Aanhef
De raad van de gemeente Purmerend;
gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 16 september 2025, zaaknummer: 855270;
gelet op artikel 225 van de Gemeentewet;
besluit vast te stellen de volgende verordening:
Verordening op de heffing en de invordering van parkeerbelasting Purmerend 2026
(Verordening Parkeerbelastingen Purmerend 2026)
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
1Het RVV 1990: het reglement verkeersregels en verkeerstekens van 26 juli 1990, Staatsblad 459;
2motorvoertuig: hetgeen daaronder verstaan wordt in het RVV 1990, met inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel 1 van het RVV 1990;
3parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten staan van een voertuig anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen van goederen, op binnen de gemeente gelegen, voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden;
4houder: degene die naar de omstandigheden als houder van een voertuig moet worden beschouwd, met dien verstande dat voor een motorvoertuig dat is ingeschreven in het krachtens de Wegenverkeerswet 1994 aangehouden register van opgegeven kentekens als houder wordt aangemerkt degene op wiens naam het voor het motorvoertuig opgegeven kenteken ten tijde van het parkeren in het register ingeschreven was;
5parkeerapparatuur: parkeermeters, parkeerautomaten, met inbegrip van verzamelparkeermeters, centrale computer voor het verlenen van diensten op het gebied van telefonische betaling, en hetgeen naar maatschappelijke opvatting overigens onder parkeerapparatuur verstaan wordt;
6centrale computer: computer van een of meer bedrijven waarmee de gemeente Purmerend een overeenkomst heeft gesloten, bestemd voor de registratie van parkeerbewegingen in het kader van het verlenen van diensten op het gebied van betaald parkeren met gebruik van een telefoon of een ander communicatiemiddel;
7parkeerapparatuurplaats: een parkeerplaats behorend bij parkeerapparatuur;
8parkeervergunning: een op grond van de parkeerverordening verleende vergunning krachtens welke het toegestaan is een motorvoertuig op daartoe aangewezen parkeerplaats te parkeren.
9vergunninghouder: de natuurlijke persoon of rechtspersoon aan wie een vergunning verleend is.
10dag: etmaal
11week: een tijdvak van 7 etmalen aanvangende maandag 0.00 uur;
12maand: kalendermaand;
13kwartaal: kalenderkwartaal;
14dagkaart: ticket of vergunning aangeschaft bij parkeerautomaat, internet, belparkeren, of via app verkregen, voor het parkeren op een specifieke dag.
Artikel 2 Belastbaar feit
Onder de naam "parkeerbelastingen" worden de volgende belastingen geheven:
a.een belasting ter zake van het parkeren van een voertuig op een bij, dan wel krachtens deze verordening in de daarin aangewezen gevallen door burgemeester en wethouders te bepalen plaats, tijdstip en wijze;
b.een belasting ter zake van een van gemeentewege verleende vergunning voor het parkeren van een voertuig op de in die vergunning aangegeven plaats en wijze.
Artikel 3 Belastingplicht
1De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven van degene die het voertuig heeft geparkeerd.
2Als degene die het voertuig heeft geparkeerd wordt mede aangemerkt:
a.degene die de belasting voldoet, dan wel te kennen geeft of heeft gegeven de belasting te willen voldoen;
b.zolang geen voldoening van de belasting genoemd in artikel 2, onderdeel a, heeft plaatsgevonden: de houder van het voertuig met dien verstande dat:
•als een voor ten hoogste drie maanden aangegane huurovereenkomst wordt overgelegd waaruit blijkt wie ten tijde van het parkeren ingevolge deze overeenkomst de huurder van het voertuig was, niet de houder maar de huurder, wordt aangemerkt als degene die het voertuig heeft geparkeerd;
•als blijkt dat een ander in het kentekenregister had moeten staan ingeschreven, die ander wordt aangemerkt als degene die het voertuig heeft geparkeerd.
3De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt niet geheven van degene die op de voet van het tweede lid, onderdeel b, als degene die het voertuig heeft geparkeerd wordt aangemerkt, als deze aannemelijk maakt dat ten tijde van het parkeren een ander tegen zijn wil van het voertuig gebruik heeft gemaakt en dat hij dit gebruik redelijkerwijs niet heeft kunnen voorkomen.
