Aanhef
De raad van de gemeente Kaag en Braassem;
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d.;
b e s l u i t:
1Voorliggende Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 2024-2027 vast te stellen en in werking te laten treden per 1 januari 2024.
2De ‘Nota Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving, Kaag en Braassem 2019-2023’ in te trekken op 31 december 2023.
3Het ‘Uitvoeringsprogramma Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving, Kaag en Braassem 2019-2023’ in te trekken op 31 december 2023.
2. | Omgevingswet
2.3 Strategie vergunningen
2.3.1 Omgevingswet en Wkb
Een stijging van het aantal aanvragen en de toename in complexiteit van de wensen van de indieners zorgt ervoor dat de doorlooptijden langer duren en de uitdaging groot is om binnen de wettelijke beslistermijnen te komen tot een besluit. Het grootste deel van de aanvragen onder de Omgevingswet vallen onder de reguliere procedure, waardoor er een beslistermijn van acht weken geldt. Er is een mogelijkheid om deze termijn eenmalig met zes weken te verlengen. Wanneer geen besluit wordt genomen binnen de wettelijke beslistermijn, kan het college in gebreke worden gesteld. Wanneer het college dan alsnog niet tijdig een besluit neemt, verbeurt het college aan de aanvrager een dwangsom (artikel 4:17 Awb e.v.). Het verlenen van een vergunning van rechtswege vervalt met de komst van de Omgevingswet.
Deze vereenvoudiging betekent dat veel sneller duidelijk wordt of een vergunning kan worden verleend. Beoogd is dat de voorbereiding van een omgevingsvergunning onder de Omgevingswet zoveel mogelijk in de voorfase plaatsvindt. Dit is voor het indienen van de officiële aanvraag en heeft als doel dat er met een kortere beslistermijn kan worden volstaan.
Er zijn nog wel mogelijkheden waarbij de uitgebreide procedure alsnog van toepassing is. In het geval de aanvrager dit verzoekt, of met dit verzoek instemt, én wanneer er activiteiten zijn die aanzienlijke gevolgen voor de omgeving kunnen hebben en waarvan de verwachting is dat verschillende belanghebbenden bedenkingen zullen hebben, kan het college besluiten dat de uitgebreide procedure van toepassing is indien de aanvrager tevens is gehoord.
Vooroverleg
Omdat de Omgevingswet vraagt om een integrale afweging en het gros van de aanvragen onder de reguliere procedure zullen vallen en daarmee een beslistermijn van acht weken is gemoeid, is een zorgvuldig proces noodzakelijk. Een integrale afweging van initiatieven met bestuurlijke (keten)partners en belanghebbenden in de vorm van een vooroverleg zal worden geïmplementeerd. Wanneer echter sprake is van zeer complexe casuïstiek, waarbij uit de intake blijkt dat een regulier vooroverleg mogelijk niet afdoende is om de wettelijke beslistermijn te kunnen behalen, vraagt dit om een meer uitgebreide intake- en omgevingstafel.
Participatie
Onder de Omgevingswet wordt participatie bij een vergunningsaanvraag een indieningsvereiste. Op deze wijze worden de belangen van belanghebbenden beter verwerkt in het plan, én het stimuleert initiatiefnemers om informatie te verschaffen aan de omgeving en andere belanghebbenden. Dit geldt alleen voor buitenplanse omgevingsactiviteiten. Voor bepaalde gevallen is de bevoegdheid gegeven aan de gemeenteraad om buitenplanse omgevingsactiviteiten aan te wijzen waarbij het verplicht is te participeren met de omgeving voordat de aanvraag voor een omgevingsvergunning wordt ingediend. Wanneer dit niet wordt gedaan kan de aanvraag buiten behandeling worden gelaten.
Wet kwaliteitsborging voor het bouwen
Gelijk met de inwerkingtreding van de Omgevingswet treedt ook de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) in werking. De invoering van de Wkb heeft tot gevolg dat er in het kader van vergunningverlening geen bouwtechnische toets meer plaatsvindt voor bouwwerken welke vallen onder gevolgklasse 1. Deze toetsing valt na inwerkingtreding van de Wkb onder (de) verantwoordelijkheid van de private kwaliteitsborger.
Voor het bouwen van een bouwwerk vallend onder gevolgklasse 1 dient vier weken voor het begin van de bouwwerkzaamheden een melding te worden gedaan bij het bevoegd gezag. Deze melding wordt gecontroleerd op compleetheid en/of ontvankelijkheid. Daarnaast voorziet het bevoegde gezag de kwaliteitsborger van de lokale risico’s op basis van de locatie specifieke omstandigheden.
Toetsingskaders vergunningverlening
De behandeling en beoordeling van vergunningaanvragen komen tot stand aan de hand van vaste toetsingskaders en uitgangspunten. Deze komen voort uit wetgeving en/of vastgesteld beleid:
Wetgeving/regelgeving
Omgevingswet, Omgevingsbesluit en Omgevingsregeling, Algemene wet bestuursrecht
(Wabo, Bor, Mor)
Besluit BouwwerkenLeefomgeving BBL
Omgevingsplan
Afwijkingsbeleid/beleidsregelsafwijken omgevingsplan
Meldingen sloop en asbestverwijdering
Wet aanpak woonoverlast
Lokale wetten,regels enbeleid
Uitgangspunten
We werkentransparant doorhet toepassenvan vastetoetsingskaders
Door deugdelijkeprocessen borgenwe uniformiteit
We communicerenhelder entransparant
Vooroverleg krijgteen actieverol
Aanvragen worden voortvarendopgepakt enbinnen determijnen afgehandeld
2.4 Toezicht en handhaving
2.4.1 Handhaving onder de Wkb
Door de invoering van de Wkb zullen bouwwerken vallend onder gevolgklasse 1 niet of zeer beperkt worden gecontroleerd tijdens de feitelijke uitvoering. Hiervoor zal meer een rol voor de private kwaliteitsborger zijn weggelegd en zal de gemeente een meer toetsende rol hebben richting de kwaliteitsborger en de compleetheid van verschillende dossiers. Deze nieuwe rol biedt de gemeente ook kansen om bepaalde keuzes te maken in haar beleid.
Een aantal van deze keuzes zijn hieronder weergegeven:
•Bij welk type bouwwerk wil de gemeente worden betrokken? Artikel 2.20 van het Bbl biedt de mogelijkheden om voor specifieke bouwwerkzaamheden en de momenten waarop deze worden uitgevoerd gegevens en bescheiden op te vragen, wanneer dit met het oogmerk is om risico’s van het te bouwen bouwwerk te beperken.
•De kwaliteitsborger heeft de verplichting om strijdigheden te melden bij de gemeenten. De gemeente heeft beleidsvrijheid over de wijze waarop deze meldingen worden opgepakt. Dit kan bijvoorbeeld een verbod zijn op de ingebruikname van het bouwwerk maar ook een fysieke controle.
•Wanneer de bouwwerkzaamheden zijn afgerond dient na gereedmelding de gemeente een akkoord te geven op het ‘dossier bevoegd gezag’. De gemeente Kaag & Braassem kan er dan voor kiezen om voor dit akkoord het dossier inhoudelijk te beoordelen middels een fysieke controle.
