Hoofdstuk 2 Het handhavingsbeleid
Artikel 2.1 Hoogwaardige handhaving
De eigen visie op controle krijgt vorm en inhoud aan de hand van de methodiek Hoogwaardige Handhaving. De essentie van deze methodiek is dat handhaving wordt geïntegreerd in de bedrijfsvoering, waardoor de efficiency en effectiviteit toenemen, de instroom in de bijstand afneemt en misbruik zoveel mogelijk wordt voorkomen. Hoogwaardige handhaving richt zich zowel op preventie (goede voorlichting over rechten en plichten) als op repressie (onmiddellijke actie op signalen en directe gevolgen verbinden aan schendingen van de inlichtingenplicht).
Artikel 2.2 Signaal- en risicosturing
Signaal- en risicosturing spelen een belangrijke rol bij de controle op de rechtmatigheid. Dit begint bij de behandeling van de aanvraag van een uitkering en speelt gedurende de lopende uitkering en de beëindiging van de uitkering een rol. Uit de gesprekken met de belanghebbende en de door hem aangeleverde gegevens en documenten, kunnen onduidelijkheden naar voren komen. Deze signalen zijn aanleiding voor de consulent om de belanghebbende in de gelegenheid te stellen uitleg te geven over aangetroffen onduidelijkheden. Als deze uitleg onvoldoende duidelijkheid geeft over de rechtmatigheid van de verstrekte bijstand, vindt er een intensieve controle plaats en zonodig onderzoek door de sociale recherche. Risicosturing betekent dat controle op belanghebbenden die voldoen aan een bepaald risicoprofiel intensief plaatsvindt. Hoewel deze signaal- en risicosturing ook geldt ten aanzien van de IOAW, IOAZ en Bbz 2004, geldt voor deze regelingen dat het verrichten van een periodiek heronderzoek op grond van de RAU verplicht is. Indien en zolang de RAU op de IOAW, IOAZ en Bbz 2004 van toepassing blijft zal dan ook periodiek heronderzoek worden verricht.
Hoofdstuk 3 Entree-onderzoeken
Artikel 3.1 Het onderzoek bij aanvraag
Het onderzoek bij aanvraag om bijstand bestaat uit de verificatie van gegevens. Dit onderzoek naar de echtheid van de verstrekte informatie is van belang om het recht op bijstand vast te stellen. De uitvraag van informatie heeft betrekking op de identiteit van de aanvrager, de persoonlijke omstandigheden, de woonsituatie, het vermogen, het inkomen, de arbeidsmogelijkheden en de ondernomen activiteiten om bijstand te voorkomen. We spreken hier van een poortwachtersfunctie. Aan deze poortwachtersfunctie worden hoge eisen gesteld, zodat alleen diegenen die recht op bijstand hebben in aanmerking komen voor een uitkering.
Artikel 3.2 Informatiebronnen
Tijdens de aanvraagprocedure wordt Suwinet-lnkijk geraadpleegd. Met dit systeem kunnen de bij het UWV geregistreerde gegevens geraadpleegd worden en het vormt daarmee een aanvulling op de controle van de rechtmatigheid. Het Inlichtingenbureau, waarop de gemeente Urk is aangesloten, levert eveneens een bijdrage aan de controle op de rechtmatigheid. Bij het Inlichtingenbureau zijn verschillende organisaties aangesloten; UWV, Belastingdienst, Sociale Verzekeringsbank, Informatie Beheergroep en de Rijksdienst voor het Wegverkeer. Het inlichtingenbureau wordt regelmatig geraadpleegd. Bij de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW) vindt uitvraag van informatie plaats over het autobezit van belanghebbenden. Ook de “eigen” bronnen van de gemeente, zoals het GBA en de gegevens van de gemeentelijke belastingen worden regelmatig vergeleken met het belanghebbendenbestand van de afdeling Sociale Zaken.