4De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven van degene die de vergunning heeft aangevraagd.
Artikel 4 Maatstaf van heffing, belastingtarief en belastingtijdvak
De maatstaf van heffing, het belastingtarief en het belastingtijdvak zijn vermeld in de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende tarieventabel.
Artikel 5 Wijze van heffing
1De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven door voldoening op aangifte. Als voldoening op aangifte wordt aangemerkt het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen van de parkeerapparatuur op de daartoe bestemde wijze en met inachtneming van de door het college gestelde voorschriften.
2De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven door voldoening op aangifte.
3Bij de voldoening op aangifte moet het kenteken van het motorvoertuig waarmee wordt geparkeerd of waarvoor de vergunning geldt worden opgegeven, indien de aangifte wordt gedaan bij parkeerautomaten die zodanig zijn geprogrammeerd dat de aangifte moet worden gedaan met opgave van het kenteken.
Artikel 6 Ontstaan van de belastingschuld
1De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, is verschuldigd bij de aanvang van het parkeren, tenzij het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen van de parkeerapparatuur geschiedt door het via een mobiele telefoon inloggen of ander communicatiemiddel inloggen op de centrale computer.
2De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, is verschuldigd op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.
Artikel 7 Termijnen van betaling
1De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, moet overeenkomstig de aangifte worden betaald bij de aanvang van het parkeren.
2In afwijking van het bepaalde in het vorige lid moet de belasting overeenkomstig de aangifte worden betaald na het einde van het parkeren, als het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen van de parkeerapparatuur geschiedt door het via een mobiele telefoon of ander communicatiemiddel inloggen op de centrale computer.
3De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, moet overeenkomstig de aangifte worden betaald op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.
4Een naheffingsaanslag moet terstond worden betaald.
Artikel 8 Restitutie
1Bij tussentijdse opzegging van een onder artikel 2, onderdeel b bedoelde parkeervergunning kan restitutie worden verleend over de nog volle kalenderdagen die in het kwartaal resp. het jaar nog overblijven.
2De periode waarover restitutie wordt verleend is afhankelijk van de dag waarop de vergunning is ingeleverd bij het team Vergunningen, Beleid en Advies.
Artikel 9 Bevoegdheid tot aanwijzing parkeerplaatsen
De aanwijzing van plaats waar, het tijdstip en de wijze waarop tegen betaling van de belasting, bedoeld in artikel 2, onderdeel a, mag worden geparkeerd geschiedt in alle gevallen door het college bij openbaar te maken besluit.
Artikel 10 Kosten
De kosten van de naheffingsaanslag zijn opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.
Artikel 11 Bevoegdheid tot naheffingsaanslag, wielklem en wegsleepregeling
1Tot zekerheid van de betaling van een naheffingsaanslag ter zake van de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, kan aan het voertuig ook een wielklem worden aangebracht, waardoor wordt verhinderd dat het voertuig wordt weggereden.
2Het college van burgemeester en wethouders wijst in alle gevallen de terreinen en weggedeelten aan waar de wielklem wordt toegepast.
3Van de in lid 1 bedoelde bevoegdheid kan gebruik worden gemaakt indien:
•voor een voertuig met een Nederlands kenteken waarvan de persoonsgegevens van de kentekenhouder kunnen worden verkregen, vier of meer niet-betaalde naheffingsaanslagen zijn opgelegd.
•voor een voertuig met een buitenlands kenteken, één of meer geregistreerde waarschuwing(en) parkeren zonder te betalen is uitgedeeld.
4Indien na het aanbrengen van de wielklem 24 uren zijn verstreken kan het voertuig naar de in art. 12 lid 5 genoemde plaats worden overgebracht en in bewaring worden gesteld.
Artikel 12 Aanbrengen wielklem en overbrenging voertuig
1De wielklem wordt aangebracht door de medewerker die is ingehuurd of aangesteld als handhaver bij de gemeente.
2De wielklem wordt op een zodanige wijze aangebracht dat het motorvoertuig niet wordt beschadigd.
3Op het motorvoertuig wordt bij het aanbrengen van de wielklem tevens een sticker aangebracht om personen die van het motorvoertuig gebruik willen gaan maken, op de wielklem te attenderen.
