Aanhef
Het college van burgemeester en wethouders van Oisterwijk,
Gelet op artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht;
Gelet op de artikelen 1.61 lid 1, 1.65 lid 1, 1.66 en 1.72 lid 1 Wet kinderopvang 2024;
Gelet op hoofdstuk 5 Awb (handhaving)
besluit vast te stellen de volgende:
Beleidsregels handhaving Wet kinderopvang gemeente Oisterwijk 2025
Hoofdstuk 1 Algemeen
Artikel 1 Toepassing
Deze beleidsregels zijn van toepassing op de handhaving naar aanleiding van een overtreding van de bij of krachtens de Wet kinderopvang gestelde regelgeving in de gemeente Oisterwijk.
Artikel 2 Begrippenlijst
De belangrijkste begrippen en wat daaronder wordt verstaan zijn opgenomen in de Wet- en regelgeving. In de tabel hieronder staan de belangrijkste begrippen.
Begrip
Wat het college daaronder verstaat
Afwegingsmodel
In het afwegingsmodel is vastgelegd welke bestuurlijke handhavingsmaatregel(en) het college doorgaans oplegt. Per domein staat de hersteltermijn waarbinnen overtredingen moeten zijn hersteld en de hoogte van financiële sancties.
College
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oisterwijk
Gemeente
Gemeente Oisterwijk
GGD
GGD Hart van Brabant
Inspectieonderzoek
Een onderzoek als bedoeld in artikel 1.62, eerste lid Wet kinderopvang
LRK
Landelijk Register Kinderopvang
Toezichthouder
De aangewezen toezichthouder van de GGD. De toezichthouder kinderopvang onderzoekt de naleving van de kwaliteitseisen en legt de bevindingen vast in een inspectierapport.
VE
Voorschoolse educatie. Het college is verantwoordelijk voor voldoende aanbod en een goede spreiding van de voorschoolse educatie. Zij doet dit via subsidie aan kinderopvangorganisaties voor het realiseren van dit aanbod in de gemeente.
Flexibel Toezicht
Door de invoering van de flexibele inspectieactiviteit kunnen inspecties meer op maat worden uitgevoerd. De toezichthouder beoordeelt altijd of de houder voldoet aan eisen waar altijd op getoetst wordt én op aanvullende eisen die in afspraken met de toezichthouder zijn vastgelegd.
Houder
De aanbieder van kinderopvang. In de Wet kinderopvang is de wettelijke definitie opgenomen.
Artikel 3 Vormen van handhaving
Bij het uitvoeren van het handhavingsbeleid heeft het college de mogelijkheid herstellend of bestraffend te handelen:
1Herstellend in de vorm van een aanwijzing of (en kan tegelijkertijd) last onder dwangsom (zie hoofdstuk 2);
2Bestraffend zoals een boete (zie hoofdstuk 3).
Artikel 4 Kwaliteitseisen
In de Beleidsregels handhaving Wet kinderopvang gemeente Oisterwijk 2025 wordt uitgegaan van deze kwaliteitseisen:
1De kwaliteitseisen, waar aan voldaan moet worden, staan genoemd in de Wet kinderopvang 2024 en alle onderliggende regelgeving;
3De toezichthouder kinderopvang onderzoekt de naleving van deze kwaliteitseisen en legt de bevindingen vast in een inspectierapport;
4Als aanvulling op het vorige lid wordt in gemeente Oisterwijk sinds 1 april 2024 ook gebruik gemaakt van flexibele inspectieactiviteiten. Bovenop de kwaliteitseisen die altijd getoetst worden, zijn er afspraken gemaakt met de toezichthouder wanneer op welke kwaliteitseisen getoetst wordt, rekening houdend met o.a. het risicoprofiel, locatiekenmerken, meldingen en signalen.
5In het afwegingsmodel worden per domein de kwaliteitseisen geclusterd weergegeven en voorzien van een prioritering en bepaling van de hoogte van de bestuurlijke boete in geval van een overtreding. Het afwegingsmodel is als bijlage aan deze beleidsregels toegevoegd.
