BELEIDSREGELS PARTTIME ONDERNEMERSCHAP PARTICIPATIEWET ALGEMEEN
Artikel 1: begripsbepalingen
1Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet, de IOAW, de Algemene wet bestuursrecht, de Gemeentewet en het Burgerlijk Wetboek.
2In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
a.college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Tytsjerksteradiel;
b.de wet: de Participatiewet of de IOAW;
c.belanghebbende: de uitkeringsgerechtigde die als parttime ondernemer aangemerkt wil worden;
d.Parttime ondernemer: een bijstandsgerechtigde die:
-als zodanig door Bureau Zelfstandigen Fryslân is beoordeeld en inkomsten
-genereert door zelfstandige, productieve activiteiten uit te voeren voor eigen
-rekening en risico;
-voldoet aan de voorwaarden en verplichtingen die in deze beleidsregels
-staan;
-niet kan worden aangemerkt als een marginale zelfstandige, zoals is
-vastgelegd in Grip op PW (hoofdstuk Home » Bijstand » Voorliggende voorzieningen » Inkomensregelingen » Bbz 2004 » Doelgroepen » Marginale zelfstandigen) of als een zelfstandige zoals bedoeld in artikel 1, sub b van het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004.
e.Parttime activiteiten als bedoeld in d. van dit artikel: de activiteiten die:
-minder uren in beslag nemen dat het aantal uren genoemd in artikel 3.6 van de Wet inkomstenbelasting 2001;
-zelfstandig worden uitgevoerd zonder personeel;
-diensten of producten omvatten die worden geleverd in ruil voor marktconforme prijzen;
-worden verricht conform de benodigde vergunningen en ontheffingen en met inachtneming van de verplichtingen jegens de Belastingdienst.
f.de regeling: de regeling parttime ondernemerschap;
g.Inkomsten uit parttime-ondernemerschap: de bruto-inkomsten, nadat de vastgestelde bedrijfskosten (exclusief BTW) op de omzet in mindering zijn gebracht.
h.Bedrijfskosten (exclusief BTW) die op de omzet in mindering gebracht mogen worden:
-De inkoopwaarde van de omzet;
-De kosten gerelateerd aan de rechtmatige vestiging (bijvoorbeeld kosten WA- verzekering bedrijf, kosten inschrijving KvK, etc.);
-De reiskosten voor het bedrijf of beroep op basis van de fiscale kilometervergoeding of de kosten van het openbaar vervoer (aan te tonen door middel van een rittenadministratie met een verklaring van de kosten);
-Reclamekosten, met een maximum van 5% van de omzet
-Telefoon- en internetkosten tot maximaal € 300,- per jaar;
-Administratiekosten boekhouder tot maximaal € 300,- per jaar;
-Noodzakelijke (kleine) investeringen tot € 300,- per jaar;
-Huisvestingskosten met een maximum van € 300,- per maand als dit voor het bedrijf noodzakelijk is, bijvoorbeeld voor opslag of werkplaats wat niet op het huisadres kan worden gerealiseerd, waarbij contracten op korte termijn opzegbaar moeten zijn.
Artikel 2: Voorwaarden voor toelating als parttime ondernemer
1Voor een belanghebbende die aangemerkt wil worden als parttime ondernemer gelden de volgende voorwaarden:
a.Het parttime ondernemerschap moet passen binnen het re-integratietraject en moet gericht zijn op verkleining van de afstand tot de arbeidsmarkt;
b.Het parttime ondernemerschap mag het zoeken en vinden van arbeid in loondienst niet belemmeren en de arbeidsverplichtingen vanuit de wet blijven in principe dan ook volledig van kracht;
c.De parttime ondernemer moet zich laten begeleiden door het Bureau Zelfstandigen Fryslân en is verplicht de aangeboden workshops te volgen, voor het volgen van deze workshops krijgt de deelnemer een getuigschrift;
d.De parttime ondernemer is verplicht een deugdelijke administratie te voeren en voor 1 mei van ieder jaar belastingaangifte te doen over het voorgaande kalenderjaar.
