Aanhef
BELEIDSREGEL NADEELCOMPENSATIE WATEROVERLAST NOORDWIJK AAN ZEE
Doel
Deze beleidsregel dient ertoe helderheid te verschaffen welke procedure het college hanteert bij de verzoeken om nadeelcompensatie met betrekking tot de schade die als gevolg van wateroverlast in 2013 is ontstaan rond de Hoofstraat / Parallelboulevard en directe omgeving.
In de besluiten die op de verzoeken tot nadeelcompensatie worden genomen wordt verwezen naar deze beleidsregel.
Met de bepalingen van deze beleidsregel wordt met inachtneming van diverse wet- en regelgeving zo veel mogelijk getracht recht te doen aan de belangen van de gedupeerden van de schade als gevolg van wateroverlast en aan hetgeen de gemeente Noordwijk en het Hoogheemraadschap van Rijnland over dit onderwerp hebben overwogen.
Wettelijke basis
Artikel 4:81 van de Awb bepaalt dat een bestuursorgaan beleidsregels kan vaststellen met betrekking tot hem toekomende of onder zijn verantwoordelijkheid uitgeoefende, dan wel door hem gedelegeerde bevoegdheid.
In de Algemene wet bestuursrecht komt binnenkort een regeling voor nadeelcompensatie. De centrale bepaling wordt artikel 4:126 lid 1 Algemene wet bestuursrecht (Awb):
‘Indien een bestuursorgaan in de rechtmatige uitoefening van zijn publiekrechtelijke bevoegdheid of taak schade veroorzaakt die uitgaat boven het normale maatschappelijke risico en die een benadeelde in vergelijking met anderen onevenredig zwaar treft, kent het bestuursorgaan de benadeelde desgevraagd een vergoeding toe’
Overwegingen
In het najaar van 2013 ontving de gemeente Noordwijk een groot aantal klachten over vochtproblemen in diverse kelders in Noordwijk. De meldingen in 2013 kwamen vooral vanuit de regio Hoofdstraat / Parallel Boulevard en de directe omgeving. Dit heeft ertoe geleid dat de gemeente en Rijnland op 26 februari 2014 gezamenlijk opdracht hebben verstrekt aan Wareco en Deltares om meerdere grondwateronderzoeken uit te voeren. Uit de rapportages van Wareco/Deltares blijkt dat zeven factoren hebben bijgedragen aan de verhoging van de grondwaterstand. Deze factoren zijn aanleg van een dijk-in-duinconstructie, verbreding strand, aanleg van infiltratievoorzieningen, lekkende riolering, extreme neerslag, aanwezigheid van obstructies in de bodem en de aanwezigheid van een ondiepe kleilaag.
Op 17 december 2015 heeft de gemeenteraad onder andere ingestemd met:
1Het starten van een nadeelcompensatietraject om partijen die nadelen hebben ondervonden van de hoge grondwaterstanden als gevolg van de dijk-in-duinconstructie en de infiltratie van regenwater in de openbare ruimte en eventuele andere oorzaken als gevolg van overheidshandelingen voor een nog nader te bepalen deel te compenseren;
2Het instellen van een onafhankelijke schadeadviescommissie om een oordeel te vellen over de vraag in hoeverre gedupeerden recht hebben op nadeelcompensatie en wat de bijdrage van alle schadeoorzaken (zowel als gevolg van rechtmatig als van onrechtmatig handelen van Rijnland en gemeente Noordwijk) is aan de grondwaterproblematiek en welk deel van het geleden nadeel voor rekening van Rijnland en welk deel voor rekening van de gemeente Noordwijk komt;
3Het beschikbaar stellen van een krediet van € 35.000,00 voor de onderzoekskosten van de commissie ter beoordeling van de schadenadeelcompensatie ten laste van de rioolvoorziening;
4In afwachting van het advies van de schadeadviescommissie in een later stadium een definitief budget beschikbaar te stellen ten laste van de Algemene Reserve voor de uitvoering van de nadeelcompensatieregeling.
5De schadeadviescommissie is in 2016 aan het werk gegaan met dossieronderzoek, het houden van hoorzittingen, het bezoeken van de betreffende locaties en het opstellen van concept adviezen. Ook heeft de schadeadviescommissie nog nader onderzoek door Wareco laten uitvoeren.
Per aanvraag heeft de Schadeadviescommissie een advies uitgebracht ten aanzien van het te vergoeden schadebedrag aan gedupeerden. Door middel van besluiten zullen zowel Rijnland als de gemeente de schadebedragen toekennen. Ten behoeve van het nemen van deze besluiten is het vaststellen van de voorliggende beleidsregel noodzakelijk.