Artikel 3.3 Huisbezoeken
De controle op de leefsituatie van de aanvrager en zijn woonomstandigheden kan gepaard gaan met het afleggen van een huisbezoek. Als er redenen zijn om aan te nemen dat de door de belanghebbende verstrekte informatie over de woonsituatie niet overeenkomt met de werkelijke situatie is dit aanleiding om een huisbezoek af te leggen. Zijn de signalen zo concreet dat er redelijkerwijze kan worden getwijfeld aan het recht op bijstand dan wordt het huisbezoek onaangekondigd afgelegd. Is er gerede twijfel maar ontbreekt het aan concrete gegevens dan wordt de belanghebbende meegedeeld dat er een huisbezoek zal plaatsvinden. Het Protocol Huisbezoeken is als bijlage 2, opgenomen en vormt daarmee een integraal onderdeel van dit Handhavingsbeleidsplan.
Artikel 3.4 Voorlichting
Voorafgaand aan de bijstandsverstrekking wordt nadrukkelijk aandacht besteed aan voorlichting. Naast informatie die wordt verstrekt over de rechten, worden de plichten verbonden aan het ontvangen van bijstand benadrukt. Ook wordt ingegaan op de informatieplicht van belanghebbende, de rechtmatigheidscontrole door de gemeente en de gevolgen van het onrechtmatig ontvangen van bijstand. Het is de bedoeling dat iedere aanvrager van bijstand in de toekomst extra informatie ontvangt in de vorm van een voorlichtingsbrochure. Dit idee is nog volop in ontwikkeling.
Artikel 3.5 Beschikking
Ook in de toekenningsbeschikking wordt nadrukkelijk aandacht besteed aan rechten én plichten verbonden aan het ontvangen van bijstand.
Hoofdstuk 4 Lopende uitkering
Artikel 4.1 Rechtmatigheidsonderzoeksformulier
Als het recht op bijstand eenmaal is vastgesteld en een uitkering is toegekend dient de belanghebbenden maandelijks een Rechtmatigheidsonderzoeksformulier (ROF) in te leveren. Het ROF vormt een belangrijk element van een rechtmatige uitvoering. Als er sprake is van wijziging in de woon- of gezinssituatie of het inkomen of vermogen is belanghebbende verplicht dit op dit ROF te vermelden. Door het ondertekenen van het formulier verklaart de belanghebbende dat de informatie naar waarheid is ingevuld. Als het formulier aanleiding geeft tot vragen wordt de belanghebbende uitgenodigd voor een nader gesprek.
Artikel 4.2 Bestandsvergelijking
De onder 3.2 genoemde bronnen worden ook tijdens de uitkeringsperiode regelmatig geraadpleegd.
Artikel 4.3 Heronderzoeken
In de periode 2004 tot heden is goede ervaring opgedaan met het signaal gestuurde onderzoek (zie hieronder). Het signaalgestuurde onderzoek blijft dan ook onverkort van toepassing, met dien verstande dat voor de IOAW, IOAZ en Bbz 2004 daarnaast de verplichte periodieke heronderzoeken worden verricht, zolang de RAU op deze regelingen van toepassing blijft.
Artikel 4.4 Onderzoeken naar aanleiding van een signaal
Als zich een bepaalde gebeurtenis heeft voorgedaan (bijvoorbeeld wijziging in de gezinssituatie) of als er een signaal is ontvangen dat er mogelijk een aanleiding is voor het wijzigen van het recht op bijstand wordt op basis van deze gebeurtenis of dit signaal een onderzoek gestart. De aard van de gebeurtenis of het signaal bepaalt de vorm van het onderzoek: schriftelijk, mondeling of fraudeonderzoek. Soms zal een huisbezoek nodig zijn.