6Diverse kinderdagverblijven in gemeente Oisterwijk bieden voorschoolse educatie aan. Voor voorschoolse educatie gelden aanvullende wettelijke kwaliteitseisen waar de toezichthouder toezicht op houdt. Ook gelden er aanvullende gemeentelijke kwaliteitseisen (Beleidsplan onderwijskansen Oisterwijk 2024-2026, te vinden via https://www.plein013.nl/buurt/oisterwijk/)
Hoofdstuk 2 Herstellend traject
Artikel 5 Herstelmaatregel
1Indien gebleken is dat een houder van een kindercentrum, een gastouderbureau of een voorziening voor gastouderopvang niet voldoet aan één of meer kwaliteitseisen van de Wet kinderopvang en alle onderliggende regelgeving, start het college in beginsel een herstellend handhavingstraject. Dit traject is gericht op beëindiging van de overtreding(-en), hersteld houden van deze overtreding(en) en op voorkoming van herhaling van de overtreding(-en).
2Bij het uitvoeren van een herstellend handhavingstraject hanteert het college de volgende stappen:
a.stap 1: aanwijzing;
b.stap 2: last onder dwangsom/last onder bestuursdwang;
c.stap 3: exploitatieverbod;
d.stap 4: intrekken van de toestemming tot exploitatie en verwijdering van de registratie uit het Landelijk Register Kinderopvang (LRK).
3Indien de aard van de overtreding hiertoe aanleiding geeft, kan het college besluiten om een bepaalde stap of bepaalde stappen in het herstellende traject over te slaan dan wel meerdere keren toe te passen.
4De duur van de hersteltermijn is afhankelijk van de prioriteit die is toegekend aan de kwaliteitseis zoals afgeleid kan worden uit het afwegingsmodel dat als bijlage is opgenomen.
5Bij het geven van een aanwijzing (zoals bedoeld in artikel 4 onder 2a) gelden de volgende hersteltermijnen:
a.Prioriteit/consequentie hoog: maximaal 7 dagen;
b.Prioriteit/consequentie gemiddeld: maximaal 14 dagen;
c.Prioriteit/consequentie laag: maximaal 21 dagen.
Deze termijnen worden eveneens gehanteerd als begunstigingstermijn indien ervoor gekozen is om een last onder dwangsom/last onder bestuursdwang (zoals bedoeld in artikel 4 onder 2b) in te zetten.
6Bij het bepalen van de hoogte van een dwangsom (zoals bedoeld in artikel 4 onder 2b) wordt op basis van de volgende uitgangspunten een berekening gemaakt:
a.Het financiële voordeel dat de overtreder behaalt met voortzetting of herhaling van de overtreding;
b.Het bedrag, dat uit de berekening zoals bedoeld onder sub a volgt, wordt vermenigvuldigd met de factor 2 zodat voldoende stimulans wordt geboden om de overtreding ongedaan te maken.
7Bij niet opvolgen van de maatregelen zoals bedoeld onder artikel 4 – 2a en 2b kan het college besluiten de kinderopvang tijdelijk te sluiten tot de overtredingen zijn hersteld.
8Indien niet (langer) wordt voldaan aan de definities van de Wet kinderopvang voor wat betreft de geregistreerde voorziening (dagopvang, buitenschoolse opvang, gastouderbureau, voorziening voor gastouderopvang) wordt de gegeven toestemming tot exploitatie ingetrokken door middel van een beschikking overeenkomstig artikel 1.46 lid 5 en 6 Wet kinderopvang (zoals bedoeld onder artikel 4 – 2d). Aansluitend wordt de registratie verwijderd uit het landelijk register kinderopvang.
9Bij overtredingen van aanvullende kwaliteitseisen bij een locatie die voorschoolse educatie aanbiedt, treedt het college direct op binnen de subsidierelatie. In kwartaaloverleggen tussen houder en gemeente en bij de aanvraag en verantwoording van de subsidie beschrijft de VE-locatie op welke wijze de overtredingen duurzaam zijn of worden hersteld.
Hoofdstuk 3 Bestraffend traject
Artikel 6 Bestuurlijke boete
1Het college kan, al dan niet in samenhang met een herstellend handhavingstraject, een bestuurlijke boete opleggen bij:
a.Overtredingen met de prioriteit ‘laag’, ‘gemiddeld’ of ‘hoog’ zoals opgenomen in het afwegingsmodel in de bijlage;
b.Exploitatie zonder toestemming van het college van burgemeester en wethouders;
c.Niet onverwijld melden van een wijziging aan het college van burgermeester en wethouders van in het Landelijk Register Kinderopvang opgenomen gegevens;
d.Overtredingen van een norm zoals genoemd in het afwegingsmodel onder ‘overige kwaliteitseisen.