4Schade veroorzaakt doordat met de wielklem aan het voertuig wordt gereden komt niet voor rekening en risico van de gemeente.
5Voor het overgebrachte en in bewaring genomen voertuig zoals bedoeld in artikel 11, lid 4 wordt gebruik gemaakt van het terrein van garagebedrijf Cees Jonk en zn, gevestigd aan de Neckerstraat 1, 1441 KT in Purmerend.
Artikel 13 Verwijderen wielklem en teruggave voertuig
1De wielklem wordt verwijderd na telefonisch contact en als de opgelegde naheffingsaanslagen, eventuele kosten van (dwang)invordering en de kosten als bedoeld in de bij deze verordening behorende tarieventabel zijn voldaan.
2Als met de overbrenging ter bewaring van het voertuig is aangevangen, kan het voertuig door de kentekenhouder weer in gebruik worden genomen nadat de opgelegde naheffingsaanslagen, eventuele kosten van (dwang)invordering en de kosten als bedoeld in de bij deze verordening behorende tarieventabel zijn voldaan.
Artikel 14 Inwerkingtreding en citeertitel
1De Verordening Parkeerbelastingen Purmerend 2025 wordt ingetrokken met ingang van de in het vierde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
2Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.
3In afwijking in zoverre van het in de voorgaande leden bepaalde, blijft, indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in het vierde lid genoemde datum van ingang van de heffing, de ingetrokken verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover ter zake daarvan de heffing van de rechten in die periode plaatsvindt.
4De datum van ingang van de heffingen uit de verordening is 1 januari 2026.
5Deze verordening kan worden aangehaald als Verordening Parkeerbelastingen Purmerend 2026.
Bijlage: Tarieventabel behorende bij de “Verordening Parkeerbelastingen Purmerend 2026”
1Parkeerapparatuurplaatsen:
Voor de parkeerapparatuurplaatsen in onderstaande tabel geldt voor het parkeren bij parkeerapparatuur als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, het volgende parkeertarief:
Parkeertarief
maandag t/m zaterdag
Nr.
Locatie (wijk/straat)
Plaatsaanduiding
Per uur
Per dag
1Centrum
Achterdijk
€ 3,25
Bierkade
€ 3,25
Beemsterburgwal
€ 3,25
Emmakade
€ 3,25
Gedempte Singelgracht
€ 3,25
Gedempte Where
Het parkeerterrein ter hoogte van de Gedempte Where 1 inclusief de parkeervakken parallel aan de Where.
€ 3,25
Hoornsebuurt
€ 3,25
Houttuinen
€ 3,25
Kanaalkade
€ 3,25
Kanaalschans
€ 3,25
Kanaalstraat
€ 3,25
Kanaalstraat parkeerterrein
€ 3,25
Liduinatuin
€ 3,25
Looiersplein
€ 3,25
Molenplantsoen
€ 3,25
Nieuwstraat
Incl. het parkeerterrein tussen de Nieuwstraat en de Plantsoenstraat, grenzend aan de Schapenmarkt
€ 3,25
Oude Vismarkt
€ 3,25
Parkeerterrein Schapenmarkt
€ 3,25
Plantsoengracht
Het parkeerterrein bij de oude begraafplaats/Bolwerk
€ 3,25
Plantsoenstraat
Incl. het parkeerterrein tussen de Nieuwstraat en de Plantsoenstraat, grenzend aan de Schapenmarkt
€ 3,25
Schipperspad
€ 3,25
Slotplein
€ 3,25
Tuinhof
€ 3,25
Tramplein
Ter hoogte van Tramplein 5
€ 3,25
Venediën
€ 3,25
Parkeertarief maandag t/m zaterdag
Nr.