Artikel 4.5 Beïndigingsonderzoeken
Als de bijstand wordt beëindigd, in verband met uitstroom naar algemeen geaccepteerde arbeid of anderszins, wordt een beëindigingsonderzoek verricht. Dit onderzoek richt zich op de rechtmatigheid van de verstrekte bijstand sinds het laatst ontvangen ROF en de nog resterende wederzijdse verplichtingen (openstaande vorderingen). De belanghebbende wordt uitgenodigd voor een beëindigingsgesprek en ook bij dit onderzoek worden de bronnen van het GBA, Suwinet-Inkijk en het Inlichtingenbureau geraadpleegd. Als belanghebbende niet meewerkt aan dit beëindigingsonderzoek kan dit aanleiding zijn om de bijstand alsnog in te trekken.
Artikel 4.6 Identiteitscontrole
In de keten werk en inkomen vindt controle plaats om de identiteit van de belanghebbende vast te stellen. Naast de reguliere GBA-check is het mogelijk het Verificatie Informatie Systeem (VIS) te gebruiken. Met het VIS wordt een identiteitsbewijs gecontroleerd op geldigheid. Ook wordt gecontroleerd of het identiteitsbewijs als gestolen of vermist staat geregistreerd. Hiermee wordt voorkomen dat mensen met onjuiste of valse identiteitsdocumenten een uitkering aanvragen. Deze nieuwe vorm van controle is geïntegreerd in de bestaande werkprocessen en levert een gewenste bijdrage aan de rechtmatigheidscontrole.
Hoofdstuk 5 Fraudepreventie en opsporing door sociale recherche
Artikel 5.1 Fraudepreventie
De gemeente Urk beschikt over te weinig capaciteit om een ambtenaar al dan niet volledig in te zetten op fraudepreventie, dat wil zeggen op de administratieve ondersteuning bij de controle op de dossiers, het inschatten van risico’s en het detecteren van signalen. Het aantal bij de regionale Sociale Recherche ingekochte uren is mede in dat licht medio 2008 uitgebreid naar ca. 380 uren op jaarbasis. Hierdoor kan ook gebruik worden gemaakt van de expertise van de Sociale Recherche voor de administratieve ondersteuning bij fraudepreventie.
Artikel 5.2 Opsporing
Als er uitgebreid onderzoek nodig is naar aanleiding van een fraudesignaal zal het dossier veelal moeten worden overgedragen aan de regionale Sociale Recherche. De medio 2008 van de Sociale Recherche ingekochte extra uren worden ten dele ook ingezet op extra opsporingsonderzoek.
Onderzoeksplan WWB, WIJ, IOAW, IOAZ, Bbz 2004 1
<vet>Inleiding</vet>Om de rechtmatigheid van de verstrekkingen voldoende te kunnen waarborgen wordt optimaal gebruik gemaakt van de technische mogelijkheden, waarbij een gebeurtenis of een signaal steeds aanleiding vormt voor een nader onderzoek. Het soort gebeurtenis of het type signaal bepaalt hoe het onderzoek wordt ingericht: schriftelijk, mondeling of door middel van een huisbezoek. Het signaal dat of de gebeurtenis die aanleiding geeft tot nader onderzoek kan op een van de volgende manieren worden gedetecteerd:
1het maandelijkse rechtmatigheidsonderzoeksformulier (ROF);
2bestandsvergelijking met GBA, Suwinet-inkijk, Inlichtingenbureau, het UWV en in de toekomst het Digitale Klantdossier (DKD);
3contact met de belanghebbende in verband met andere dan rechtmatigheidsaangelegenheden (participatie/re-integratietrajecten);
4informatie (al of niet anoniem) van derden;
5periodieke heronderzoeken (IOAW, IOAZ en Bbz 2004).