Besluit
Met inachtneming van de Algemene wet bestuursrecht, de Gemeentewet en de Waterwet, de Beleidsregel Nadeelcompensatie Grondwateroverlast vast te stellen:
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
1Aanvrage: Indiener van een aanvraag om tegemoetkoming in geleden nadeel
2Het College: Het college van burgemeesters en wethouders van de gemeente Noordwijk
3Vergoeding: Tegemoetkoming in geleden nadeel, uitgedrukt in geld of bij uitzondering anderszins
4Nadeelcompensatie: Vergoeding als bedoeld in artikel 2
5Rijnland: Het Hoogheemraadschap van Rijnland
Artikel 2 Recht op nadeelcompensatie
1Indien de gemeente in de rechtmatige uitoefening van haar publiekrechtelijke bevoegdheid of taak schade veroorzaakt die uitgaat boven het normale maatschappelijke risico en die een benadeelde in vergelijking met anderen onevenredig zwaar treft, kent het college de benadeelde desgevraagd een vergoeding toe.
2Schade blijft in elk geval voor rekening van de aanvragen zover:
1Hij het risico van het ontstaan van de schade heeft aanvaard;
2Hij de schade had kunnen beperken door binnen redelijke grenzen maatregelen te nemen, die tot voorkoming of vermindering van de schade hadden kunnen leiden;
3De schade anderszins het gevolg is van een omstandigheid die aan de aanvrager kan worden toegerekend, of;
4De vergoeding van de schade anderszins is verzekerd.
3Indien een schadeveroorzakende gebeurtenis als bedoeld in het eerste lid tevens voordeel voor de benadeelde heeft opgeleverd, wordt dit bij de vaststelling van de te vergoeden schade in aanmerking genomen.
4Het college kan een vergoeding toekennen in een andere vorm dan betaling van een geldsom.
Artikel 3 Vereisten aanvraag
1De aanvraag bevat mede:
1Een aanduiding van de schadeveroorzakende gebeurtenis;
2Een opgave van de aard van de geleden of te lijden schade en, voor zover redelijkerwijs mogelijk, het bedrag van de schade en een specificatie daarvan.
2De aanvraag wordt ingediend bij Rijnland.
Artikel 4 Aanvullende vergoeding
Indien het college nadeelcompensatie toekent, vergoedt het eveneens:
1Redelijke kosten ter voorkoming of beperking schade;
2Redelijke kosten ter zake van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand of andere deskundige bijstand bij de vaststelling van de schade;
3De wettelijke rente vanaf de ontvangst van de aanvraag, of indien de schade op een later tijdstip ontstaan, vanaf dat tijdstip.
Artikel 5 verjaring
1Het College kan de aanvraag afwijzen indien op het tijdstip van de aanvraag vijf jaren zijn verstreken na aanvraag van de dag die waarop de benadeelde bekend is geworden zowel met de schade als met het voor de schadeveroorzakende gebeurtenis verantwoordelijke bestuursorgaan en in ieder geval na verloop van twintig jaren nadat de schade is veroorzaakt.
2Indien een aanvraag betrekking heeft op schade veroorzaakt door een besluit waartegen beroep kan worden ingesteld, vangt de termijn van vijf jaren niet aan voordat dit besluit onherroepelijk is geworden.
Artikel 6 Inwinning advies
1Het college kan advies inwinnen van een adviseur.
2Het college wint in ieder geval advies in van een adviseur indien het bedrag van de gevraagde vergoeding hoger is dan € 25.000, tenzij de aanvraag naar het oordeel van het college:
1Kennelijk ongegrond is;
2Kennelijk gegrond is;
3Kennelijk niet-ontvankelijk is.
4De adviseur heeft tot taak onderzoek te doen naar de vraag of op grond van artikel 2 recht bestaat op nadeelcompensatie dan wel onderzoek te doen naar de omvang van de schade.
5De adviseur rapporteert zijn bevindingen.
Artikel 7 Procedure bij inwinning advies
1Het college dan wel de adviseur stelt de aanvrager in kennis van het feit dat de aanvraag of de beoordeling van de omvang van de schade in handen is gesteld van een adviseur.
2Het college en de aanvrager verschaffen de adviseur de gegevens die voor de advisering nodig zijn en waarover zij in redelijkheid de beschikking kunnen krijgen.
3De adviseur stelt de aanvrager in kennis van de te volgen procedure en kan zowel de aanvrager als het college in de gelegenheid een mondelinge toelichting te geven. Beiden kunnen zich laten bijstaan of vertegenwoordigen.
4De adviseur kan inlichtingen en adviezen inwinnen bij derden. Indien hiermee kosten zijn gemoeid, wordt deze bevoegdheid pas uitgeoefend nadat hiervoor van het college instemming is verkregen.
5De adviseur kan een plaatsopneming houden indien dit nodig wordt geacht.
6Het college kan bepalen dat de adviseur alvorens een advies uit brengen eerst een conceptadvies uitbrengt. De aanvrager en het college worden door de adviseur in de gelegenheid gesteld schriftelijk te reageren op dit conceptadvies.
7De adviseur zendt zijn advies aan het college binnen een door het college te bepalen termijn. Het advies bevat een weergave van hetgeen door de aanvrager en het college naar voren is gebracht.
Artikel 8 Inwerkingtreding
1Deze regeling treedt in werking met terugwerkende kracht van 17 december 2015.
2Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel nadeelcompensatie wateroverlast Noordwijk aan Zee.
Noordwijk,
Burgemeester en wethouders van Noordwijk,
De secretaris, De burgemeester,
A.J.C. van der Pol J. Rijpstra