Aanhef
De raad der gemeente Sliedrecht;
gelezen het voorstel van het presidium van 2 juli 2026;
gelet op de artikelen 61, 61a, 61c, 84, 147 en 149 van de Gemeentewet, de artikelen 15 en 31 van de Archiefwet 1995 en artikel 9 van het Archiefbesluit 1995;
gelet op de Circulaire benoeming, klankbordgesprekken en herbenoeming burgemeesters (d.d. 1 oktober 2017);
besluit
vast te stellen de Verordening vertrouwenscommissie herbenoeming burgemeester Sliedrecht 2026.
Artikel 1 Begripsbepalingen
In deze verordening wordt verstaan onder:
a.de minister: de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
b.de commissaris: de commissaris van de Koning in de provincie Zuid-Holland;
c.de burgemeester: de burgemeester van de gemeente Sliedrecht;
d.de commissie: de vertrouwenscommissie, zijnde een raadscommissie, die belast is met de voorbereiding van de aanbeveling tot vervulling van de herbenoeming van de burgemeester.
Artikel 2 Taak van de commissie
1De commissie heeft tot taak de aanbeveling tot herbenoeming van de burgemeester voor te bereiden.
2De commissie formuleert de informatiebronnen op basis waarvan zij zich een oordeel vormt over het functioneren van de burgemeester. Deze informatiebronnen maakt zij vooraf kenbaar aan de burgemeester, de gemeenteraad en de commissaris van de Koning.
Artikel 3 Samenstelling commissie
1De commissie bestaat uit zes raadsleden, van elke raadsfractie één (bij voorkeur de fractievoorzitters). Zij zijn lid van de commissie.
2De commissie kiest uit haar midden een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter.
3De commissie kent geen plaatsvervangende leden.
4Bij langdurige afwezigheid van een lid van de commissie draagt de desbetreffende raadsfractie een nieuw raadslid voor benoeming als lid van de commissie voor.
Artikel 4 Ambtelijke ondersteuning
1De griffier is secretaris van de commissie.
2De plaatsvervangend griffier is plaatsvervangend secretaris van de commissie.
3De (plaatsvervangend) secretaris is geen lid van de commissie en heeft geen stemrecht in de commissie.
Artikel 5 Adviseur
1Het college van burgemeester en wethouders wijst uit zijn midden één of twee wethouders aan in verband met de in artikel 2 genoemde taak.
2De adviseur kan worden uitgenodigd voor de vergaderingen van de commissie.
3Een adviseur is geen lid van de commissie, heeft geen stemrecht en kent geen plaatsvervanger.
Artikel 6 Vergaderingen, quorum en stemming
1De commissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter of tenminste twee leden dit noodzakelijk achten.
2De voorzitter bepaalt dag, uur en plaats van de vergadering. De voorzitter doet van elke vergadering tenminste vierentwintig uur tevoren aankondiging aan de leden van de commissie.
3De commissie vergadert niet als niet tenminste vijf van de zes leden aanwezig zijn.
4De commissie besluit over de vaststelling van een concept aanbeveling bij meerderheid van stemmen, waarbij elk lid één stem heeft.
5De commissie streeft naar unanimiteit. Indien de stemmen staken, wordt het nemen van een beslissing uitgesteld tot de volgende vergadering. Is uitstel van de beslissing niet mogelijk of staken de stemmen ook in die volgende vergadering, dan worden de verschillende meningen in het verslag opgenomen. Het gevoelen van de minderheid wordt desgewenst in het verslag tot uitdrukking gebracht.
Artikel 7 Geheimhouding en communicatie
1De vergaderingen van de commissie zijn besloten.
2De voorzitter van de commissie treedt naar buiten toe op als contactpersoon.
3Op alle informatie van de commissie rust de verplichting tot geheimhouding, die van toepassing is op een ieder die kennis heeft van de informatie.
4De voorzitter van de commissie wijst in elke vergadering op de geheimhoudingsplicht.
5Stukken die van de commissie uitgaan worden onder vermelding van “geheim” door de voorzitter en de secretaris ondertekend en verstuurd. Stukken bestemd voor de commissie worden onder vermelding van “geheim” gezonden aan de secretaris en aldaar bewaard tot het moment van archivering.
6Aan degenen die geen lid, (plaatsvervangend) secretaris of adviseur zijn van de commissie wordt volgens de wet geen informatie verstrekt over de inhoud van de stukken of wat in de vergadering of in het gesprek is besproken.
7De commissie treft een voorziening met betrekking tot de wijze waarop de geheimhouding blijft gewaarborgd bij het beheer van bescheiden, het voeren van correspondentie en bij de bepaling van plaats en tijdstip van de gesprekken.
8De geheimhoudingsplicht blijft ook in het geval de commissie wordt ontbonden van kracht.
Artikel 8 Verslag van bevindingen
1De commissie brengt over haar werkzaamheden ter zake van de voorbereiding van de aanbeveling tot herbenoeming verslag uit aan de gemeenteraad en de commissaris door middel van een verslag van bevindingen. Dit schriftelijke en geheime verslag bevat tenminste:
a.een weergave van de wijze waarop de commissie haar werkzaamheden heeft verricht;
b.een gemotiveerde weergave van de bevindingen van de commissie;
c.de vermelding of er sprake is van unanimiteit binnen de commissie, en heeft in ieder geval als bijlage;
d.het verslag van het gesprek met de burgemeester over het conceptverslag van bevindingen en de conceptaanbeveling.
2Alvorens haar verslag van bevindingen aan de gemeenteraad en commissaris van de Koning te zenden, bespreekt de commissie (via de voorzitter) dit met de burgemeester.
Artikel 9 Ontbinding van de commissie
De commissie is ontbonden met ingang van de dag volgende op die waarop door de minister aan de gemeenteraad bekend is gemaakt dat de voordracht van de minister door een Koninklijk besluit is gevolgd.
Artikel 10 Archivering
1De voorzitter en de secretaris van de commissie dragen er zorg voor dat op het tijdstip bedoeld in artikel 12 alle archiefbescheiden onverwijld in een verzegelde envelop en gerubriceerd als 'geheim' worden overgebracht naar de op grond van artikel 31 van de Archiefwet door de gemeenteraad aangewezen archiefbewaarplaats.
2De voorzitter en de secretaris van de commissie dragen er zorg voor dat van de in het eerste lid bedoelde overbrenging een verklaring van overbrenging als bedoeld in artikel 9 van het Archiefbesluit 1995 wordt opgemaakt. In deze verklaring wordt melding gemaakt van de met toepassing van artikel 15, lid 1 sub a en c, van de Archiefwet 1995 gestelde beperkingen aan de openbaarheid, geldende voor een periode van 75 jaar.
3De voorzitter en de secretaris van de commissie dragen er zorg voor dat alle overige bescheiden en alle kopieën van de in dit artikel bedoelde bescheiden onmiddellijk worden vernietigd.
Artikel 11 Onvoorziene gevallen
In alle gevallen waarin deze verordening dan wel de circulaire van de minister niet voorziet, beslist de commissie.
Artikel 12 Inwerkingtreding en vervaldatum
1Deze verordening treedt in werking met ingang van 15 juli 2026.
2Deze verordening vervalt op de dag volgende op die waarop door de minister aan de gemeenteraad bekend is gemaakt dat de voordracht van de minister door een Koninklijk besluit is gevolgd.
Artikel 13 Citeertitel
De verordening kan worden aangehaald als: Verordening vertrouwenscommissie herbenoeming burgemeester Sliedrecht 2026.