2.4.2 Risico-gestuurd toezicht
Om de beschikbare capaciteit dusdanig in te zetten dat dit het grootste effect teweegbrengt wordt er ook risico-gestuurd toezicht gehouden. Dit betekent dat waar de risico’s hoger zijn, meer intensief toezicht wordt gehouden. De uitgevoerde omgevingsanalyse (zie bijlage) is hiervoor leidend. Hoe hoger de opgenomen risico’s, hoe intensiever het toezicht.
Wanneer risico’s laag of lager zijn, kan het gebeuren dat er geen of steekproefsgewijs toezicht wordt gehouden.
2.4.3 Risico-gestuurd handhaven
Naast het houden van toezicht hebben de gemeentelijke toezichthouders ook een rol op het gebied van handhaven.
Zij sporen actief misstanden op, bijvoorbeeld op het gebied van illegale bouw of andere activiteiten. Meldingen vanuit de omgeving kunnen hieraan ten grondslag liggen maar ook verzoeken tot handhaving of andere signalen uit de omgeving. In beginsel heeft de gemeente de plicht om handhavend op te treden wanneer een overtreding geconstateerd is
4ECLI:NL:RVS:2019:1216
.
De gemeente Kaag en Braassem werkt ook op het gebied van handhaven risicogestuurd omdat de capaciteit niet afdoende is om alle overtredingen te kunnen behandelen. Daarom is in de omgevingsanalyse ook rekening gehouden met de gevolgen, risico’s en aard van de overtreding in combinatie met de negatieve effecten die kunnen optreden wanneer er niet wordt gehandeld of opgetreden. Dit is ook in lijn met de landelijke handhavingsstrategie, wat uiteraard ook één van de instrumenten is die we toepassen als het gaat over toezicht en handhaving.
Om de overtreding te beëindigen kunnen verschillende maatregelen op grond van de Algemene wet bestuursrecht worden opgelegd. Het doel is hierbij om de situatie terug te brengen naar de rechtmatige situatie zoals opgenomen in vergunningsvoorwaarden of (lokale) wet- en regelgeving. Dergelijke sancties zijn reparatoir van aard. Ook bestraffende maatregelen kunnen mogelijk van toepassing zijn, afhankelijk van de aard van de overtreding. Over het algemeen zal in beginsel gebruik worden gemaakt van een last onder dwangsom.
Verzoek tot handhaving
Wanneer een verzoek tot handhaving wordt ingediend mag de gemeente, op basis van jurisprudentie, gemotiveerd een prioritering aanbrengen om zo doelmatig te kunnen handhaven. Dit betekent echter niet dat handhavingsverzoeken ten aanzien van lagere prioriteiten per definitie niet worden opgepakt
5ABRvS 17 juni 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1410
.
Slechts onder bijzondere omstandigheden mag de gemeente weigeren om handhavend op te treden. Dit kan zich voordoen wanneer er concreet zicht op legalisering bestaat of wanneer handhavend optreden zodanig onevenredig is in verhouding tot de daarmee te dienen belangen, dat het bestuursorgaan van optreden in die concrete situatie behoort af te zien
6ABRvS 26 januari 2022,ECLI:NL:RVS:2022:256
.
2.4.4 Gebiedsgericht en themagericht handhaven
Onder gebiedsgericht toezicht verstaan we het houden van toezicht binnen een specifiek fysiek gebied, kern of wijk. Een bepaald plangebied, een straat of wijk wordt geselecteerd voor integrale controle. Dit betekent dat dan in dat gebied specifiek controles plaatsvinden op overtredingen.
Naast het reguliere toezicht en de handhaving daarop kunnen er ook bestuurlijke speerpunten zijn die vragen om de inzet van toezicht en handhaving.
In het raadsakkoord heeft de gemeente Kaag & Braassem de volgende thema’s geprioriteerd:
•Het aanpakken van ondermijning waaronder aanpak drugsproblematiek.
•Het vergroten van de weerbaarheid van onze inwoners en ondernemers.
•Het versterken van de verbinding tussen veiligheid en het sociale domein.
Bijlage 1. | Omgevingsanalyse
Prioritering VTH-taken
Een prioritering van de VTH-taken geeft de gemeente Kaag en Braassem de mogelijkheid om de beschikbare capaciteit en middelen daarin te zetten waar uit analyse blijkt dat deze de grootste meerwaarde hebben of het grootste effect behalen. Om deze prioritering weloverwogen tot stand te laten komen hebben we een analyse uitgevoerd met als uitgangspunt de geografische kenmerken van de gemeente Kaag en Braassem. Deze analyse hebben we aangevuld met eenkwantitatieve probleemanalyse ten aanzien van Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving in de verschillende onderscheiden deelgebieden, de bekende en/of veronderstelde problemen en/of gepleegde overtredingen in het taakveld.
De gemeente Kaag en Braassem is een zeer diverse gemeente met verschillende gebiedstypen. In de omgevingsanalyse maken we gebruik van de gebiedstypen die ook in onze Omgevingsvisie zijn opgenomen. Op deze wijze sluiten we ook aan bij de stelselwijzigingen die op 1 januari 2024 van kracht worden, de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen.
Zie voor een uitgebreide beschrijving van de gemeente Kaag en Braassem en de in de omgevingsvisie opgenomen deelgebieden: https://omgevingsvisie-kaag-en-braassem-kuipercompagnons.hub.arcgis.com/
Omgevingsanalyse
De Omgevingsanalyse is een instrument dat we hebben toegepast om de (toekomstige) ‘Omgeving’ zo goed en volledig mogelijk in beeld te brengen. Met de (toekomstige) ‘Omgeving’ bedoelen we de omgeving binnen de gemeente Kaag en Braassem in de meest brede zin, het gehele grondgebied (fysieke leefomgeving/openbare ruimte) met al haar kenmerken (gebouwen, bewoners/ bedrijven/instellingen, natuur etc.) waarvan we (niet) weten of, en in hoeverre hier sprake is van risico’s en/of risicovolle activiteiten en/of ontwikkelingen.
De Omgevingsanalyse bestaat uit een
(1) Gebieds-,
(2) Probleem- en een
(3) Risicoanalyse.
Op basis van de Omgevingsanalyse kunnen we bepalen waar gedurende deze beleidscyclus onze prioriteiten leggen voor de uitvoering van onze toezicht- en handhavingstaken (hierna: T&H-taken). De Omgevingsanalyse hebben we uitgevoerd door workshops te houden met een vertegenwoordiging van de ambtelijke uitvoeringsorganisatie (de inhoudelijke vakspecialisten).
Hieronder volgen de uitkomsten van de gebieds- en probleemanalyse. Onze gemeente kan grofweg in vijf verschillende soorten gebied worden opgedeeld, namelijk het buitengebied, water, glastuinbouwgebieden, bedrijventerreinen en de kernen.
Deze gebieden komen ook terug in de Omgevingsvisie 2.0 van de gemeente Kaag en Braassem. Het gebiedstypen water zal worden toegevoegd aan de Omgevingsvisie 3.0.
Per gebied benoemen we eerst de specifieke kenmerken en benoemen we vervolgens de huidige problemen/aandachtpunten. Door middel van de risicoanalyse geven we vervolgens aan met welke problemen/aandachtspunten we de komende vier jaar bij de uitvoering van onze U&H-taken rekening houden.
Om het draagvlak van de omgevingsanalyse te vergroten hebben we tevens een vragenlijst uitgezet onder inwoners van de gemeente en bij het Economisch Overleg Platvorm (EOP). In totaal hebben 171 inwoners en 11 deelnemers van het EOP de vragenlijst ingevuld. De uitkomsten hiervan zijn meegenomen in de prioritering.
