Gemeentelijke regelgeving

Besluit mandaat, volmacht en machtiging ten aanzien van personeelsaangelegenheden gemeente Krimpen aan den IJssel 2025

Gemeente Krimpen aan den IJssel · geldt sinds 18 februari 2025

Aanhef

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Krimpen aan den IJssel en

De burgemeester van de gemeente Krimpen aan den IJssel,

ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft,

overwegende dat:

–Op 1 januari 2020 de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (hierna: Wnra) in werking is getreden en arbeidsrechtelijke verhoudingen vanaf dat moment hun grondslag zullen vinden in het privaatrecht;

–Het college van burgemeester en wethouders bevoegd is besluiten te nemen met betrekking tot privaatrechtelijke rechtshandelingen;

–De burgemeester vervolgens, de gemeente Krimpen aan den IJssel, zijnde de werkgever, vertegenwoordigt;

–De inwerkingtreding van de Wnra aanleiding geeft om de bestaande Mandaatregeling Personeel gemeente Krimpen aan den IJssel op onderdelen te heroverwegen;

–Gelet op afdeling 10.1.1 Algemene wet bestuursrecht en het bepaalde in de Gemeentewet.

Besluiten vast te stellen het navolgende:

Besluit mandaat, volmacht en machtiging ten aanzien van personeelsaangelegenheden gemeente Krimpen aan den IJssel 2025

Artikel 1 Definities

In dit besluit wordt verstaan onder:

a.het college: het college van burgemeester en wethouders van Krimpen aan den IJssel.

b.de burgemeester: de burgemeester van Krimpen aan den IJssel als bestuursorgaan en als vertegenwoordiger van de gemeente in en buiten rechte.

c.Team directie: de directeuren en de gemeentesecretaris van Krimpen aan den IJssel gezamenlijk.

d.de gemeentesecretaris: de gemeentesecretaris van Krimpen aan den IJssel en tevens directeur.

e.directeur: een lid van team directie.

f.medewerker: een werknemer van de gemeente Krimpen aan den IJssel.

g.mandaat: de bevoegdheid om namens het college of de burgemeester besluiten te nemen, als bedoeld in afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht.

h.ondermandaat: het verlenen van mandaat door de mandaathouder aan een ander.

i.volmacht: de bevoegdheid om namens het bevoegde bestuursorgaan privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten, als bedoeld in artikel 160 Gemeentewet.

j.machtiging: de bevoegdheid om namens het bevoegde bestuursorgaan (feitelijke) handelingen te verrichten die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.

Artikel 2 Reikwijdte

1Voor de toepassing van deze regeling en de daarop berustende bepalingen worden met mandaat gelijkgesteld de verlening van;

a.volmacht;

b.machtiging.

2Hiermee wordt eveneens bedoeld dat indien het college of de burgemeester een mandaat verleend aan een mandaathouder, de burgemeester de mandaathouder tevens volmachtigt in de vertegenwoordiging van de gemeente ten aanzien van het betreffende mandaat.

3De mandaathouder kan enkel gebruik maken van zijn mandaat voor het aangaan van financiële verplichtingen voor zover daarin is voorzien in de begroting.

4Geen mandaat wordt verleend indien artikel 10:3 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is.

Artikel 3 Mandaat gemeentesecretaris en directeur personele aangelegenheden

1Met uitzondering van de bevoegdheden als vermeld in bijlage 1 wordt aan de gemeentesecretaris en de directeur mandaat verleend ten aanzien van de tot het college behorende bevoegdheden ten aanzien van personele aangelegenheden, zoals die genoemd zijn in de Gemeentewet, Burgerlijk Wetboek 7, Cao-gemeenten en het Personeelshandboek.

2Ondermandaat door de gemeentesecretaris is toegestaan met uitzondering van de bevoegdheden als vermeld in bijlage 2 en tenzij de bevoegdheid bij of krachtens de wet aan de gemeentesecretaris wordt verleend of de aard van de bevoegdheid of handeling zich hiertegen verzet.

3Op ondermandaat zijn de bepalingen van dit besluit van overeenkomstige toepassing.

4De gemeentesecretaris is bevoegd om ondermandaten die aan onder hem ressorterende medewerkers zijn verleend, geheel of gedeeltelijk en al dan niet tijdelijk, te wijzigen of in te trekken. Een dergelijk besluit wordt schriftelijk vastgelegd en bekendgemaakt, tenzij het om een concrete, individuele en eenmalige aangelegenheid gaat.

