart.

Korpschef Nationale politie

Voor het gebruik van wapens, in welke vorm dan ook, tijdens evenementen is altijd apart toestemming nodig. Voor het meevoeren van wapens uit categorie III of IV tijdens een reanactment (naspelen of uitbeelden historische gebeurtenis) is verlof nodig van de korpschef van de Nationale politie na afgifte van een verklaring van geen bezwaar door de burgemeester. Als het alleen gaat om optochten met wapens uit deze categorie is alleen toestemming van de burgemeester nodig. Voor het gebruik van (nep) wapens uit categorie I of II moet ontheffing worden gevraagd aan de Minister van Justitie en Veiligheid. Speelgoedwapens met een CE-keurmerk volgens de Europese speelgoedrichtlijn, die van kracht is in Nederland, zijn wel toegestaan. Deze mogen alleen niet naar publieke ruimtes worden meegenomen.

Ontheffing Gedeputeerde Staten voor ballon- en helikoptervluchten tijdens evenementen

Bij het inzetten van een helikopter voor een evenement kunnen Gedeputeerd Staten (de provincie) ontheffing verlenen voor tijdelijk en uitzonderlijk gebruik (TUG) van een terrein. De burgemeester verleent een verklaring van geen bezwaar voorafgaand aan de ontheffing. Ontheffingen worden over het algemeen aangevraagd door helikoptermaatschappijen. De ontheffing gaat alleen over de locatie van het landen en stijgen en alleen voor vluchten overdag. Wat zich in de lucht bevindt, zijn de provincie en de gemeente geen bevoegd gezag. In het luchtruim heeft degene die de vlucht uitvoert toestemming nodig van Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL). Zij geven een voorlopige vluchtverklaring af welke afhankelijk is van omstandigheden tijdens de vlucht zelf. Wanneer een evenementorganisatie één

of twee helikopterlandingen wil laten plaatsvinden dient de organisatie contact op te nemen met een helikoptermaatschappij. Die zal namens de organisator een melding maken bij de provincie, de gemeente, Luchtverkeersleiding Nederland (LVNL), de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILenT) en de luchtvaartpolitie (LVP). De burgemeester kan het landen en opstijgen verbieden ondanks de aanwezigheid van een ontheffing, wanneer dat niet veilig wordt geacht.

Water- of rivierbeheerder bij evenementen op het water

Voor evenementen in, op of rondom ongecontroleerde wateren moet de organisatie:

•bij de beheerder van het water (het dagelijks bestuur van het waterschap of Rijkswaterstaat) advies vragen over de waterkwaliteit en veiligheid. Als een evenement plaatsvindt in de zomer kan door warmte de waterkwaliteit snel veranderen. De organisatie moet hiervoor met de beheerder van het water overleggen waarop hierbij gelet moet worden.

•rekening houden met veiligheidsaspecten in en rondom het water, zoals puin in en om het water, diepte van het water, koude waterlagen, enz. Hierbij moet ook gekeken worden naar of een deelnemer in problemen makkelijk of snel het water kan verlaten en hoe toezicht wordt gehouden om deelnemers in de problemen te assisteren of redden.

•de deelnemers informeren over mogelijke risico’s en ze gedragsadviezen geven.

•de toezichthouder van zwemwater in Gelderland op de hoogte brengen van het evenement.

Watersportevenementen in de zin van varen met gemotoriseerde vaartuigen, zoals waterscooters, ‘jetski’-vaartuigen of soortgelijke vaartuigen, zijn niet zonder meer toegestaan. De waterbeheerder (het waterschap of Rijkswaterstaat) moet voorafgaand aan de aanvraag voor de evenementenvergunning toestemming worden gevraagd voor het gebruiken van een watergang of rivier ten behoeve van het watersportevenementen.

Prorail

Voor het gebruik van openbare wegen tijdens het evenement (bijvoorbeeld een carnavalsoptocht), waarin spoorwegovergangen liggen, hanteert Prorail een “Draaiboek bijzondere oversteek evenementen.”

Het oversteken van een spoorwegovergang bij deze evenementen moet minimaal 22 weken voor het evenement door de organisator bij ProRail worden gemeld.

De procedure moet in ieder geval ingeroepen worden wanneer minstens één vraag met ‘nee’ beantwoord moet worden. Dan is er sprake van een bijzondere oversteek.

1Kan de overweg direct worden verlaten als de bellen gaan rinkelen en de lichten gaan knipperen?

2Kan een beveiligde overweg binnen 15 seconden worden overgestoken? En in 12 seconden als het gaat om een onbeveiligde overweg?

3Heeft het transport een maximale hoogte van 4M en kan het transport onder de bovenleiding door?

4Heeft het transport voldoende ruimte aan beide zijden, of moeten aanwezige hekjes of seinen worden verwijderd?

5Voldoet het voertuig/de machine aan de wettelijke kaders voor transport?

In het algemeen kan worden gesteld dat een passage van meerdere voertuigen (bijvoorbeeld carnavalsoptochten) dan wel meerdere overweggebruikers (bijvoorbeeld marathon) die in kader van een evenement de overweg kort achter elkaar willen passeren, dan betreft het een bijzondere oversteek bij evenementen.

Er worden geen kosten in rekening worden gebracht voorde eventueel door ProRail inzet van personeel tijdens het evenement.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.