Locatie (wijk/straat)
Plaatsaanduiding
Per uur
Per dag
Wagenbeurs
€ 3,25
Weerwal
€ 3,25
Westerstraat
€ 3,25
Whereplantsoen
€ 3,25
2Zuiderpolder/Bloemenbuurt
B. Nieuwentijtstraat
€ 3,25
Beukenstraat
€ 3,25
Brantjesoever
€ 3,25
Esdoornstraat
€ 3,25
Herengracht
€ 3,25
Fresiastraat
€ 3,25
Hyacinthenstraat
€ 3,25
Jasmijnstraat
€ 3,25
Julianaplein
€ 3,25
Julianastraat
€ 3,25
Kastanjelaan
€ 3,25
Oranjestraat
€ 3,25
Populierenstraat
Inclusief het parkeerterrein achter stadhuis
€ 3,25
Purmersteenweg
€ 3,25
Stationsweg
Inclusief het parkeerterrein
€ 3,25
Vooruitstraat
€ 3,25
Wilhelminalaan
€ 3,25
Wolthuissingel
€ 3,25
Anemonenstraat
€ 3,25
Anjelierenstraat
€ 3,25
Asterstraat
€ 3,25
Chrysantenstraat
€ 3,25
Dahliastraat
€ 3,25
Goudenregenplein
€ 3,25
Goudenregenstraat
€ 3,25
Hortensiastraat
€ 3,25
Irisplein
€ 3,25
Jan van Egmondstraat
€ 3,25
Meidoornplein
€ 3,25
Mimosaplein
€ 3,25
Narcissenstraat
€ 3,25
Orchideeënstraat
€ 3,25
Primulastraat
€ 3,25
Rozenstraat
€ 3,25
Seringenstraat
€ 3,25
Violenstraat
€ 3,25
3De Gors/Waterlandkwartier
Broekerhof
€ 1,85
Ilpendamstraat
€ 1,85
Parkeertarief maandag t/m zaterdag
Nr.
Locatie (wijk/straat)
Plaatsaanduiding
Per uur
Per dag
Jisperstraat
€ 1,85
Katwoudestraat
€ 1,85
Markerkade
€ 1,85
De Oeverlanden
Parkeerterrein voor complex De Dommel
€ 1,85
Purmerweg
€ 1,85
Rijperhof
€ 1,85
Waterlandlaan
Beide zijden van de parallelweg, ter hoogte van Waterlandlaan 40 (bibliotheek)
€ 1,85
Waterlandplein
Parkeerterreintje ter hoogte van Waterlandplein 5
€ 1,85
Zeevangstraat
€ 1,85
Beatrixplein
€ 1,85
€ 6,25
Boezemkade
€ 1,85
Dobbestraat
€ 1,85
Geulenstraat
€ 1,85
Gorslaan
Tussen Waterlandlaan en Weteringstraat
€ 1,85
Kilstraat
€ 1,85
Kreekstraat
€ 1,85
Poelstraat
€ 1,85
Puntmosstraat
Tussen aansluiting Weteringlaan tot huisnummer 43.
€ 1,85
Slenkstraat
€ 1,85
Spaarbekkenkade
€ 1,85
Sprangkade
€ 1,85
Vijverstraat
€ 1,85
Waterlandlaan
Tussen Purmersteenweg en Gorslaan; beide zijden van de parallelweg
€ 1,85
Weteringstraat
€ 1,85
Wielingenstraat
€ 1,85
4Hazepolder
Hugo de Grootstraat
€ 1,85
Kanaaldijk
tussen Viaduct A7 en Neckerstraat
€ 1,85
Neckerstraat
€ 1,85
Schaepmanstraat
€ 1,85
Thorbeckekade
€ 1,85
Troelstraplein
€ 1,85
Verbindingsweg
€ 1,85
Parkeertarief maandag t/m zaterdag
Nr.
Locatie (wijk/straat)
Plaatsaanduiding
Per uur
Per dag
5Weidevenne
Kanaaldijk
Tussen Neckerstraat en Melkweg
€ 1,85
Kromme Wijzend
Parkeerplaatsen ter hoogte van Voorbuurt en Pleinbuurt
€ 1,85
Mont Saint Michel
€ 1,85
Neckerstraat
Tussen Wolgalaan en Kanaaldijk
€ 1,85
Singelbuurt
€ 1,85
Tussenbuurt
€ 1,85
Piraeushaven
Binnenterrein van het gebouw Piraeushaven
€ 1,85
Rotterdamhaven
Parkeerplaatsen tussen Wolgalaan en Vuurtorengracht
€ 1,85
Rotterdamhaven
Binnenterrein van het gebouw Rotterdamhaven
€ 1,85
Wales
€ 1,85
Wolgalaan
Tussen Mont Saint Michel en Vuurtoren-gracht
€ 1,85
6Wagenweggebied
Chris Lanooystraat
€ 1,85
Lambertus Huisengastraat
€ 1,85
Gerrit Offermanstraat
€ 1,85
Overweerse Polderdijk
Het gedeelte tussen Hoornse-laan en Schipperslaan
€ 1,85
Plateellaan
€ 1,85
Prinsenhof
€ 1,85
Toon Dupuisstraat
€ 1,85
Veilinghof
€ 1,85
Wagenweg
€ 1,85
Wherekant
Inclusief parkeerterrein Wherekant 30
€ 1,85
2Parkeervergunningen:
Het tarief voor een parkeervergunning als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, bedraagt met betrekking tot:
Type vergunning
Tarief
a.