e.Op de fiscale aangiften mag geen sprake zijn van een beroep op de fiscale regeling “Zelfstandigenaftrek”;
f.De parttime onderneming moet volkomen rechtmatig gevestigd zijn, hetgeen moet blijken uit een inschrijving bij de Kamer van Koophandel en het voldoen aan alle vergunningen en vestigings- en opleidingseisen;
g.De bedrijfsmatige activiteiten mogen geen valse concurrentie veroorzaken en er dienen marktconforme prijzen te worden gehanteerd;
h.De maandelijkse (voorlopige) inkomstenkortingen bestaan uit bruto bedragen (dus zonder aftrek van belasting en premies) en mogen niet meer bedragen dan 50% van de toepasselijke bijstandsnorm/grondslag;
i.Ten behoeve van een definitieve vaststelling van het inkomen dient jaarlijks een deugdelijke boekhouding alsmede de fiscale aangiften te worden overgelegd;
2Wanneer blijkt dat de parttime ondernemer:
a.op de belastingaangifte zelfstandigenaftrek heeft opgevoerd (en klaarblijkelijk meer dan 1225 uren per jaar als zelfstandige heeft gewerkt), zie het voorgaande lid, sub e., en/of;
b.niet-marktconforme (lagere) prijzen hanteert, zie het voorgaande lid, sub g.;
c.hogere inkomsten heeft dan 50% van de toepasselijke bijstandsnorm/grondslag, zie het voorgaande lid, sub h., en/of;
d.anderszins niet aan de (overige) voorwaarden voldoet; zal Bureau Zelfstandigen Fryslân dit met de belanghebbende bespreken.
Artikel 3: Aanvullende verplichtingen
Het college kan aan de parttime ondernemer aanvullende verplichtingen opleggen als daar aanleiding voor is.
Artikel 4: Wijze van verrekening inkomsten gedurende het kalenderjaar
Op basis van een advies van Bureau Zelfstandigen Fryslân worden maandelijks de voorlopige (bruto) inkomsten op de uitkering in mindering gebracht.
Artikel 5: Definitieve vaststelling van het recht op uitkering
1Op basis van de boekhouding zal Bureau Zelfstandigen Fryslân rond 1 april van ieder jaar meehelpen met de aangifte Inkomstenbelasting van de parttime ondernemer.
2Op basis van de belastingaanslag en de verlies- en winstrekening zal rond 1 juli van elk jaar het definitieve inkomen over het voorgaande jaar door Bureau Zelfstandigen Fryslân worden vastgesteld, waarna een advies aan het college wordt gegeven ten aanzien van de verrekening met de reeds voorlopig gekorte bedragen.
Artikel 6: Weigeren of intrekken toestemming
1Als het college bij aanvang gerede twijfel heeft of belanghebbende aan de voorwaarden van artikel 2 kan voldoen, kan (verdere) toegang tot deze regeling worden geweigerd.
2Het college kan de toepassing van deze regeling bij besluit intrekken als belanghebbende:
-niet of niet langer voldoet aan de definitie van een parttime ondernemer als bedoeld in artikel 1;
-niet of niet langer voldoet aan de voorwaarden van artikel 2, lid 1, sub a t/m i..
Artikel 7: hardheidsclausule
Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de belanghebbende afwijken van de bepalingen in de beleidsregels, indien strikte toepassing ervan tot onbillijkheden van overwegende aard zou leiden.
Artikel 8: onvoorziene situaties
In alle gevallen waarin deze beleidsregels niet voorzien beslist het college.
Artikel 9: citeertitel
Deze beleidsregels kunnen worden aangehaald als “Beleidsregels Parttime Ondernemerschap Participatiewet”.
Artikel 10: inwerkingtreding
Deze beleidsregels treden in werking met ingang van 1 juli 2019.
ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING
ALGEMEEN
Artikel 1
Dit artikel geeft aan wat onder de verschillende begrippen moet worden verstaan,
Artikel 2
Dit belangrijke artikel geeft aan onder welke voorwaarden een inwoner kan worden aangemerkt als een parttime ondernemer.
Artikel 3
Dit artikel spreekt voor zich.
Artikel 4 en 5
Deze artikelen geven aan hoe er moet worden omgegaan met de voorlopige inkomstenverrekening en de definitieve vaststelling van het recht op uitkering.
Artikel 6
Dit artikel spreekt voor zich.
Artikel 7 en 8
Dit artikelen geeft aan dat het college te allen tijde bevoegd is om afwijkend van, of aanvullend op deze beleidsregels kan handelen.
Artikel 9 en 10
Deze artikelen spreken voor zich.