Dit onderzoeksplan geeft in schema de inrichting en uitvoering van deze signaalgestuurde onderzoeken weer. Tot slot wordt nader ingegaan op de periodieke heronderzoeken IOAW, IOAZ en Bbz 2004.<vet>Signalen op de ROF</vet>Uit het door de belanghebbende ingevulde ROF kunnen verschillende signalen of gebeurtenissen worden gegenereerd die aanleiding zijn tot nader onderzoek of nader handelen. Omdat het vervolgonderzoek of de vervolghandeling afhankelijk is van het soort signaal of gebeurtenis hebben we de verschillende signalen en gebeurtenissen in kaart gebracht en de te volgen procedure daarbij opgenomen. Overigens worden deze gebeurtenissen of signalen niet alleen via het ROF bekend. Het kan zijn dat een belanghebbende zelf contact opneemt met de afdeling om een wijziging door te geven. In die gevallen wordt overeenkomstig het onderstaande gehandeld.<vet>Inkomen </vet>De medewerker van de administratie is verantwoordelijk voor het controleren en administratief verwerken van de op het ROF opgegeven inkomsten. Hij beoordeelt tevens of melding van ontvangen inkomsten moet worden gemeld aan de klantmanager. Als controle op de inkomsten heeft plaatsgevonden tekent de administratief medewerker het ROF af voor gezien. Hieronder in schema de acties van de administratief medewerker en die van de klantmanager ten aanzien van het signaal inkomen.
9/11 Opgave van arbeid, maar nog geen inkomsten berekend
Iedere maand
-Onderzoek naar hoogste inkomsten- mutaties verwerken in Civision- ROF paraferen
10/12 Melding van periodieke inkomsten
Iedere maand
-Recht op vrijlating beoordelen*- Mutaties verwerken in Civision- ROF paraferen
10/12Eerste melding van inkomsten
Binnen vier weken wordt een onderzoek ingesteld voor de beoordeling van het recht en eventuele inkomstenvrijlating*
Schriftelijk en mondeling rechtmatigheidsonderzoek (éénzijdig)
10/12 Inkomsten boven de norm
Binnen drie maanden wordt het beëindigingsonderzoek afgerond
Schriftelijk beëindigingsonderzoek
10/12Inkomsten uit loon, alimentatie, uitkering elders, kostgeld, onderverhuur, belastingteruggave, of anders bijv. vakantiebonnen
Binnen vier weken wordt beoordeeld of de inkomsten van invloed zijn op de hoogte van de uitkering en het vermogen
Schriftelijk rechtmatigheidsonderzoek (éénzijdig)
10/12Maatregel bij voorliggende voorziening (letten op wijzigingen in hoogte ontvangen inkomsten uit uitkering elders)
Binnen vier weken wordt beoordeeld of de opgelegde maatregel gevolgen heeft voor de uitkering
Schriftelijke en mondelinge rechtmatigheidsbeoordeling (éénzijdig)
10/12Einde vaste inkomsten
Voorliggende voorziening beoordelen
Schriftelijk eenzijdig rechtmatig heidsonderzoek
10/12Einde inkomsten door ontslag
Binnen vier weken beoordelen of het ontslag gevolgen heeft voor de uitkering
Schriftelijk en mondeling rechtmatigheidsonderzoek (volledig)
13Ontvangsten uit: erfenis, schenking.