Artikel 4 Uitoefening mandaat

1Het college respectievelijk de burgemeester kan instructies geven over de wijze waarop de gemandateerde bevoegdheden worden uitgeoefend.

2Indien naar het oordeel van de mandaathouder bij de uitoefening van een bevoegdheid belangrijke bestuurlijke aspecten zijn betrokken, legt de mandaathouder de zaak vooraf voor aan de betreffende portefeuillehouder. Deze kan bepalen dat de zaak ter besluitvorming aan het college van burgemeester en wethouders moet worden voorgelegd.

3Voor alle aanwijzingen geldt dat behalve de mandaathouder ook de hiërarchisch hogergeplaatste bevoegd is.

Artikel 5 Ondermandaat overige functionarissen

1De aan de gemeentesecretaris en directeur gemandateerde bevoegdheden worden gemandateerd aan

a.medewerkers team HR/ team Mens en organisatie

b.medewerkers team financieel beheer, onderdeel salarisadministratie.

En aan de plaatsvervangers van de in a en b genoemde functionarissen, met uitzondering van:

–de bevoegdheden die bij of krachtens de wet aan zijn functie zijn toegekend en

–de bevoegdheden genoemd in bijlage 1 en 2.

2De in het eerste lid onder a en b genoemde functionarissen maken van het aan hen specifiek verleende mandaat slechts gebruik indien aan de volgende voorwaarden is voldaan:

–het betreffen routinematige aangelegenheden die behoren tot hetzelfde cluster danwel tot de aan hen opgedragen opgave of project;

–binnen de vastgestelde beleidskaders en binnen de grenzen van de beschikbare budgetten en begrotingsposten en de functionaris in kwestie op grond van de budgethoudersregeling is geautoriseerd.

–als is voldaan aan het vier-ogen principe.

Artikel 6 Ondertekening

1Een bij mandaat genomen besluit vermeldt namens welk bestuursorgaan het besluit is genomen als volgt:

“Namens het college van burgemeester en wethouders van Krimpen aan den IJssel” of

“Namens de burgemeester van Krimpen aan den IJssel”

Handtekening mandaathouder

Naam mandaathouder

Functie mandaathouder

2Een bij mandaatbesluit genomen besluit en bij vervanging genomen besluit vermeldt de naam en functie van degene die wordt vervangen met daarachter “bij afwezigheid” (b.a.) en de handtekening van de vervanger.

Artikel 7 Intrekking, inwerkingtreding en citeertitel

1Het “Besluit mandaat, volmacht en machtiging ten aanzien van personeelsaangelegenheden gemeente Krimpen aan den IJssel 2020

2” wordt per 15 februari 2025 ingetrokken.

3Dit besluit treedt in werking op de dag van bekendmaking en werkt terug tot 15 februari 2025.

4Dit besluit wordt aangehaald als “Besluit mandaat, volmacht en machtiging ten aanzien van personeelsaangelegenheden gemeente Krimpen aan den IJssel 2025”.

Bijlage 1 Personeelsaangelegenheden welke ingevolge artikel 3 lid 1 blijven voorbehouden aan het college respectievelijk de burgemeester

1Het nemen van besluiten over de omvang en richting van de organisatie en met betrekking tot alle personeelsaangelegenheden.

2Het nemen van besluiten over arbeidsvoorwaardelijke wijzigingen in het Personeelshandboek (PHB).

3Het aangaan, wijzigen en beëindigen van een arbeidsovereenkomst van de gemeentesecretaris.

4Het nemen van besluiten over de advies geschillencommissie.

5Het aanwijzen van de

–gemeentesecretaris en loco-secretaris;

–ambtenaren van de burgerlijke stand;

–archivaris;

–leerplichtambtenaren;

–buitengewone opsporingsambtenaren;

–heffings- en invorderingsambtenaar;

–toezichthouders.

6Aan het college is voorbehouden de bevoegdheid tot de afdoening van klachten, inclusief het nemen van een besluit op de klacht, indien het een gedraging betreft van de gemeentesecretaris.

7Aan de burgemeester is voorbehouden de bevoegdheid tot het afdoen van klachten van medewerkers, inclusief het nemen van een besluit, indien het een gedraging van een collegelid betreft.

8Aan de loco-burgemeester is voorbehouden de bevoegdheid tot het afdoen van klachten van medewerkers, inclusief het nemen van een besluit, indien het een gedraging van de burgemeester in zijn hoedanigheid van lid van het college danwel in zijn hoedanigheid als bestuursorgaan betreft.