2Het college kan, in afwijking van het eerste lid, bij de eerste constatering van een overtreding voordat zij overgaat tot oplegging van een bestuurlijke boete een schriftelijke waarschuwing geven.
Artikel 7 Hoogte bestuurlijke boete
1Bij de berekening van de bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 1.72 lid 1 van de Wet kinderopvang wordt voor alle overtredingen het boetebedrag dat is neergelegd in het afwegingsmodel als uitgangspunt gehanteerd.
2In afwijking van het vorige lid, geldt voor voorzieningen voor gastouderopvang als uitgangspunt dat het boetebedrag zoals neergelegd in het afwegingsmodel met 0,5 kan worden vermenigvuldigd.
3Het college kan bij het opleggen van een bestuurlijke boete rekening houden met omstandigheden waaronder de overtreding is begaan. Het college stemt de hoogte van de bestuurlijke boete af op:
a.de ernst van de overtreding;
b.de mate van verwijtbaarheid;
c.de omstandigheden waaronder de overtreding is begaan of;
d.de omstandigheden waarin de overtreder verkeert;
e.boeteoplegging volgens deze Beleidsregels handhaving Wet Kinderopvang 2025 onevenredig is.
4Van een situatie als bedoeld in het vorige lid kan in beginsel slechts sprake zijn, indien sprake is van bijzondere omstandigheden waarin bij de vaststelling van deze beleidsregels niet is voorzien.
Artikel 8 Recidive
Bij de vaststelling van de boete wordt uitgegaan van:
11,5 maal het onder artikel 7 bepaalde boetebedrag indien een door een bestuurlijke boete te handhaven overtreding plaatsvindt binnen een periode van twee jaar nadat een eerdere overtreding van dezelfde wettelijke norm heeft plaatsgevonden waarvoor eveneens een bestuurlijke boete was opgelegd;
22 maal het onder artikel 7 bepaalde boetebedrag indien er sprake is van een derde of volgende overtreding van dezelfde wettelijke norm binnen een periode van twee jaar nadat de daaraan voorafgaande overtreding zich heeft voorgedaan waarvoor eveneens een bestuurlijke boete was opgelegd.
Artikel 9 Samenloop
De totale bij boetebeschikking op te leggen boete bestaat, ingeval er sprake is van meerdere overtredingen, uit de som van de per overtreding berekende boetebedragen.
Artikel 10 Slotbepalingen
1Deze beleidsregels treden in werking op 18 februari 2025;
2Per dezelfde datum worden ingetrokken de Beleidsregels handhaving Wet kinderopvang gemeente Oisterwijk 2019 met daarbij horende bijlage het Afwegingsmodeldagopvang/buitenschoolse opvang/gastouderopvang/gastouderbureau ingetrokken;
3Op overtredingen die zijn geconstateerd voor de datum van bekendmaking zijn de Beleidsregels handhaving Wet kinderopvang gemeente Oisterwijk 2019 met daarbij horende bijlage het Afwegingsmodel dagopvang/buitenschoolse opvang/gastouderopvang/gastouderbureau van toepassing tenzij dit ten nadele is van de overtreder.
Bijlage 1 – Afwegingsmodel
In het afwegingsmodel is vastgelegd welke bestuurlijke handhavingsmaatregel(en) het college doorgaans oplegt. De kwaliteitseisen onder elk domein zijn onderverdeeld in vier categorieën. Iedere categorie verwijst naar een financiële sanctie. De bedragen hiervan zijn vastgesteld in artikel 23 lid 4 van het Wetboek van Strafrecht. Voor de volledigheid zijn de bedragen per categorie ook hieronder weergegeven:
-de eerste categorie: € 410.-
-de tweede categorie: € 4.100;
-de derde categorie: € 8.200.-
-de vierde categorie: € 20.500.-
Een financiële sanctie is nooit lager dan het genoemde bedrag uit de eerste categorie. Voor de gastouderopvang, met uitzondering van de gastouderbureaus, en de ouderparticipatiecrèches wordt hierop een uitzondering gemaakt. Daar gelden andere bedragen.
De hier opgenomen bedragen gelden per overtreding van een domein/kwaliteitseis. In de tabel is het maximum sanctiebedrag bij een eerste overtreding van het voorschrift opgenomen. Bij recidive verdubbelt het college dit maximum. Het aantal overtredingen waarvoor het college een financiële sanctie oplegt is beperkt tot 4 overtredingen van hetzelfde voorschrift per inspectieonderzoek.