Binnen vier weken beoordelen of de inkomsten van invloed zijn op de hoogte van de uitkering of het vermogen
Schriftelijk rechtmatigheidsonderzoek (éénzijdig)
18/19Werk als zelfstandige, freelancewerkzaamheden
Binnen twee weken wordt beoordeeld of een overdracht moet plaatsvinden in verband met Bbz 2004-aanvraag
Schriftelijk en mondeling rechtmatigheidsonderzoek en huisbezoek (volledig)
Inkomsten inwonende kinderen
Binnen vier weken wordt beoordeeld of de inkomsten van invloed zijn op de uitkering
Schriftelijk rechtmatigheidsonderzoek (éénzijdig)
*Als er recht is op vrijlating van inkomsten dan moet een beschikking worden opgesteld door de klantmanager.De klantmanager is verantwoordelijk voor het vervolg van overige signalen. Hieronder in schema per signaal/gebeurtenis opgenomen.Wonen
Verhuizing
Binnen vier weken na ontvangst moet het onderzoek zijn afgerond
Schriftelijk rechtmatigheidsonderzoek (éénzijdig). Indien er onduidelijkheden zijn wordt een huisbezoek overwogen
Opname in verpleeginrichting
Binnen vier weken wordt een onderzoek naar (voortzetting) van recht gestart
Schriftelijk rechtmatigheidsonderzoek (éénzijdig)
Detentie alleenstaande
Binnen drie maanden wordt het onderzoek afgerond
Schriftelijk beëindigingsonderzoek
Detentie van een van de partners bij gehuwden
Binnen vier weken wordt de norm aangepast
Schriftelijk rechtmatigheidsonderzoek (éénzijdig)
Kamerhuur en/of kostganger
Binnen vier weken vindt een beoordeling plaats
Schriftelijk en mondeling rechtmatigheidsonderzoek. Een huisbezoek valt hieronder (volledig)
Gezinssituatie
Overlijden alleenstaande
Binnen zes weken wordt het beëindigingsonderzoek afgerond
Schriftelijk standaard beëindigingsonderzoek
Overlijden van een van de partners bij gehuwden
Binnen vier weken wordt de norm aangepast
Schriftelijk rechtmatigheidsonderzoek (éénzijdig)
Inwonend kind wordt 18
Binnen vier weken wordt beoordeeld of dit invloed heeft op de uitkering
Schriftelijk rechtmatigheidsonderzoek (éénzijdig)
(Overige) wijzigingen in de gezinssituatie
-Binnen twee weken wordt bekeken welke consequentie deze wijziging heeft- Indien deze wijziging tot gevolg heeft dat het recht op bijstand eindigt vindt beëindiging binnen drie maanden plaats
-Schriftelijk en mondeling rechtmatigheidsonderzoek (eenzijdig of volledig) of- Beëindigingsonderzoek
Wijziging status
Verblijfsvergunning is verlopen
Uitkering wordt opgeschort vanaf de datum dat de verblijfsvergunning verlopen is
Schriftelijk rechtmatigheidsonderzoek (éénzijdig)
Overige signalen
Te lange vakantieperiode
Voor vertrek een beschikking afgeven - Binnen een week na terugkomst_gesprek
Schriftelijk rechtmatigheidsonderzoek (éénzijdig)
Scholing
Binnen vier weken wordt beoordeeld of de scholing past binnen de WWB
Schriftelijk rechtmatigheidsonderzoek (éénzijdig)
Vrijwilligerswerk
Binnen vier weken wordt beoordeeld of belanghebbende toestemming kan worden verleend dit vrijwilligerswerk te verrichten/voort te zetten
Schriftelijke en mondelinge rechtmatigheidsonderzoek (éénzijdig)
Inschrijving UWV
Binnen vier weken beoordelen of het niet ingeschreven staan gevolgen heeft voor de uitkering
Schriftelijke en mondelinge rechtmatigheidsonderzoek
Sollicitatieactiviteiten
Binnen vier weken
Schriftelijk rechtmatigheidsonderzoek (éénzijdig) bij onvoldoende activiteiten.
<vet>Signalen uit ander bronnen dan ROF</vet>Niet alle belanghebbenden maken melding op het ROF of persoonlijk van (alle) wijzigingen in de situatie, of het nu de woon-, gezins- of inkomenssituatie is. Daarom worden met een zekere regelmaat de andere informatiebronnen, SUWlnet-lnkijk, UWV, GBA, Inlichtingenbureau en in de toekomst het Digitale Klantdossier gecontroleerd. Ook gebeurt het dat er een (anonieme) melding of tip wordt ontvangen van een derde of dat belanghebbende de ROF’s herhaaldelijk te laat inlevert. In het onderstaande schema is een overzicht gemaakt van de acties die bij die gebeurtenissen/signalen plaatsvinden. Het schema vermeldt door wie de actie wordt verricht, administratief medewerker of klantmanager.
