Aanhef
De raad van de gemeente Krimpen aan den IJssel;
Besluit, na het lezen van het voorstel van burgemeester en wethouders van 30 mei 2023,
om:
1De Verordening Voorzieningenfonds 2022 in te trekken.
2De Verordening Iedereen doet mee fonds 2023 vast te stellen;
Verordening Iedereen doet mee fonds 2023
HOOFDSTUK 1: ALGEMENE BEPALINGEN
Artikel 1.1. Begripsbepaling: kind
1Onder kind wordt verstaan een eigen of stiefkind dat in gezins- c.q. samenlevingsverband ten laste komt van de aanvrager, in de leeftijd van 4 tot en met 17 jaar, op het tijdstip van de aanvraag.
Artikel 1.2. Begripsbepaling: aanvrager
1Onder de aanvrager wordt slechts verstaan:
a.de meerderjarige ouder (niet zijnde pleegouder) of voogd, waarmee het kind in gezins - c.q. samenlevingsverband leeft, of
b.de persoon van 18 jaar of ouder.
2Onder de aanvrager wordt slechts verstaan: degene die blijkens de BRP-inschrijving is geregistreerd in onze gemeente en ook feitelijk zijn hoofdverblijf heeft in onze gemeente.
Artikel 1.3. Begripsbepaling: gezin
1Onder gezins- c.q. samenlevingsverband wordt mede verstaan de gezamenlijke huishouding, als bedoeld in artikel 3 van de Participatiewet.
2Onder partner wordt verstaan degene met wie de aanvrager een gezinsverband c.q. gezamenlijke huishouding voert.
Artikel 1.4. Begripsbepaling: instelling
1Onder instelling wordt verstaan een vereniging of stichting, al dan niet binnen de gemeente Krimpen aan den IJssel gevestigd.
Artikel 1.5. Begripsbepaling: kosten van het lidmaatschap
1Onder kosten van het lidmaatschap van een instelling wordt verstaan de jaarlijkse contributie aan een vereniging of stichting,
Artikel 1.6. Uitzonderingen op de doelgroep
1Voor een tegemoetkoming, onverlet de overige bepalingen van deze verordening, zijn uitgesloten personen die:
a.een uitkering ontvangen respectievelijk een bijdrage betalen volgens de Wlz
b.een uitkering ontvangen volgens de WSF2000 of een tegemoetkoming volgens de WTOS
Artikel 1.7. Door burgemeester en wethouders aangewezen kosten
1Voor de vaststelling van de voor een tegemoetkoming in aanmerking komende kosten zijn burgemeester en wethouders bevoegd regels te stellen. Het college stelt tenminste een lijst op van instellingen, waarvan de kosten van lidmaatschap voor een tegemoetkoming in aanmerking komen.
2Voor de bepaling van de overige kosten, waarin een tegemoetkoming kan worden verstrekt, worden uit oogpunt van redelijkheid mede in aanmerking genomen kosten die uit het lidmaatschap van een instelling voortvloeien of andere hiermee verband houdende kosten zoals bijvoorbeeld kleding, boeken, gereedschappen en dergelijke.
3Burgemeester en wethouders zijn bevoegd te bepalen, dat een instelling niet behoort tot de relevante sectoren in de sociaal-culturele of sportieve sfeer, indien de doelstelling van de instelling geen relatie heeft met deze sectoren of de activiteiten van de instelling in strijd moeten worden geacht met de wet of het algemeen belang, met inachtneming van de staatkundige vrijheid evenals van de vrijheid van godsdienst of levensovertuiging.
4Voor de kosten van schoolgaande kinderen van 4 tot en met 17 jaar kan in 2023 een tegemoetkoming worden verstrekt indien het kosten betreft die de ouder(s)/verzorger(s) voor hun kind(eren) maken voor de aanschaf van door school voorgeschreven lesmateriaal.
Artikel 1.8. Door burgemeester en wethouders vastgestelde middelentoets
1De inkomensgrens wordt vastgesteld op een inkomen tot 130 % van de geldende bijstandsnorm. Voor de toepassing van de inkomensgrenzen volgens de geldende bijstandsnorm wordt uitgegaan van de normbedragen volgens de Participatiewet. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd jaarlijks de geldende inkomensgrenzen vast te stellen.
2Burgemeester en wethouders gaan uit van het netto inkomen van de aanvrager en de partner, waarbij op het inkomen rustende beslagen, schulden enzovoort in het algemeen niet worden betrokken. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd hiervan af te wijken, indien bijzondere individuele omstandigheden daartoe aanleiding geven.
