Aanhef
Het college van B&W van de gemeente Ommen,
Gelet op de dienstverleningsovereenkomst met GBLT van 9 november 2021, artikelen 28, eerste lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen juncto artikel 231, tweede lid onderdeel a, van de Gemeentewet en artikel 30, zesde lid, van de Wet waardering onroerende zaken, artikelen 63 en 66 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, artikel 24 van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 juncto artikel 231, tweede lid, onderdeel a, van de Gemeentewet, artikel 255, vijfde lid van de Gemeentewet en afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht;
Besluit vast te stellen:
Artikel 1 Hardheidsclausule
1Aan de directeur van GBLT wordt mandaat verleend tot het toepassen van:
a.artikel 63 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen;
2De in het eerste lid genoemde functionaris kan van de bevoegdheden, bedoeld in het eerste lid, geen ondermandaat verlenen.
Artikel 2 Administratief beroep
1Aan het dagelijks bestuur van GBLT wordt mandaat verleend tot het beslissen op een beroepschrift tegen een beslissing van de invorderingsambtenaar dat voor administratief beroep vatbaar is.
2Ondermandaat van de in het eerste lid genoemde bevoegdheid is niet mogelijk.
Artikel 3 Geheel of gedeeltelijk oninbaar verklaren
1Aan het dagelijks bestuur van GBLT wordt machtiging verleend om de belasting geheel of gedeeltelijk oninbaar te verklaren als bedoeld in artikel 255, vijfde lid, van de Gemeentewet .
2Het dagelijks bestuur van GBLT kan van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, geen machtiging verlenen aan één of meer onder hem ressorterende functionarissen.
Artikel 4 Klachtprocedures
1Aan de directeur van GBLT wordt mandaat verleend om te beslissen op klachten die betrekking hebben op de taakuitvoering door GBLT.
2De medewerkers van GBLT die zijn aangewezen als (plaatsvervangend) klachtencoordinator zijn bevoegd om alle (voorbereidings)handelingen te verrichten die nodig zijn voor het behandelen van de klachten over de taakuitvoering door GBLT.
Artikel 5 Beroep in cassatie
Aan de de directeur van GBLT, en bij diens afwezigheid of ontstentenis de adjunct-directeur van GBLT, wordt machtiging verleend om beroep in cassatie in te stellen in belastingprocedures over de gemeentelijke belastingen en in procedures over waardebeschikkingen op grond van de Wet waardering onroerende zaken, de in deze procedures en door belanghebbende ingestelde procedures nodige stukken te doen opmaken en te tekenen, en verder al datgene te verrichten wat hij of zij raadzaam zal oordelen, een en ander met het recht van subsitutie.
Artikel 6 Ondertekening
Indien uitvoering wordt gegeven aan de artikelen 1 tot en met 5 luidt de ondertekening:
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ommen,
namens deze: gevolgd door de handtekening, de naam en de functienaam van de betrokken functionaris.
Artikel 7 Reikwijdte
Dit besluit is van toepassing op besluiten betreffende belastingjaar 2022 en daarop volgende belastingjaren en ziet uitsluitend op uitvoering van de Wet WOZ en de volgende heffingen en belastingen:
1Afvalstoffenheffing, alleen hoofdstuk 1 en 2 van de bij verordening behorende tarieventabel;
2Rioolheffing;
3Onroerende zaakbelastingen;
4Toeristenbelasting;
5Forensenbelasting;
6Reclamebelasting;
7Precariobelasting;
8Marktgelden, alleen het jaarabonnement;
9Begraafplaatsrechten, alleen de onderhoudsrechten die per kalenderjaar worden geheven.
Artikel 8 Intrekking eerdere besluiten
Eerdere mandaat- of machtigingsbesluiten die zien op voornoemde besluiten en handelingen worden ingetrokken met dien verstande dat zij van kracht blijven voor belastingjaren gelegen vóór 2022 en voor heffingen en belastingen die niet onder de reikwijdte van artikel 7 vallen.
Artikel 9
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking.
Artikel 10
Dit besluit wordt aangehaald als: Mandaat en machtiging belastingbevoegdheden GBLT
Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van 14 december 2021.