I. Buitengebied
Kenmerken
•Droogmakerij, Veenweide, Wijde Aa zone, Drechtzone, Kagerplassen-gebied, Agrarische linten
•Agrarische bebouwing
•Open landschap
•Agrarisch productielandschap
•Landschappelijke waarden
•Natuurlijke waarden
•Recreatie
Aandachtspunten
•Huisvesting arbeidsmigranten
•Onrechtmatig wonen in bedrijfswoning
•Strijdig gebruik bedrijfspanden & Ondermijning
•Illegale bouw
•Bodemkwaliteit
•Overlast en bewoning recreatiewoningen
II.Glastuinbouwgebieden
Kenmerken
•Landschappelijke waarden
•Productiegebied
•Provinciaal beleid
Aandachtspunten
•Onrechtmatig wonen in bedrijfswoning
•Verhuurde kassen en bedrijfsgebouwen
•Huisvesting arbeidsmigranten
•Strijdig gebruik & Ondermijning
•Illegale reclame
•Nevenactiviteiten
III.Bedrijventerreinen
Kenmerken
•Goede bereikbaarheid
•Verschillende typen bedrijfsvoering
•Belangrijk voor de lokale economie
Aandachtspunten
•Ondermijning
•Huisvesting arbeidsmigranten
•Parkeren
•Functiemenging
•Keurmerk veilig ondernemen
•Evenementen
•Wonen
•Milieu
•Brandveiligheid
•Onwenselijke bedrijfsvoering
•Bedrijfsverzamelgebouwen
IV.Kernen
Kenmerken
•Roelofarendsveen/Oude Wetering, Leimuiden, Nieuwe Wetering, Rijnsaterwoude, Woubrugge, Hoogmade, Rijpwetering/Oud Ade
•Lintbebouwing
•Recreatie
•Horeca
•Beschermde gezichten
•Erfgoed
•Mengfunctie wonen, werken en recreëren
Aandachtspunten
•Strijdig gebruik
•Evenementen
•Horeca
•Lintbebouwing
•Recreatie overlast
•Ondermijning
•Huisvesting arbeidsmigranten
•Verkeersveiligheid
•(Jeugd)overlast
•Parkeren
•Reclame
V.Water
Kenmerken
•Braassemermeer, Kromme Does, Wijde Aa, Woudwetering, Leidse Vaart, Oude Wetering, Drecht, Kagerplassen
•Recreatie
•Leefbaarheid
•Natuur
•Bedrijvigheden, jachthavens
Aandachtspunten
•Overlast recreatie
•Snelvaren
•Afvaldumping/-lozing
•Vaarwegbeheer
Risicoanalyse
Voor de risicoanalyse hebben we de (risicovolle) activiteiten in kaart gebracht. We maken hierbij onderscheid in vergunningverlening en toezicht & handhaving.
Vergunningverlening Wabo
De toets bij de aanvragen Wabo-vergunningen spitst zich toe op de ruimtelijke aspecten en een technische beoordeling op de veiligheid, waarbij de nadruk ligt op de brandveiligheid en de constructieve veiligheid. De diepgang van de andere technische beoordelingsaspecten is afhankelijk van de aard, omvang en gebruik van het aangevraagde bouwwerk. Daarbij is er aandacht voor politiek gevoelige onderwerpen en ‘de historie’ van een locatie.
Vergunningverlening APV en Bijzondere Wetten
In zijn algemeenheid kan gesteld worden dat bij de beoordeling van aanvragen op grond van de APV en Bijzondere Wetten in beginsel wordt getoetst wat het negatieve effect is op veiligheid, gezondheid en leefbaarheid. Daarnaast wordt op bepaalde onderwerpen ook getoetst wat de financiële achtergrond is in verband met ondermijningsrisico’s. De komende beleidsperiode zal dit laatste aspect nader uitgewerkt worden, zoals ook is opgenomen in het inmiddels vastgestelde veiligheidsbeleid.
Meer specifiek:
•Exploitatievergunning – we toetsen het effect op de woon- en leefomgeving.
We screenen ook de ondernemers om ondermijning of ander ongewenst gedrag te voorkomen in verband met een eventueel bestuurlijk risico.
•Alcoholwetvergunning – We toetsen gericht op veiligheid en gezondheid; een speerpunt is het voorkomen van drankmisbruik onder o.a. jongeren.
•Aanwezigheidsvergunningen – We toetsten op aspecten van veiligheid en gezondheid (gokverslaving).
•Evenementen – We toetsen gericht op veiligheid en gezondheid, leefbaarheid en bestuurlijk.
•Standplaatsen en ligplaatsen – We toetsen op een combinatie van leefbaarheid, veiligheid en ruimtelijke kwaliteit.
•Overig – De toetsing is veelal gericht op ruimtelijke kwaliteit en leefbaarheid.
Toezicht & Handhaving
Niet iedere activiteit die wordt ontplooid kent dezelfde risico´s als er iets misgaat en/of als wij onze T&H-taken op deze activiteiten niet zouden uitvoeren. Om inzicht te krijgen in het risico als wij onze T&H-taken op deze activiteiten niet uitvoeren, is er aan de hand van zes landelijke criteria gekeken naar (de impact van) de mogelijke negatieve effecten.
Wij hebben hierbij de volgende negatieve effecten onderscheiden:
•Veiligheid & Gezondheid:
Fysiek letsel (doden/gewonden) dat direct ontstaat & eventuele schade aan de gezondheid van de mens.
•Leefbaarheid:
De beleving van bewoners als het gaat om het gevoel van onveiligheid en eventuele verloedering.
•Ruimtelijke Kwaliteit & Cultuurhistorie:
De kwaliteit van de fysieke leefomgeving en (cultureel) erfgoed.
•Bestuurlijk(imago):
Imagoschade van een eventuele calamiteit of het in stand houden van een illegale situatie. Ontstaan van een afbreuk aan de geloofwaardigheid, betrouwbaarheid en de integriteit van het gemeentebestuur.
•Financieel/economisch:
Schade voor (door) de gemeente (te vergoeden) als gevolg van de calamiteit.
•Duurzaamheid:
Afbreuk en schade aan de kwaliteit van het leefmilieu (milieuvervuiling) als gevolg van een verstoring/calamiteit).
Scorebepaling
Aan de hand van de weging is per activiteit een ‘Risicoscore’ bepaald. Deze risicoscore geeft per activiteit aan of het negatieve effect ‘Groot’, ‘Gemiddeld’ of ‘Klein’ is. Vervolgens is afgewogen wat de kans is op een overtreding op het moment dat wij onze U&H-taken niet zouden uitvoeren. Ook hiervoor is per activiteit een afweging gemaakt of deze ‘Groot’, ‘Gemiddeld’ of ‘Klein’ is. De afweging van het negatieve effect maal de kans heeft uiteindelijk geleid tot een ‘prioriteit’ van ‘Zeer Hoog’, ‘Hoog’, ‘Gemiddeld’, ‘Laag’ of ‘Zeer Laag’ (zie figuur hiernaast).
Hieronder worden de prioriteiten weergegeven van ‘Zeer Hoog’ tot en met ‘Zeer Laag’. Daaropvolgend wordt de volledige activiteitenlijst met bijbehorende prioritering weergegeven.
