Aanhef
De raad van de gemeente Texel;
Gelezen
het voorstel van het college van 22 oktober 2024
Gehoord de raadscommissie;
Gelet op:
•Gemeentewet, artikel 95, eerste en tweede lid, artikel 96, eerste en tweede lid, en de artikelen 98 en 99;
•Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, artikel 3.1.3. eerste lid, artikel 3.1.4 eerste lid, artikel 3.3.2, 3.3.3 tweede lid, artikel 3.4.1 eerste lid en artikel 3.3.8;
•Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers;
•Wet op de loonbelasting.
Besluit
•De Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Texel 2025 vast te stellen.
•De Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Texel 2023 in te trekken.
Artikel 1 Definitiebepalingen
In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
a.commissielid: lid van een commissie als bedoeld in de artikelen 82, 83 en 84 van de Gemeentewet, dat niet tevens raadslid is of ambtenaar die als zodanig tot lid van een commissie is benoemd.
b.griffier: de griffier, bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet.
c.raadslid: lid van de gemeenteraad.
Artikel 2 Toelage raadslid onderzoekscommissie en bijzondere commissie
1Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet wordt voor de duur van de activiteiten van die commissie ten laste van de gemeente een toelage toegekend van € 990,55 per maand. De toelage is per jaar maximaal driemaal de maandelijkse vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
2Een raadslid dat lid is van een bijzondere commissie als bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers wordt voor de duur van de activiteiten van de commissie een toelage toegekend van maximaal € 139,90 per maand.
Artikel 3 Reis- en verblijfkosten raads- en commissieleden
1Voor reizen als bedoeld in artikel 3.1 Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.17 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers worden aan een raads- of commissielid vergoed:
a.de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer;
b.bij gebruik van een vervoersmiddel het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt, alsmede de parkeer- of stallingskosten, veerkosten en tolkosten.
2Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed.
3Als een raadslid of commissielid een functionele beperking heeft, kan incidenteel, een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking gesteld.
4De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raadslid of commissielid maakt in verband met reizen, gemaakt voor de uitoefening van de functie, worden ten laste van de gemeente vergoed.
Artikel 4 Overlijdensuitkering
1Indien een raadslid in de periode dat hij actief deel uitmaakt van de gemeenteraad overlijdt, wordt aan zijn nabestaande een overlijdensuitkering uitbetaald.
2Onder de in het eerste lid bedoelde nabestaande wordt verstaan degene met wie het raadslid gehuwd was dan wel degene met wie hij een geregistreerd partnerschap is aangegaan.
3Dit artikel is niet van toepassing op een lid van de raad dat is benoemd in een plaats die is opengevallen als gevolg van het tijdelijk ontslag van een lid van de raad wegens zwangerschap en bevalling of ziekte, ingevolge artikel X 12 van de Kieswet.
4De overlijdensuitkering is gelijk aan 3 maal de vergoeding voor de werkzaamheden per maand en wordt zo spoedig mogelijk na het overlijden van het raadslid in 1 keer aan zijn nabestaande uitbetaald.
Artikel 5 Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing raads- en commissieleden
1Een raads- of commissielid dat wil deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van zijn functie als bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, dient daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de griffier.
2Deze aanvraag gaat vergezeld van stukken met inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie.
3De maximale vergoeding van de scholing bedraagt:
a.€ 500 per jaar per raadslid;
b.€ 500 per jaar per commissielid.
4De burgemeester en griffier beslissen op de aanvraag op basis van de overlegde stukken.
Artikel 6 Informatie- en communicatievoorzieningen raads- en commissieleden
1Een raads- of commissielid tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld bedoeld in artikel 3.3.2 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast.
2Een raads- of commissielid levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente. Overname van de informatie- en communicatievoorzieningen na schoning is mogelijk tegen vergoeding van de resterende waarde van de voorzieningen in het economisch verkeer.
3Aan raadsleden wordt een data-abonnement ter beschikking gesteld.
Artikel 7 Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel
1Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
2Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze verordening, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting 1964.
Artikel 8 Betaling vaste vergoedingen
1Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van de vergoeding van commissieleden, bedoeld in artikel 3.4.1 het Rechtspo sitiebesluit decentrale politieke ambtsdragers maandelijks plaats met inachtneming van een vergoeding per bijgewoonde vergadering.
2In aanvulling op artikel 3.1.7 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.1 van de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers geldt voor raadsleden een vaste vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen van de gemeenteraad en commissies:
a.Het berekenen van de reisafstand geschiedt op basis van het aantal kilometers volgens de snelste route volgens de ANWB-routeplanner (van postcode naar postcode) en op basis van het voor het raadslid vastgestelde aantal van 2 reisdagen per week;
b.De vaste vergoeding per jaar voor gebruik van eigen vervoer wordt vastgesteld middels de door de belastingdienst vastgestelde formule: 214 * totale reisafstand heen en terug * de vastgestelde kilometervergoeding * 2/5 (2 reisdagen per week). De vergoeding wordt in maandelijkse delen uitbetaald;
c.Wanneer het raadslidmaatschap in de loop van het kalenderjaar begint of eindigt wordt de vergoeding naar evenredigheid vastgesteld;
d.De vaste vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen van de gemeenteraad en commissies schort op bij langdurige afwezigheid als gevolg van ziekteverzuim of zwangerschaps- en bevallingsverlof. In die situatie wordt de vaste vergoeding nog tijdens de lopende en de eerstvolgende kalendermaand uitbetaald;
e.Bij hervatting na langdurige afwezigheid ontvangt het raadslid de vergoeding vanaf de maand na de maand waarin het raadslid weer is gaan werken.
Artikel 9 Betaling en declaratie van onkosten
1Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door:
a.betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur,
b.betaling vooruit uit eigen middelen of
c.betaling ten laste van de gemeentelijke creditcard.
2Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken. Het vereiste om bewijsstukken te overleggen geldt niet wanneer de vergoeding een forfaitair bedrag betreft.
3Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden binnen 2 maanden na factuurdatum of betaling door raads- of commissieleden ingediend bij de griffier.
4Voor zover van toepassing draagt de gemeente er zorg voor dat de betaling aan raads- of commissieleden binnen 2 maanden na het indienen van de aanvraag wordt overgemaakt.
Artikel 10 Vangnetregeling
Bij twijfel over de toepassing van de regels uit dit hoofdstuk, beslist het Fractievoorzittersoverleg, op voorstel van en/of na consultatie van de burgmeester en de griffier.
Artikel 11 Inwerkingtreding
De verordening rechtpositie Raads- en commissieleden 2025 treedt in werking op 1 januari 2025 na publicatie op het Gemeenteblad.
Artikel 12 Citeertitel
Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening rechtspositie raads- en commissieleden 2025”.
Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 18 december 2024.
De griffier, De burgemeester,
Mevrouw M. de Porto De heer M. Pol