Mutaties via koppeling GBA (klantmanager)
Beoordeling binnen vier weken of de uitkering nog rechtmatig wordt verstrekt
Schriftelijk en mondeling rechtmatigheidsonderzoek (éénzijdig). Zonodig huisbezoek afleggen
lnlichtingenbureau (deeltaak administratie)
Administratie: iedere maand gegevens vergelijken. Bij onbekende gegevens binnen twee weken looninformatie opvragen
Binnen twee weken na ontvangst looninformatie, memo opstellen, ten behoeve van de klantmanager
Inlichtingenbureau (deeltaak klantmanager)
Beoordeling binnen twee weken of de uitkering nog rechtmatig wordt verstrekt
Schriftelijk en mondeling rechtmatigheidsonderzoek waarbij alle aspecten worden beoordeeld (mcl. afstemming). Eventueel overdracht naar Sociale Recherche (volledig)
Tip/informatie door derde (klantmanager)
Binnen twee weken beoordelen of de tip voldoende informatie bevat, op zichzelf staat of in combinatie met andere gegevens aanleiding geeft tot nader onderzoek
Schriftelijk rechtmatigheidsonderzoek. Afhankelijk van de ernst van het signaal een huisbezoek afleggen (volledig)
ROF wordt meerdere keren te laat ingediend (signaal bij administratie)
Signaal doorgeven aan de klantmanager
Schriftelijk eenzijdig rechtmatigheidsonderzoek
Wijziging doorbetaling vaste lasten (administratie)
Binnen twee weken de wijzigingen afronden
Wijzigingen invoeren in het systeem mutatie paraferen
Wijziging banknummer (administratie)
Pas invoeren nadat de volgende betaling is gedaan
Wijziging invoeren in het systeem. Mutatie paraferen
Mutaties die geen gevolg hebben voor de uitkering (administratie)
Binnen twee weken wordt het onderzoek afgerond
Wijziging invoeren in het automatiseringssysteem. Mutatie paraferen
Beslag (administratie)
Binnen twee weken moet het onderzoek (uitvoeren van het beslag) zijn afgerond. De klantmanager wordt direct op de hoogte gesteld van het gelegde beslag
Beslaglegging tekenen en mutatie paraferen.
<vet>IOAW, IOAZ en Bbz 2004</vet>De hiervoor beschreven signaalgestuurde controle wordt ook toegepast op de uitkeringen ingevolge de IOAW, de IOAZ en het Bbz 2004. Op zichzelf is de (controle op de) rechtmatige uitvoering door deze methode voldoende gewaarborgd. Voor het college is dat dan ook voldoende aanleiding om gebruik te maken van de bevoegdheid die de RAU geeft om af te wijken van de 8-maandelijkse hercontrole. De hercontrole als bedoeld in artikel 2 van de RAU vindt eenmaal per 18 maanden plaats. Het onderzoek richt zich op de hele periode gelegen tussen het vorige heronderzoek of de aanvraag alsmede op het toekomstige recht. De belanghebbende dient tijdens dit onderzoek desgevraagd bewijsstukken en overige informatie over die periode te verstrekken, waarbij een onderzoek wordt gemaakt in: - Statische gegevens, gegevens die, zolang de situatie ongewijzigd blijft, niet steeds weer hoeven te worden overgelegd, zoals echtscheidingsbescheiden (die zich al in kopie in het dossier bevinden voor zover relevant voor de uitvoering van de wet) en een afschrift van het huurcontract.- Dynamische gegevens, gegevens die aan verandering onderhevig zijn, zoals gegevens over inkomsten, de leefsituatie en de gezinssamenstelling.