In verband met de inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (hierna: Wkb) is in de prioriteiten en de volledige activiteitenlijst al geanticipeerd op de nieuwe gevolgklasse 1, 2 en 3. Voor de volledigheid is hieronder een korte toelichting opgenomen op de verschillende gevolgklasses.
Gevolgklasse 1:
de persoonlijke gevolgen als niet aan de bouwtechnische voorschriften wordt voldaan zijn beperkt. In deze gevolgklasse vallen o.a. woningen, eenvoudige bedrijfsgebouwen, vakantiehuisjes.
Gevolgklasse 2:
reële kans op persoonlijke gevolgen als niet aan de bouwtechnische voorschriften wordt voldaan. Hierbij valt te denken aan bibliotheken, gemeentehuizen, onderwijsgebouwen en woongebouwen tot 70 meter hoogte.
Gevolgklasse 3:
kans op aanzienlijke persoonlijke gevolgen als niet aan de bouwtechnische voorschriften wordt voldaan. Hieronder kunnen vallen bouwwerken zoals metrostations, voetbalstadions, ziekenhuizen en gebouwen hoger dan 70 meter.
Legenda tabel
Gm = gemiddeld
Glastuinbouwgebied = GT
Bedrijventerrein = BT
Activiteiten
Risico
Kans
Prioriteit
Negatief effect
buiten- gebied
GT
BT
kern
water
Bouwen
Bestaande bouw – inzet toezicht en handhaving op bouwwerken en gebouwen
Gevolgklasse 1 - cc1
Klein
Hoog voor plannen verleend onder de Wabo (inzet tot en met circa 2026)
Veiligheid & Gezondheid, Leefbaarheid, Ruimtelijke Kwaliteit & Cultuurhistorie, Bestuurlijke imago en Duurzaamheid
X
X
Laag voor bouwwerken verleend onder de Wabo, zijnde bouwwerken die net niet vergunningvrij zijn, zoals dakkapallen, aanbouwen, uitbouwen, erfafscheidingen etc.
Laag 6 maanden na inwerkingtreding Wkb voor alle gevolgklasse CC-1 bestaande bouw
Gevolgklasse 2 – CC2
Groot
Gm
Hoog
Veiligheid & Gezondheid, Leefbaarheid, Ruimtelijke Kwaliteit & Cultuurhistorie, Bestuurlijke imago en Duurzaamheid
X
X
Gevolgklasse 3 – CC3
Groot
Gm
Hoog
Veiligheid & Gezondheid, Leefbaarheid, Ruimtelijke Kwaliteit & Cultuurhistorie, Bestuurlijke imago en Duurzaamheid
X
X
Externe signalen (piepsysteem)
Groot
Gm
Hoog
Veiligheid & Gezondheid, Leefbaarheid, Ruimtelijke Kwaliteit & Cultuurhistorie, Bestuurlijke imago en Duurzaamheid
X
X
X
X
Nieuwbouw – Inzet Toezicht en handhaving op bouwwerken en gebouwen
Gevolgklasse 1 – CC1
Klein
Gm
Hoog voor plannen verleend onder de Wabo (inzet tot en met circa 2026)
Veiligheid & Gezondheid, Leefbaarheid, Ruimtelijke Kwaliteit & Cultuurhistorie, Bestuurlijke imago en Duurzaamheid
X
X
X
Laag voor bouwwerken verleend onder de Wabo, zijnde bouwwerken die net niet vergunningvrij zijn, zoals dakkapallen, aanbouwen, uitbouwen, erfafscheidingen etc.
Laag vanaf datum inwerkingtreding Wkb
Gevolgklasse 2 – CC2
Groot
Gm
Hoog
Veiligheid & Gezondheid, Leefbaarheid, Ruimtelijke Kwaliteit & Cultuurhistorie, Bestuurlijke imago en Duurzaamheid
X
X
Gevolgklasse 3 – CC3
Groot
Gm
Hoog
Veiligheid & Gezondheid, Leefbaarheid, Ruimtelijke Kwaliteit & Cultuurhistorie, Bestuurlijke imago en Duurzaamheid
X
X
Externe signalen (piepsysteem)
Groot
Gm
Hoog
Veiligheid & Gezondheid, Leefbaarheid, Ruimtelijke Kwaliteit & Cultuurhistorie, Bestuurlijke imago en Duurzaamheid
X
X
X
X
Constructieve veiligheid aangewezen evenementen
Groot
Gm
Hoog
Veiligheid & Gezondheid, Leefbaarheid, Ruimtelijke Kwaliteit & Cultuurhistorie, Bestuurlijke imago en Duurzaamheid
X
X
X
Afwijken voorschriften verleende vergunningen
Groot
Gm
Hoog
Veiligheid & Gezondheid, Leefbaarheid, Ruimtelijke Kwaliteit & Cultuurhistorie, Bestuurlijke imago en Duurzaamheid
X
X
X
X
Landelijke prioriteiten (Wabo/Omgevingswet)
Inzet handhaving en toezichtop
Constructieve veiligheid
Groot
Groot
Zeer hoog
Veiligheid & Gezondheid, Leefbaarheid, Ruimtelijke Kwaliteit &Cultuurhistorie en Bestuurlijke imago
X
X
X
Brandveiligheid BWT
Groot
Groot
Zeer hoog
Veiligheid & Gezondheid, Leefbaarheid, Ruimtelijke Kwaliteit &Cultuurhistorie, en Bestuurlijke imago
X
X
X
Brandveiligheid overig
Groot
Groot
Zeer hoog
Veiligheid & Gezondheid, Leefbaarheid en Bestuurlijke imago
X
X
X
Gebruik
Inzet handhaving en toezichtop
Strijdig gebruik bestemmingsplan/ Omgevingsplan: gronden, gebouwen, bouwwerken geen gebouw zijnde indien gevaarzetting en/of overlast omgeving
Groot
Groot
Zeer hoog
Veiligheid & Gezondheid, Leefbaarheid, Ruimtelijke Kwaliteit &Cultuurhistorie, en Bestuurlijke imago, Duurzaamheid.
X
X
X
X
X
Illegale bewoning op bedrijfsterreinen
Gm
Groot
Hoog
Veiligheid & Gezondheid, Leefbaarheid, Ruimtelijke Kwaliteit &Cultuurhistorie, en Bestuurlijke imago.
X
X
Strijdig gebruik bestemmingsplan/ Omgevingsplan: gronden, gebouwen, bouwwerken geen gebouw zijnde indien geen sprake van gevaarzetting en/of overlast omgeving
Laag
Gm
Laag
Ruimtelijke Kwaliteit & Cultuurhistorie.
Huisvesting buitenlandse werknemers/ seizoens- werknemers in gebouwen anders dan toegelaten woningen
Groot
Groot
Zeer Hoog
X
X
X
X
Illegale/ permanente bewoning recreatiepark-en
Groot
Groot
Hoog
X
X
Erfgoed
Inzet handhaving en toezichtop
Bescherming cultureel erfgoed*
*Monumenten + karakteristieke panden
Groot
Gm
Hoog
Veiligheid en gezondheid, Ruimtelijke Kwaliteit & Cultuurhistorie.
X
X
X
X
X
Archeologie
Groot
Gm
Hoog
Ruimtelijke Kwaliteit & Cultuurhistorie.