9Aan de portefeuillehouder P&O is voorbehouden het vertegenwoordigen van de gemeente in het Lokaal overleg.

Bijlage 2 Personeelsaangelegenheden welke ingevolge artikel 3 lid 2 blijven voorbehouden aan de gemeentesecretaris en directeur

1Het nemen van besluiten omtrent de inrichting, uitvoering en de verrichting van de organisatie en zijn bedrijfsvoering.

2Het geven van instructies, het opstellen en wijzigen van procedures en processen in het Personeelshandboek.

3Het aangaan, ondertekenen wijzigen en beëindigen van een arbeidsovereenkomst of een bijzondere overeenkomst met een werknemer.

4Het aangaan van een overeenkomst tot het inhuren van een (externe) medewerker.

5Het aanwijzen en aanstellen van een onbezoldigd ambtenaar.

6Het overeenkomen van het salaris met een individuele werknemer.

7Het toepassen van de hardheidsclausule mits dit in het voordeel van de werknemer is.

8Het nemen van beslissingen over (periodieke) salarisverhoging en het overeenkomen van verlaging van het salaris.

9Het verstrekken van salaristoelagen.

10Het verstrekken van een beloning bij uitstekend functioneren of bijzondere prestaties en het verlenen van een schouderklop bij waardering.

11Het maken van afspraken over de arbeidsduur, werktijden, overwerk en beschikbaarheidsdiensten.

12Het nemen van een besluit over het afzien van beëindiging van de arbeidsovereenkomst bij bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd;

13Opzegging van de arbeidsovereenkomst:

–wanneer daar een redelijke grond voor bestaat;

–wegens bedrijfseconomische redenen;

–wegens arbeidsongeschiktheid;

–met wederzijds goedvinden;

–wanneer de tijd verstreken of bij wet aangegeven is.

14Het onverwijld opzeggen van de arbeidsovereenkomst wegens dringende redenen/ ontslag op staande voet.

15Het nemen van een besluit over de ontwikkeling, opleiding en mobiliteit van de werknemer.

16Het nemen van een besluit over Van Werk naar Werk-trajecten bij boventalligheid.

17Het toepassen van sancties door kortingen op de aanvullende- en nawettelijke WW wegens het niet nakomen van verplichtingen.

18Het nemen van een besluit tot het opleggen van een sanctie.

19Het opleggen van een schorsing als ordemaatregel.

20Het aanwijzen van werknemers voor werkzaamheden bij buitengewone omstandigheden (crisisorganisatie).

21Het nemen van een besluit over een RVU (regeling vervroegd uitreden) afwijkend van de cao.

22Het nemen van een besluit over het verrichten van nevenwerkzaamheden en het verbinden van voorwaarden hieraan.

23Het afdoen van klachten, inclusief het nemen van een besluit indien het een gedraging van een medewerker betreft.

Bijlage 3 Personeelsaangelegenheden welke ingevolge artikel 5 lid 1 sub b blijven voorbehouden van medewerkers het Team Financieel beheer onderdeel salarisadministratie

1Het verstrekken van salarissen, inhouden loonheffingen en inhouden pensioenpremie.

2Het doorvoeren van wijzigingen in salaris, individueel keuzebudget, toelagen en vergoedingen voortvloeiend uit de cao.

3Het verstrekken van een in de cao en/of het Personeelshandboek opgenomen toelage voor een:

–onregelmatige dienst;

–buitendagvenster;

–beschikbaarheidsdienst;

4Het verstrekken van een in de cao en/of het Personeelshandboek opgenomen vergoeding voor:

–overwerk;

–vergoeding BHV, EHBO en Interventieteam;

–reis- en verblijfskosten;

–tegemoetkoming collectieve zorgverzekering.

–hybride werken

–inrichting thuiswerkplek

–tegemoetkoming arbeidsongeschiktheidsverzekering

5Het uitvoeren van verzoeken voor:

–besteding van Individueel Keuzebudget;

–verkoop bovenwettelijke verlof.

6Het verstrekken van bezoldiging (onkosten)vergoedingen en toelagen aan politieke ambtsdragers.

7Het uitvoeren van pensioen- en sociale wet en-regelgeving.

8Het aan- en afmelden van sociale verzekeringsinstellingen, ziektekostenverzekeraars en Algemeen burgerlijk pensioenfonds.

9Het uitvoeren van voorschriften van de salarisadministratie.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.