Tenslotte heeft elk domein ook een eigen consequentiegraad, welke ook opgenomen is in onderstaand overzicht. Elke consequentie heeft een eigen hersteltermijn, welke in artikel 5 sub 5 zijn benoemd.
Dwangsommen Kindercentrum
Algemene voorwaarden kwaliteit en naleving
Administratie
de derde categorie
Maatregelen aanpak A-ziekten
de derde categorie
Overtredingen in het domein Algemene voorwaarden kwaliteit en naleving hebben grote consequenties voor de kwaliteit van kinderopvang.
Pedagogisch klimaat
Pedagogisch beleid
de derde categorie
Pedagogische praktijk
de derde categorie
Voorschoolse educatie
de derde categorie
Inzet pedagogisch beleidsmedewerker voorschoolse educatie
de derde categorie
Overtredingen in het domein pedagogisch klimaat hebben grote consequenties voor de kwaliteit van kinderopvang.
Personeel en groepen
Verklaring omtrent het gedrag en personenregister kinderopvang
de derde categorie
Opleidingseisen
de derde categorie
Aantal beroepskrachten
de derde categorie
Eisen aan de inzet van beroepskrachten in opleiding en Stagiairs
de derde categorie
Inzet pedagogisch beleidsmedewerkers
de tweede categorie
Stabiliteit van de opvang voor kinderen
de tweede categorie
Voertaal
de tweede categorie
Overtredingen in het domein Personeel en groepen hebben grote consequenties voor de kwaliteit van kinderopvang.
Veiligheid en gezondheid
Veiligheids- en gezondheidsbeleid
de tweede categorie
Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling
de tweede categorie
Meld- overleg- en aangifteplicht
de tweede categorie
Overtredingen in het domein Veiligheid en gezondheid hebben grote consequenties voor de kwaliteit van kinderopvang.
Accommodatie
Eisen aan ruimtes
de tweede categorie
Overtredingen in het domein Accommodatie hebben, bij het ontbreken van een acute situatie, gemiddelde consequenties voor de kwaliteit van kinderopvang. Bij acute situaties hebben overtredingen grote consequenties voor de kwaliteit van kinderopvang.
Ouderrecht
Informatie
de tweede categorie
Oudercommissie
de tweede categorie
Klachten en geschillen
de tweede categorie
Overtredingen in het domein Ouderrecht hebben lichte tot matige consequenties voor de kwaliteit van kinderopvang.
Dwangsommen Gastouderbureau
Personeel
Verklaring omtrent het gedrag en personenregister kinderopvang
De derde categorie per ontbrekende VOG, inschrijving en/of koppeling
Personeelsformatie per gastouder
de tweede categorie
Overtredingen in het domein Personeel hebben grote consequenties voor de kwaliteit van opvang.
Veiligheid en gezondheid
Risico-inventarisatie veiligheid en gezondheid
De tweede categorie
Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling
de tweede categorie
Meld- overleg- en aangifteplicht
de tweede categorie
Overtredingen in het domein Veiligheid en gezondheid hebben grote consequenties voor de kwaliteit van opvang.
Ouderrecht
Informatie
de tweede categorie
Oudercommissie
de tweede categorie
Klachten en geschillen
de tweede categorie
Overtredingen in het domein Ouderrecht hebben lichte tot matige consequenties voor de kwaliteit van kinderopvang.
Kwaliteit gastouderbureau en zorgplicht
Kwaliteitscriteria
de tweede categorie
Administratie gastouderbureau
de tweede categorie
Overtredingen in het domein Kwaliteit gastouderbureau en zorgplicht hebben grote consequenties voor de kwaliteit van opvang.
Dwangsommen Gastouder
Het maximum dwangsombedrag voor een voorziening voor gastouderopvang is gelijk aan het bedrag genoemd bij de eerste categorie artikel 23 lid 4 Wetboek van Strafrecht en bij recidive het dubbele daarvan.
Dwangsommen Ouderparticipatieopvang
Het maximum dwangsombedrag voor een ouderparticipatiecrèche is gelijk aan het bedrag genoemd bij de tweede categorie artikel 23 lid 4 Wetboek van Strafrecht en bij recidive het dubbele daarvan.