X
X
X
X
RO en aanleggen
Inzet handhaving en toezichtop
Illegaal uitvoeren van een werk
Groot
Gm
Hoog
Veiligheid & Gezondheid, Leefbaarheid, Ruimtelijke Kwaliteit & Cultuurhistorie.
X
X
X
X
X
In-/ uitrit
Gm
Gm
Gm
Ruimtelijke Kwaliteit & Cultuurhistorie.
APV en bijzondere wetten
Inzet handhaving en toezichtop
Afsteken licht vuurwerk buiten de toegestane afsteektijden.
Gm
Groot
Gm
Ondermijning (o.a. mensen-handel, witwassen en illegale prostitutie)
Groot
Groot
Zeer Hoog
X
X
X
X
Damocles (Opiumwet)
Groot
Gm
Hoog
X
X
Inzet geselecteerde evenementen
Groot
Groot
Zeer Hoog
X
X
X
X
X
Gevaarlijke dieren
Groot
Klein
Gemiddeld
Demonstraties, betogingen, openbare manifestaties
Klein
Klein
Laag
Alcoholgebruik jongeren: leeftijdsgrens/ weder-verstrekking
Gemiddeld
Groot
Gemiddeld
Jeugdoverlast
Gemiddeld
Gemiddeld
Gemiddeld
Parkeren in het recreatie-seizoen
Gemiddeld
Groot
Gemiddeld
Parkeren in de blauwe zone
Klein
Gemiddeld
Laag
Afval en afvaldumping => verkeerd plaatsen naast ondergrondse containers
Gemiddeld
Groot
Gemiddeld
Adresonderzoeken
i.s.m. Burgerzaken
Gemiddeld
Gemiddeld
Gemiddeld
Hinderlijk gedrag
Klein
Klein
Laag
Wrakken in het water
Klein
Gemiddeld
Laag
Autowrakken en defecte voertuigen
Klein
Klein
Laag
Ontheffing sluitingstijden
Gemiddeld
Gemiddeld
Gemiddeld
Alcoholwet - vergunning
Groot
Gemiddeld
Hoog
X
Ontheffing tijdelijk schenken alcoholische dranken
Groot
Gemiddeld
Hoog
X
X
Para-commercie
Gemiddeld
Gemiddeld
Wijkveiligheid/ Kleine ergernissen
Gemiddeld
Gemiddeld
Gemiddeld
Wet op de kansspelen (WOK)
Klein
Klein
Laag
Parkeren buiten recreatie-seizoen
Klein
Klein
Zeer laag
Samen-scholing overig
Klein
Klein
Zeer laag
Dieren-overlast huisdieren
Gemiddeld
Klein
Laag
Afval en afvaldumping niet zijnde verkeerd plaatsen naast ondergrondse containers
Gemiddeld
Klein
Laag
Woonoverlast
Gemiddeld
Groot
Hoog
X
Lijst met uitsluitend zeer hoge en hoge prioriteiten
Landelijke prioriteiten, zeer hoge prioriteit
Constructieve veiligheid
Landelijke prioriteiten, zeer hoge prioriteit
Constructieve veiligheid
Brandveiligheid BWT
Brandveiligheid overig
Strijdig gebruik bestemmingsplan/Omgevingsplan:
gronden, gebouwen, bouwwerken geen gebouw zijnde indien gevaarzetting en/of overlast omgeving
APV, zeer hoge prioriteit
Ondermijning
Inzet geselecteerde evenementen
Gebruik, zeer hoge prioriteit
Huisvesting buitenlandse werknemers/seizoenswerkers in gebouwen anders dan toegelaten woningen
Bestaande bouw, hoge prioriteit
Gevolgklasse 1
Gevolgklasse 2
Gevolgklasse 3
Piepsysteem
Nieuwbouw, hoge prioriteit
Gevolgklasse 1
Gevolgklasse 2
Gevolgklasse 3
Piepsysteem
Overig bouw
Constructieve veiligheid aangewezen evenementen
Afwijken voorschriften verleende vergunningen
Gebruik
Illegale bewoning op bedrijfsterreinen
Illegale/permanente bewoning recreatieparken
Erfgoed
Bescherming cultureel erfgoed (Monumenten + karakteristieke panden)
Archeologie
RO en aanleggen
Illegaal uitvoeren van een werk
APV
Opiumwet/ Damocles
Alcoholwetvergunning
Ontheffing tijdelijk schenken alcoholische dranken
Woonoverlast
Bijlage 2 Analyse vragenlijst
Ten behoeve van het Uitvoerings- en handhavingstrategie (verder U&H-strategie) en het daaraan gekoppelde uitvoeringsprogramma is er een vragenlijst opgesteld ten behoeve van inwoners en het Economisch Overleg Platform (EOP). Doel van deze vragenlijst is het vergroten van het draagvlak van de U&H-strategie en het voorkomen van een uitsluitend interne blik op de te verrichten werkzaamheden die horen bij de U&H-strategie. De visie van inwoners en het bedrijfsleven op onze taken in het kader van vergunningen, toezicht en handhaving draagt bij aan de totstandkoming van het uitvoeringsprogramma. Onderstaand een analyse van de resultaten.
Inwoners
In totaal hebben 171 inwoners de moeite genomen om de vragenlijst in te vullen. Hierbij zijn de volgende bevindingen gedaan;
-57% vindt de toezichthouders zeer slecht zichtbaar. 20% vindt de toezichthouders slecht zichtbaar. Slechts 7% vindt de toezichthouders goed of zeer goed zichtbaar.
-67% ziet wel eens misstanden in de openbare ruimte. In 21% van de gevallen waarin een melding is gedaan heeft de gemeente ook opgetreden.
-30% vindt vth taken ten aanzien van constructieve veiligheid de belangrijkste prioriteit op het gebied van bouwen, gevolgd door brandveiligheid met 23% en 19% het anders gebruiken van een grond dan opgenomen in een bestemmingsplan.
-43% van de bevraagden vindt de bescherming van cultureel erfgoed topprioriteit ten aanzien van de vth-taken op het gebied van erfgoed en ruimtelijke ordening, gevolgd door het illegaal uitvoeren van een werk met 24%.
-Ten aanzien van de taken die vallen onder de APV en/of bijzondere wetten vindt met 37% van de bevraagden ondermijning de belangrijkste prioriteit, gevolgd door huisvesting van buitenlandse werknemers (15%) en jeugdoverlast(12%).
EOP
Vanuit het EOP zijn in totaal 11 reacties aangeleverd. De volgende bevindingen komen hieruit voort:
-7 van de bevraagden vinden het gebruik van een grond of gebouw anders dan in het omgevingsplan is opgenomen, de belangrijkste prioriteit onder het thema bouwen.
-Bij het thema ruimtelijke ordening vinden 7 van de bevraagden het illegaal uitvoeren van een werk de belangrijkste prioriteit.
-Ten aanzien van het thema APV en/of bijzondere wetten vinden 6 van de bevraagden ondermijning de belangrijkste prioriteit.
Bijlage 3 Werkplan 2023 en Evaluatieverslag 2022 VTH
TER INLEIDING
Voor u ligt het werkplan voor 2023 dat is opgesteld op basis van het Handhavingsbeleid en het Uitvoeringsprogramma VTH 2019-2023. Aan de hand van de kaderstelling in het Handhavingsbeleid zijn de prioritering en keuzes gemaakt in het Uitvoeringsprogramma. Een jaarlijks werkplan geeft aan welke speerpunten, keuzes en verdeling van de beschikbare capaciteit voor Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving er worden gemaakt. In dit werkplan wordt ook ingegaan op de evaluatie van het voorgaande jaar, het jaar 2022.