Protocol huisbezoeken 2
<vet>1. Status van het huisbezoek</vet>Om een huisbezoek te mogen afleggen moet er een aanleiding zijn. Als er een concrete aanwijzing is dat de woon- of gezinssituatie van de belanghebbende afwijkt van de door hem gegeven informatie, waardoor er wellicht geen of een ander recht op bijstand bestaat mag er een onaangekondigd huisbezoek plaatsvinden, tenzij de gewenste informatie op een andere, minder belastende wijze kan worden verkregen. Zijn er wel twijfels maar ontbreken er concrete signalen, dan wordt het huisbezoek van tevoren meegedeeld. De belanghebbende moet altijd duidelijk geïnformeerd worden over zijn rechten en plichten en toestemming geven voor het betreden van de woning. Het vorenstaande laat onverlet dat er om andere redenen een huisbezoek mag worden afgelegd, bijvoorbeeld als belanghebbende vanwege beperkingen niet in staat is zelf naar het gemeentehuis te komen. Daarover worden aparte afspraken met de belanghebbende gemaakt. <vet>2. Bescherming</vet>De belanghebbende mag medewerking aan het huisbezoek weigeren. Hem moet dan wel uitdrukkelijk worden meegedeeld dat dit consequenties kn hebben voor het recht op bijstand. Het is niet toegestaan een woning te betreden zonder toestemming van de belanghebbende. Voor wat betreft het instellen van een huisbezoek zijn 2 verschillende varianten van toepassing. Daarbij vallen te onderscheiden de situatie waarin (A) wél sprake is van een in het dossier vastgelegde concrete aanwijzing waardoor gerede twijfel ontstaat over de opgegeven woon- of gezinssituatie of (B) waarin géén sprake is van een concrete aanwijzing.
a.Wel aanwijzing:Ook als de gemeente beschikt over concrete informatie dat de woon- of gezinssituatie van belanghebbende afwijkt van zijn opgave mag hij weigeren mee te werken aan een huisbezoek. Belanghebbende is op grond van artikel 17 WWB echter wel verplicht medewerking te verlenen en moet rekening houden met de mogelijke directe consequenties van die weigering (bijvoorbeeld weigering of intrekking van de bijstand). De betrokkene wordt in het geval van een weigering op deze verplichting én de mogelijke consequenties gewezen.
b.Geen aanwijzing:In de situatie waarin er wel twijfel is over de woon- of gezinssituatie, maar waarin er géén concrete aanwijzing is, dient alvorens tot huisbezoek wordt overgegaan te worden onderzocht of er op andere wijze meer informatie kan worden verkregen. Wordt toch overgegaan tot huisbezoek dan kan aan de weigering niet direct een gevolg verbonden worden.
<vet>3. Vastlegging instemming bewoner</vet>Op grond van het Europese verdrag van de rechten van de mens (EVRM) is het noodzakelijk dat bij inbreuk op het huisrecht sprake is van een zogenaamde “informed consent”. Dit begrip houdt in dat de belanghebbende zijn toestemming om de woning te betreden baseert op volledige en juiste informatie over de aanleiding en het doel van het huisbezoek. Tevens moeten hem de rechten en plichten rondom het huisbezoek duidelijk zijn. De bewijslast dat sprake is geweest van een zogenaamd “informed consent” ligt bij het college. Het is in alle gevallen van belang dat de toestemming van de bewoner deugdelijk wordt vastgelegd.
a.Wel aanwijzing:Betrokkene moet geïnformeerd worden over de reden en het doel van het onderzoek en dat het weigeren toestemming te verlenen om de woning te betreden gevolgen kan hebben voor het recht op bijstand.
b.Geen aanwijzing:Betrokkene moet eveneens geïnformeerd worden over de reden en het doel van het onderzoek. Hem moet worden meegedeeld dat het niet meewerken aan het onderzoek geen directe consequenties zal hebben. Slechts wanneer aan deze voorwaarden is voldaan is sprake van een zogenaamd “informed consent” en kunnen de uitkomsten van het onderzoek in bezwaar en beroep stand houden.