Bestuurlijke boete
Per overtreding van het voorschrift. Voor enkele overtredingen legt het college, naast een herstelsanctie, in beginsel altijd een boete op. Deze overtredingen staan in de eerste tabel: Directe boete. Voor de overige overtredingen kan naast een herstelsanctie ook een boete worden opgelegd. In de tabel is het maximum boetebedrag bij een eerste overtreding van het voorschrift opgenomen. Bij recidive verdubbelt het college het maximum boetebedrag.
Bij het opleggen van een bestuurlijke boete stemt het college de hoogte van de boete altijd af op de ernst van de overtreding en de mate waarin deze aan de overtreder kan worden verweten. Daarbij houdt het college rekening met de omstandigheden waaronder de overtreding is begaan. Om tot matiging over te gaan, verwacht het college een actieve houding van de overtreder. Het is belangrijk dat een houder niet alleen stelt dat bepaalde (bijzondere) omstandigheden zich hebben voorgedaan, maar dat de houder dit ook aantoont.
Als met 1 feitelijke gedraging 2 of meer overtredingen zijn begaan legt het college alleen een bestuurlijke boete op voor de overtreding met het hoogste boetebedrag. Daarnaast matigt het college een boete aan de hand van de omvang van de organisatie.
Directe boete
algemeen
kindercentrum en GOB
gastouders
Exploitatie zonder toestemming college
de vierde categorie
de derde categorie
Aanbieden kinderopvang zonder schriftelijke overeenkomst
de derde categorie
Schenden medewerkingsplicht
de derde categorie
de tweede categorie
Niet opvolgen bevel
de vierde categorie
de derde categorie
Overtreden exploitatieverbod
de vierde categorie
de tweede categorie
Niet (tijdig) melden wijzigingen
de tweede categorie
Personeel en groepen
kindercentrum en GOB
Verklaring omtrent Gedrag (VOG)
de tweede categorie per ontbrekende VOG
Personenregister kinderopvang
de tweede categorie per ontbrekende inschrijving en/of koppeling
Beroepskrachtkind-ratio (BKR)
de tweede categorie per ontbrekende beroepskracht
Op de uren dat niet tenminste de helft van het conform de BKR benodigde aantal beroepskrachten is ingezet.
de helft van het bedrag genoemd bij de tweede categorie per ontbrekende beroepskracht
Kwalificatie
Het benodigde diploma, certificaat, enz.
de tweede categorie per ontbrekende kwalificatie
Gastouders - Personeel en groepen
Verklaring omtrent Gedrag (VOG)
de eerste categorie per ontbrekende VOG
Groepsgrote en groepssamenstelling
de eerste categorie per overtreding
Kwalificatie
Het benodigde diploma, certificaat, enz.
de eerste categorie per ontbrekende kwalificatie
Kwaliteit gastouderbureau
Pedagogische praktijk
Begeleiding en ondersteuning van de Gastouder:
Uitvoering pedagogisch beleid door gastouders leidt tot verantwoorde gastouderopvang.
de tweede categorie per VGO waar onvoldoende is toegezien op de kwaliteit van opvang en/of de begeleiding tekortschiet
Het gastouderbureau voldoet niet aan zijn zorgplicht:
De samenstelling van de groep kinderen bij de gastouder
de tweede categorie per VGO waar de groepsgrootte en/of samenstelling niet voldoet
Verklaring omtrent het gedrag en personenregister kinderopvang:
Inschrijving en koppeling gastouder, huisgenoten en structureel aanwezigen
de tweede categorie per ontbrekende inschrijving en/of koppeling
Veiligheid en gezondheid:
Inventarisatie van risico’s voorzieningen voor gastouderopvang
de tweede categorie
Hiervoor kan een boete worden opgelegd
Overige kwaliteitseisen
Niet opvolgen aanwijzing
de derde categorie, voor gastouder tweede categorie
Eisen ruimtes gastouderopvang:
De houder van een gastouderbureau toetst aantoonbaar jaarlijks op naleving van deze eisen
de tweede categorie per VGO waar niet is voldaan aan deze kwaliteitseisen en niet aantoonbaar is getoetst op de naleving
Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling
de tweede categorie per gastouder waar de kennis en het gebruik van de handelwijze uit de meldcode niet is bevorderd.
Inzet pedagogisch beleidsmedewerkers
de derde categorie