LEESWIJZER
Dit document bevat drie hoofdstukken en een aantal bijlagen.
Hoofdstuk 1 gaat in op de prioriteiten in het werkplan 2023 en de landelijke ontwikkelingen die van invloed zijn of worden op het werk van vergunningverlening, toezicht en handhaving.
In hoofdstuk 2 is de evaluatie over 2022 opgenomen. Hierin wordt in verschillende paragrafen een korte toelichting gegeven op het item aangevuld met een overzicht van de cijfers 2021, 2022 en een prognose voor 2023.
Hoofdstuk 3 bevat de jaarrapportage van de BOA (Buitengewoon Opsporingsambtenaar).
In de bijlagen is achtereenvolgens informatie opgenomen over de verdeling van de tijdbesteding van de BOA’s, het aantal interventies van de BOA’s en het totaaloverzicht van de meldingen openbare ruimte (MOR).
INHOUDSOPGAVE
1Werkplan 2023 op basis van VTH Uitvoeringsprogramma 2019-2023
1.1 Prioriteiten in het werkplan VTH 2023
1.2 Landelijke ontwikkelingen
1.2.1 Voorbereiding Omgevingsweg 2023
1.2.2 Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen
1.2.3 Basisregistraties
1.2.4 Openbare ruimte
1.2.5 handhaving verbod rookruimtes horeca Overzicht van de taakuitvoering in 2023
2Evaluatie 2022
2.0 Ter inleiding
2.1 Vergunningverlening
2.1.1 Wabo
2.1.2 Alcoholwetvergunningen en -ontheffingen
2.1.3 Evenementenvergunning en andere APV zaken
2.1.4 Kaderstelling voor evenementen en standplaatsen
2.2 Toezicht
2.2.1 Toezicht omgevingsvergunningen
2.2.2 Toezicht Alcoholwet
2.2.3 Toezicht APV en bijzondere wetten
2.3 Handhaving
2.4 Ondermijning
2.4.1 RIEC
2.4.2 HEIT
2.4.3 Speerpunt van woonfraude, adresfraude en zorgfraude
2.4.4 Integrale controles en aanpak van ondermijning
2.4.5 Ondermijningstafels
3BOA Rapportage 2022
3.0 Ter inleiding
3.1 Monitoren en werkwijze bij Toezicht
3.2 Meldingen openbare ruimte
3.3 Drank- en Horecawet
3.4 APV / Evenementen
3.5 Samenwerking
4Bijlagen
1Rapport interventies per feit
2Overzicht Meldingen openbare ruimte 2022
1Werkplan 2023 op basis van VTH uitvoeringsprogramma 2019- 2023
1.1 Prioriteiten in het werkplan VTH 2023
In het meerjaren uitvoeringsprogramma VTH is helder gemaakt dat er veel onderwerpen zijn waar inzet van de organisatieonderdelen Vergunningen, de toezichthouders en de handhavers (zowel op controlerend als op juridisch niveau) nodig is. Het is daarom nodig keuzes te maken en te prioriteren. De prioritering van de werkzaamheden voor vergunningen, toezicht en handhaving worden bepaald door het wegen van risico’s en door de beschikbare capaciteit.
Corona
Vanaf 2020 zijn we wereldwijd geconfronteerd met de coronapandemie, die ook voor Kaag en Braassem gevolgen heeft gehad voor de uitvoering van de VTH- en BOA-taken. Ook in 2022 was in Q1 inzet nodig in verband met de coronapandemie met bijbehorende maatregelen. Voorgenomen activiteiten konden niet worden uitgevoerd of moesten anders worden uitgevoerd. De invloed was het grootst in het taakveld APV/Bijzondere wetten. Nederland kreeg wederom te maken met beperkende maatregelen en evenementen konden niet of beperkt doorgaan. Dit zorgde wederom zowel in het kader van vergunningverlening als toezicht en handhaving voor uitdagingen. Daarnaast zorgden de maatregelen ook in 2022 voor het toezicht op de naleving van de coronamaatregelen, vastgelegd in de noodverordeningen en later in de tijdelijke wet maatregelen COVID-19. Bij de uitvoering van deze werkzaamheden werd een grote mate van flexibiliteit gevraagd doordat maatregelen steeds werden bijgesteld, versoepeld of verstrengd.
Na de laatste lockdown van 2021 tot en met begin 2022 ging Nederland meer en meer open. Voor de Boa’s en toezichthouders BWT betekende dit het teruggaan naar het oppakken van de reguliere taken, waarbij ingestoken werd op het inlopen van de achterstanden die in de jaren daarvoor door het verschuiven van prioriteiten, is ontstaan.
Ook in 2023 zal nog een deel van de achterstanden ingelopen moeten worden, hetgeen qua capaciteit een uitdaging is. Op dit moment is het een uitdaging binnen de schaarse arbeids- en inhuurmarkt, om ervaren medewerkers te werven (al dan niet tijdelijk) om de werkzaamheden uit te voeren. Daarnaast heeft corona in negatieve zin bijgedragen aan het feit dat de burger niet meer het gesprek aangaat in geval van ergernissen, maar direct een klacht of handhavingsverzoek indient bij de gemeente. Ook de Boa’s merken een verschil in de relatie met burgers en ondernemers.
Het afgelopen jaar is ingezet op het verder verbeteren van de werkprocessen voor vergunningen, ontheffingen en meldingen voor evenementen en horeca. Een belangrijke kwalitatieve verbetering die in 2023 wordt voorgezet. Extra aandacht hebben hierbij de veiligheidsrisico’s van het evenement of de activiteit en de verkeersveiligheid.
1.2 Landelijke ontwikkelingen op het gebied van Vergunning, Toezicht en Handhaving
1.2.1Omgevingswet 2024
De inwerkingtreding van de Omgevingswet is wederom uitgesteld en dit keer naar 1 januari 2024. Inmiddels heeft de Eerste Kamer op 14 maart 2023 bepaald dat dit ook de formele datum van inwerkingtreding wordt. De uitgangspunten zijn nog steeds dat de Omgevingswet moet zorgen voor een goede balans tussen het benutten en beschermen van de fysieke leefomgeving. De Omgevingswet gaat uit van snellere besluitvorming en een meer integrale aanpak met meer afwegingsruimte. Dit zorgt voor een veranderende rol; van toetser naar adviseur. Werkprocessen moeten worden aangepast. We moeten binnen 8 weken integraal gewogen besluiten kunnen nemen, ook bij complexe aanvragen. Daarnaast moeten initiatiefnemers met ‘een druk op de knop’ kunnen zien wat is toegestaan (Toepasbare Regels) in de fysieke ruimte en voor welke activiteiten vergunningen nodig zijn of meldingen gedaan moeten worden. Deze kunnen vervolgens eenvoudig worden aangevraagd via het DSO (= Digitaal Stelsel Omgevingswet). De voorbereiding op de Omgevingswet loopt nog steeds waarbij belangrijke stappen gezet worden gebaseerd op de wettelijke minimale eisen. De voorbereiding vraagt van de medewerkers tijd en inzet naast de reguliere werkzaamheden. Waar nodig wordt extra capaciteit ingehuurd.
Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO)
Een belangrijk onderdeel van de Omgevingswet is het Digitaal Stelsel Omgevingswet. Alle gemeentelijke informatiesystemen en processen moeten worden aangesloten op de DSO Landelijke voorziening. Het DSO bestaat uit lokale systemen van overheden en de onderdelen van de landelijke voorziening. Met het DSO kan de omgevingsvisie, het omgevingsplan, de omgevingsprogramma’s en besluiten publiceren, vragenbomen publiceren, vergunningaanvragen en meldingen ontvangen, begrippen en definities centraal beheren en onderling en met initiatiefnemers samenwerken. Door het nieuwe digitale stelsel wil het Rijk de ‘afstand’ tussen inwoners, ketenpartners en bestuur zo kort en makkelijk mogelijk maken. In afstemming met Alphen aan de Rijn ligt Kaag en Braassem op schema voor wat betreft het DSO; de minimale aansluitingen zijn gerealiseerd en worden verder doorontwikkeld.
Omgevingsvisie (ambities)
Begin 2021 zijn we gestart aan een verdere uitwerking en verdieping van de Omgevingsvisie 1.0. Dit heeft onder andere geresulteerd in het opstellen van gebiedsgerichte programma’s. Op maandag 24 januari 2022 zijn de gebiedsgerichte programma’s en de Omgevingsvisie 2.0 vastgesteld door de gemeenteraad. In samenwerking met VTH en keten-partners zijn deze programma’s tot stand gekomen. Op dit moment wordt er gewerkt aan de bijstelling van Omgevingsvisie, hierbij wordt ook gedacht om een extra programma te creëren voor het thema water.
Omgevingsplan
Gemeenten moeten uiterlijk op 1 januari 2029 beschikken over een gemeente dekkend integraal omgevingsplan. Het omgevingsplan vereist de harmonisatie en integratie van de huidige bestemmingsplannen en beheers verordeningen, gemeentelijke verordeningen die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving en de rijksregels die gedecentraliseerd moeten worden (de bruidsschat). Daarnaast zijn ook beleidsuitgangspunten voortdurend in ontwikkeling.
Om ervaring op te doen met de mogelijkheden van de Omgevingswet wordt de komende tijd geoefend met het omgevingsplan Buitengebied.
1.2.2 Wet kwaliteitsborging voor het bouwen
De inwerkingtreding Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) is net als de Omgevingswet uitgesteld naar 1 januari 2024. In 2021 nam Kaag en Braassem deel aan het Ambassadeurs Netwerk VNG Alphen aan den Rijn. Het doel van het netwerk was om met meerdere gemeenten meer aannemers, architecten en initiatiefnemers te bewegen om proefprojecten uit te voeren. De bij de gemeente Kaag en Braassem bekende aannemers en ontwikkelaars wilden niet deelnemen aan proefprojecten. Op dit moment ligt dit stil.
Met de invoering van de Wkb vervalt voor vergunningverlening:
•De bouwplantoetsing aan het Bouwbesluit 2012 en het bouwtoezicht verschuiven van gemeente naar private partijen voor gevolgklasse CC-C1;
•De toetsing aan het Bouwbesluit 2012 van nieuwbouw en verbouw bij de vergunningverlening door gemeenten vervalt hiermee voor gevolgklasse CC-C1.
Met de invoering van de Wkb vervalt het toezicht tijdens de realisatiefase voor de nieuwbouw en verbouw voor die bouwwerken die in de zogenoemde gevolgklasse 1 CC-1 vallen. Het gaat samengevat om bouwactiviteiten die betrekking hebben op de volgende bouwwerken:
•Grondgebonden eengezinswoningen, inclusief nevenfuncties (garage, kantoor aan huis);
•Woonboten;
•Vakantiewoningen;
•Bedrijfspanden (industriefunctie) van maximaal 2 bouwlagen, inclusief een klein kantoor/ kantine;
•Aanbouwen aan overige gebruiksfuncties van maximaal 2 bouwlagen voor opslag en dergelijke;
•Kleine fiets- en voetgangersbruggen (niet over rijks- of provinciale wegen), maximaal 20 meter overspanning;
•Overige bouwwerken geen gebouw zijnde tot maximaal 20 meter hoog (masten, antennes, etc.);
Verbouwingen van hiervoor genoemde bouwwerken vallen (voor zover niet vergunningsvrij) vanaf 6 maanden na inwerkingtreding van de Wkb ook onder gevolgklasse 1.
Vooralsnog vallen de volgende gevallen niet onder kwaliteitsborging:
•Monumenten (rijks en gemeentelijk);
•Bouwactiviteiten aan bouwwerken waarbij voor het gebruik een milieuvergunning nodig is;
•Bouwactiviteiten aan bouwwerken waarbij voor het gebruik een vergunning of melding brandveilig gebruik nodig is;
•Bouwactiviteiten waarbij er sprake is van een gelijkwaardige oplossing voor brand- of constructieve veiligheid, inclusief de toepassing van NEN 6060 en 6079.
Na inwerkingtreding van de Omgevingswet en de Wkb zal het bouwtoezicht nog steeds doorlopen tijdens de realisatiefase op grond van de Wabo. Dit hangt samen met het feit dat de realisatie van bouwwerken in veel gevallen niet direct na de vergunningverlening start. Hiervoor zijn verschillende oorzaken zoals de drukte bij de aannemers, het rondkrijgen van de financiering en de hoge materiaal- en/of bouwkosten. In de praktijk betekent dit dat de medewerkers BWT zowel onder het huidige regime van de Wabo als onder het nieuwe regime van de Omgevingswet en Wkb zullen moeten werken. Werken met nieuwe wet- en regelgeving kost in het begin altijd meer tijd en het onder twee regimes moeten werken zal extra capaciteit vragen van zowel de medewerkers BWT als van de handhavingsjuristen.
1.2.3 Basisregistraties
Als gemeente zijn we bronhouder van twee basisregistraties:
•De BGT (Basisregistratie Grootschalige Topografie) en
•De BAG (Basisregistratie Adressen en Gebouwen)
Beide registraties hebben wettelijke verplichtingen met wettelijke termijnen voor het opnemen van de feitelijke situatie (legaal of illegaal) in de registraties. In de BGT wordt als kaart de feitelijke situatie zoals die buiten zichtbaar is, opgenomen; de BAG volgt daarin als het gebouwen/panden betreft.
Daarbij maakt de overheid het voor de burger steeds makkelijker door steeds meer vergunningsvrij te maken voor wat betreft het bouwen van uitbouwen, dakkapellen of bijgebouwen. Van de andere kant wil de overheid dat de BAG / BGT wijzigingen (legaal of illegaal) in panden vastlegt binnen wettelijke termijnen. Doordat er voor wijzigingen in of aan panden niet altijd vergunningen nodig zijn moeten wij als beheerder slimme en efficiënte manieren bedenken om de feitelijke situatie vast te leggen.
Mutaties in BGT en BAG moeten worden opgespoord en doorgevoerd in beide registraties. De verdergaande deregulering (meer vergunningsvrij bouwen) van de rijksoverheid en het steeds meer aan de markt overlaten staat dus haaks op de uitgangspunten van de wet BAG die voorschrijft dat een gemeente alle panden in beeld moet hebben. Het betekent dat een gemeente verplicht is de nodige inzet te plegen voor de wet BAG op toezicht en handhaving van de panden. Dit betekent dat de medewerkers BWT meer toezicht gaan houden op wijzigingen van bij de gemeente bekende feitelijke situatie.
