Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders;
Gelet op;
1Dienstverleningsovereenkomst met GBLT van 9 november 2021
2Artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht
3Artikelen 6, 7, 8, 13 en 14 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, in samenhang met de artikelen 230, 231, tweede lid, aanhef en onderdeel a, en derde lid, 233 en artikel 237 van de Gemeentewet;
4Artikel 160, eerste lid, onderdeel b, van de Gemeentewet;
5Artikel 224 van de Gemeentewet;
6De laatst vastgestelde verordening op de heffing en de invordering van de toeristenbelasting van de gemeenten Ommen;
Gelezen het voorstel van 14 december 2021
Besluit:
Vast te stellen: Beleidsregel toeristenbelasting
Hoofdstuk 1 Algemeen
Artikel 1 Reikwijdte
Daar waar in dit hoofdstuk wordt gesproken van ‘verordening toeristenbelasting’, wordt de laatst vastgestelde verordening op de heffing en invordering van de toeristenbelasting van de gemeente Ommen bedoeld.
Artikel 2 Aangifte
1De belastingplichtige ontvangt vóór 1 februari van het nieuwe belastingjaar een uitnodiging om aangifte toeristenbelasting te doen. Als de belastingplichtige de uitnodiging niet ontvangt, dan moet hij dit vóór 15 maart van het nieuwe belastingjaar melden bij de ambtenaar belast met de heffing van GBLT.
2Het aangiftebiljet wordt ondertekend en met de gevraagde bescheiden ingeleverd of opgestuurd. Belastingplichtige doet dit binnen 4 weken na de dagtekening van het biljet.
Artikel 3 Voorlopige aanslag
Voorlopige aanslagen worden ná 1 juni van het belastingjaar opgelegd.
Artikel 4 Administratie verblijfhoudende
1De belastingplichtige als bedoelt in de verordening toeristenbelasting Ommen is gehouden verblijfhoudenden te registreren.
2De belastingplichtige die kiest voor de niet-forfaitaire maatstaf van heffing, hoeft uitsluitend een administratie bij te houden voor de standplaatsen waarvoor de maatstaf van heffing wordt vastgesteld op het werkelijk aantal overnachtingen.
3Van de verplichting bedoeld in het eerste lid kan door het dagelijks bestuur van GBLT ontheffing worden verleend.
4Aan het verlenen van de ontheffing bedoeld in het vorige lid kunnen voorwaarden worden gesteld door het dagelijks bestuur van GBLT.
5Voor het verlenen van een ontheffing als bedoeld in het vierde lid geldt in ieder geval als voorwaarde, dat een administratie wordt bijgehouden. In de administratie moeten de volgende gegevens staan:
a.naam en woonplaats;
b.aantal personen dat verblijf houdt;
c.datum van aankomst en datum van vertrek;
d.het aantal overnachtingen ter zake waarvan belasting verschuldigd is
e.indien van toepassing naam, woonplaats en geboortedata van personen waarvoor geen belasting is verschuldigd.
6Een bonnensysteem wordt niet aanvaard als een administratie als bedoeld in het vorige lid.
7In het geval de administratie wordt bijgehouden voor mobiele kampeeronderkomens, stacaravans en vaartuigen op vaste standplaatsen en vaste ligplaatsen dient de administratie te worden bijgehouden per standplaats of ligplaats.
8De administratie dient op verzoek van de ambtenaar belast met de heffing onmiddellijk te worden overgelegd.
9De administratie wordt niet met de aangifte meegezonden.
10De administratie wordt door belastingplichtige zelf bewaard.
11Voor zover op grond van andere wet- of regelgeving geen langere bewaartermijn geldt, geldt voor de administratie een bewaartermijn van 5 jaar.
Artikel 5 Keuze voor forfaitaire maatstaf van heffing of werkelijke overnachtingen
1De belastingaanslag toeristenbelasting wordt voor het verblijf in de in artikel 6, derde lid en vierde lid, van de Verordening toeristenbelasting Ommen, genoemde onderkomens opgelegd naar de forfaitaire heffingsmaatstaf.
2Het forfait wordt niet toegepast op standplaatsen en voor onderkomens die niet door dezelfde persoon of personen het gehele jaar of seizoen worden gehuurd, maar door verschillende verblijfhoudenden steeds kortdurend worden gehuurd. Hiervan moet het werkelijke aantal overnachtingen worden opgegeven.
3De belastingplichtige kan per recreatiecomplex, per soort standplaats (vaste standplaats en vaste ligplaats) kiezen voor het werkelijke aantal overnachtingen.
4Indien de belastingplichtige gebruik maakt van de mogelijkheid als bedoeld in het derde lid, moet de belastingplichtige dit per soort standplaats gespecificeerd en voldoende duidelijk aangeven op het aangiftebiljet.
5Het werkelijke aantal overnachtingen geldt vervolgens voor alle standplaatsen van die soort.
Artikel 6 Inwerkingtreding en citeertitel
1Dit besluit treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van bekendmaking.
2Dit besluit is van toepassing op belastingaanslagen voor tijdvakken die aanvangen op of na 1 januari 2022.
3Eerdere besluiten van gelijke strekking worden ingetrokken, met dien verstande dat deze wel van kracht blijven voor belastingaanslagen die zijn vastgesteld, of nog worden vastgesteld, voor tijdvakken die zijn aangevangen voor 1 januari 2022.
4Dit besluit wordt aangehaald als ‘Beleidsregel toeristenbelasting 2022’
Aldus vastgesteld op 14 december 2021.
Het college van burgemeester en wethouders
Gemeentesecretaris,
J.W.H. Blaauw
Burgermeester,