3Een uitzondering wordt gemaakt voor de aanvrager die is toegelaten tot het minnelijk traject schuldhulpverlening van de gemeente Krimpen aan den IJssel of de WSNP (Wet schuldsanering natuurlijke personen) en vanwege de hoogte van de afloscapaciteit niet boven de in lid 1 gestelde inkomensgrens komt.
4Een uitzondering wordt gemaakt voor de alleenstaande ouder. Daarvan wordt het netto inkomen vermeerderd met de verhoging op het kindgebonden budget voor alleenstaande ouders (de zogenaamde alo-kop).
5Rekening wordt gehouden met vermogen volgens de vrijlatingsgrenzen vermeld in de Participatiewet.
HOOFDSTUK 2: BEPALINGEN INZAKE DE VERSTREKKING
Artikel 2.1. De aanvraag
1Door de aanvrager wordt een aanvraag ingediend voor een tegemoetkoming in de kosten, gemaakt tijdens een desbetreffend kalenderjaar, uiterlijk binnen de termijn van 2 maanden na het verstrijken van het desbetreffende kalenderjaar. Aanvragen die na deze periode worden ingediend worden niet in behandeling genomen.
2De aanvraag wordt in behandeling genomen, mits het aanvraagformulier volledig is ingevuld, is ondertekend en de bewijsstukken zijn toegevoegd.
Artikel 2.2. De aanspraak
Door het college wordt per kalenderjaar een tegemoetkoming verstrekt in de door het college aangewezen kosten, hetzij voor de aanvrager, hetzij voor een tot het gezins- of samenlevingsverband behorende kind van de aanvrager, mits het gezamenlijk maandelijks inkomen van het gezin, gedurende de kalendermaand waarin de aanvraag is ingediend, niet hoger is dan de van toepassing zijnde door het college vastgestelde middelentoets.
Artikel 2.3. Het besluit
1Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het vaststellen van nadere regels, de administratieve organisatie alsmede het besluiten op de individuele aanvraag te mandateren aan de GR IJsselgemeenten.
2De GR IJsselgemeenten stelt ambtshalve vast, welke aanvragers in aanmerking komen voor de voorziening en welke tegemoetkoming wordt verstrekt.
3Een schriftelijke afwijzing van de aanvraag wordt gemotiveerd bekend gemaakt, met vermelding van de mogelijkheid en de termijn hiertegen een bezwaarschrift in te dienen.
De voorzieningen van de Algemene wet bestuursrecht zijn van toepassing.
Artikel 2.4. Declaratiebasis
1Burgemeester en wethouders zijn bevoegd te bepalen op welke wijze een aanvrager aannemelijk dient te maken dat kosten zijn gemaakt, die voor een tegemoetkoming in aanmerking komen.
Artikel 2.5. Afwijkingsmogelijkheid
1Indien bijzondere individuele omstandigheden van persoon en gezin daartoe aanleiding geven, zijn burgemeester en wethouders bevoegd van de middelentoets af te wijken.
Artikel 2.6. Hoogte van de tegemoetkoming
1De tegemoetkoming ten laste van het Iedereen doet mee fonds voor lidmaatschappen voor sport, culturele en/of sociale activiteiten wordt gebaseerd op de werkelijk gemaakte kosten, met een maximum van € 300 per persoon per kalenderjaar.
2De tegemoetkoming ten laste van het Iedereen doet mee fonds in 2023 voor de aanschaf van door school voorgeschreven lesmateriaal wordt gebaseerd op de werkelijk gemaakte kosten, met een maximum van € 50 voor het basisonderwijs en € 125 voor het voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs. De hoogte van de tegemoetkoming is per kind per kalenderjaar.
Artikel 2.7. Herziening en terugvordering
1Het besluit tot toekenning van een tegemoetkoming wordt met terugwerkende kracht herzien en de tegemoetkoming wordt teruggevorderd, indien door de aanvrager onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt.
HOOFDSTUK 3: SLOTBEPALINGEN
Artikel 3.1 Inwerkingtreding en overgangsrecht
1Deze verordening treedt in werking op 21 september 2023.
2De Verordening voorzieningenfonds 2022 wordt gelijktijdig ingetrokken.
Artikel 3.2. Citeertitel
1Deze verordening kan worden aangehaald als de Verordening Iedereen doet mee fonds 2023.