Een bewonersvergunning geldig voor een parkeervergunninggebied als bedoeld in het vigerende Uitvoeringsbesluit Parkeerverordening.
per kwartaal
€
20,50
per jaar
€
78,00
b.
Een tweede bewonersvergunning geldig voor een parkeervergunninggebied als bedoeld in het vigerende Uitvoeringsbesluit Parkeerverordening.
per kwartaal
€
20,50
per jaar
€
78,00
c.
Een bedrijfsvergunning geldig voor een parkeervergunninggebied als bedoeld in het vigerende Uitvoeringsbesluit Parkeerverordening
per kwartaal
€
151,35
per jaar
€
566,35
d.
Het tarief voor 80 uur parkeertijd met een mantelzorgvergunning bedraagt:
€
12,40
e.
Een zorgverlenersvergunning geldig voor alle parkeervergunninggebieden als bedoeld in het vigerende Uitvoeringsbesluit Parkeerverordening
per kwartaal
€
20,50
per jaar
€
78,00
f.
Een functionele vergunning geldig voor alle parkeervergunninggebieden als bedoeld in het vigerende Uitvoeringsbesluit Parkeerverordening.
per kwartaal
€
223,35
per jaar
€
805,50
g.
Het tarief voor 80 uur parkeertijd voor bewoners met een bezoekersvergunning bedraagt
€
18,65
h.
Een autodeelvergunning.
per jaar
€
78,00
inrichten van een autodeelplaats
€
358,85
j.
Een Werknemersvergunning geldig voor een parkeervergunninggebied als bedoeld in het vigerende Uitvoeringsbesluit Parkeerverordening
per kwartaal
€
112,95
per jaar
€
447,75
k.
Een Parkeervergunning voor Kampeervoertuigen, geldig voor de parkeerlocatie(s) als bedoeld in het vigerende Uitvoeringsbesluit Parkeerverordening.
€
9,80
l.
Het tarief voor 100 uur parkeertijd met een Parkeervergunning voor maatschappelijke organisaties bedraagt
€
23,30
Tarief
Kosten naheffingsaanslag
De kosten van de naheffingsaanslag bedragen
€
82,00
Kosten wielklem
De kosten voor het aanbrengen en verwijderen van de wielklem bedragen
€
244,10
Kosten wegslepen voertuigen
De kosten voor het overbrengen en in bewaring nemen van een voertuig met een maximumgewicht van 3500 kg bedragen:
Uitrijden
€
109,90
Werkzaamheden-laden
€
73,20
Transport en in bewaring nemen
€
122,05
Het bewaartarief bedraagt per etmaal of een gedeelte daarvan
€
14,40
Wanneer het voertuig binnen 3 maanden na het in bewaring stellen niet is afgehaald en de eigenaar niet bekend is, worden de kosten voor het in bewaring brengen bepaald door het bergingsbedrijf na voorafgaand overleg met het college.
Het tarief voor het overbrengen en in bewaring nemen wordt ook in rekening gebracht als door het wegsleepbedrijf met de overbrenging is aangevangen.
De kosten voor het overbrengen en in bewaring nemen van een voertuig met een gewicht boven de 3500 kg naar de bewaarplaats en het aldaar bewaren, worden bepaald door het bergingsbedrijf na voorafgaand overleg met het college.
De kosten wielklem en de kosten wegslepen voertuig zoals bovenstaand vermeld zijn incl. BTW.
Behoort bij het besluit van de raad van 6 november 2025 van de gemeente Purmerend,
de wnd. raadsgriffier,
M. Timmerman