1.2.4 Uitbreiding taken Boa’s
Vanuit de overheid worden steeds meer toezichtstaken opgedragen aan gemeenten. Zo heeft de rijksoverheid in samenspraak met de VNG een pilot gestart waarin onderzocht wordt of de politietaken inzake kleine verkeersovertredingen over kunnen gaan naar het zogenoemde Domein I van de Boa's en daarmee overgaan naar de gemeenten. Het betreft:
•geen of onjuiste fietsverlichting voeren
•het negeren van rood licht door fietsers en voetgangers
•handheld-telefoongebruik door fietsers
De pilot is in 2021 gestart in de gemeente Utrecht en naar aanleiding van de evaluatie per januari 2023 uitgebreid naar de gemeenten Breda, Harderwijk, Schouwen-Duiveland, Venlo en Zaanstad. Naar verwachting neemt de minister in de loop van 2023 een besluit. De VNG is voorstander van het overhevelen van deze taak.
Indien deze taak van de politie over gaat naar de gemeenten zal dit gevolgen hebben voor de capaciteit bij de Boa’s en daarmee ook het gemeentelijke budget. In het verleden zijn eerder taken overgeheveld naar gemeenten zonder daaraan ook financiële middelen te verbinden. Het is zaak hier richting de VNG scherp op te blijven. Indien deze taak daadwerkelijk bij de gemeentelijke Boa’s wordt belegd heeft dit gevolgen voor de formatie. Dit zal in het jaarlijks op te stellen Uitvoeringsplan worden weergegeven en mogelijk leiden tot een voorstel tot uitbreiding van de formatie, dan wel het her prioriteren van de werkzaamheden.
Overzicht taakuitvoering 2023
Taakveld
Keuze bij taakuitvoering
Meldingen Openbare Ruimte (MOR)
Meldingen openbare ruimte
type
Prognose 2023
Meldingen openbare ruimte
7000
De registratiewijze is uniform. Hierdoor is het mogelijk om meer te sturen op de kwaliteit van de be- en afhandeling van de meldingen. Per kwartaal worden de aantallen gemonitord en zo mogelijk de behandeltermijnen. De cijfers bieden de mogelijkheid om meer pro actief te reageren.
Djuma en Fixi
We werken in het zaaksysteem Djuma. De meldingen openbare ruimte worden in Fixi geregistreerd en nu nog door de coördinator Toezicht en Handhaving beheerd. In 2023 onderzoeken we of het beheer van Fixi niet overgedragen moet worden aan de afdeling omdat ruim 90% van de meldingen voor deze afdeling is.
Toezicht en handhaving
Controle op huishoudelijke afvalstoffen (afval scheiden, aanbieden containers, dumpen, branden, lozen e.d.)
Uitgangspunt is te streven naar ‘schoon, heel en veilig’. Bij de projectmatige aanpak van het afgelopen jaar is frequent toezicht op het scheiden van afval, afvaldumpingen e.d. uitgevoerd en zijn er diverse boetes opgelegd. De werkwijze wordt net als in 2020, 2021 en 2022 in 2023 voortgezet in het reguliere toezichtwerk.
Bedrijfsafvalstoffen
Na meldingen/ handhavingsverzoeken en constateringen wordt toezicht en handhaving (eventueel door de Omgevingsdienst) ingezet.
Bodemverontreiniging en/of opzettelijk stoffen aan brengen in oppervlakte water (lozen)
Na meldingen/ handhavingsverzoeken en constateringen wordt toezicht en handhaving (eventueel door de Omgevingsdienst) ingezet.
Controle op parkeren zoals fout parkeren en stalling van aanhangwagens/caravans/ campers/hoge voertuigen.
Na meldingen en constateringen wordt aan de hand van het prioriteitsmodel beoordeeld of toezicht en handhaving zal plaatsvinden.
Hondenpoepoverlast
Na meldingen en constateringen wordt aan de hand van het prioriteitsmodel beoordeeld of en zo ja, wanneer toezicht en handhaving zal plaatsvinden.
Jeugd en/of geluidsoverlast
Na meldingen/handhavingsverzoeken en constateringen wordt aan de hand van het prioriteitsmodel beoordeeld of en zo ja, wanneer toezicht en handhaving zal plaatsvinden. We werken daarbij samen met politie en jeugdwerkers.
Vuurwerk afsteken buiten de aangewezen tijden, illegaal vuurwerk.
Na meldingen/handhavingsverzoeken en constateringen (onder meer door toezichthouders) wordt aan de hand van het prioriteitsmodel beoordeeld of en zo ja, wanneer toezicht en handhaving zal plaatsvinden in samenspraak met de politie.
Hinderlijke beplanting
In beginsel vindt er bij de uitvoering van de reguliere werkzaamheden geen toezicht en handhaving op hinderlijke beplanting plaats. Bij meldingen of handhavingsverzoeken wordt aan de hand van het prioriteitsmodel beoordeeld of en zo ja, wanneer toezicht en handhaving zal plaatsvinden. Primair staat in gesprek gaan van en met betrokkenen.
Stallingen en wrakken
In beginsel vindt er bij de uitvoering van de reguliere werkzaamheden geen toezicht en handhaving op stallingen en wrakken plaats. Bij meldingen of handhavingsverzoeken wordt aan de hand van het prioriteitsmodel beoordeeld of en zo ja, wanneer toezicht en handhaving zal plaatsvinden.
Drank- en Horeca vergunningen en toezicht
type
Prognose 2023
Horeca gerelateerd
40
Vergunning kansspelen
8
Vergunningen Alcoholwet
Op grond van de aangelegde basislijst Drank- en horeca vergunningen worden de inrichtingen bezocht. Er vindt een integrale controle van de vergunning, de rookruimte(n) en de kansspelautomaten plaats.
Kansspelautomaten- vergunningen
De nieuwe en bestaande vergunningen worden geïnventariseerd en gecontroleerd. Bij een integrale controle bij horecabedrijven wordt deze controle meegenomen.
Toezicht en handhaving
Toezicht Alcoholwet vergunningen en ontheffingen onder meer of de leidinggevenden van goed gedrag zijn
De verleende vergunningen op basis van de Alcoholwet (voorheen Dhw) worden in 2023 projectmatig opgepakt. In 2023 worden bij 100 locaties integrale controles gehouden, waarbij de achterstand in het toezicht als gevolg van de coronapandemie en het toezicht op naleving coronamaatregelen, wordt ingelopen. Tijdens de integrale controles wordt gecontroleerd op:
-De voorwaarden vergunning Alcoholwet
-Inrichtingseisen
-Wet op de kansspelen
-Exploitatievergunning
Bezit, verstrekking en consumptie van alcohol m.b.t. minderjarigen
Bij de reguliere werkzaamheden vinden er incidenteel controles plaats waarbij de nadruk ligt op de meer risicovolle (B en C) evenementen. Het toezicht vindt met name plaats bij horecabedrijven en winkels.
Evenementen/APV vergunningen en toezicht
type
Prognose 2023
Markt, standplaats, venten en/of collecteren
8
Evenementen
50
Meldingen evenementen
20
Ontheffing Aslast & Breedte beperking
25
Wegafsluiting/tijdelijke verkeersmaatregel
275
Parkeervergunning
5
Omgevingswet
Het evenementen- en standplaatsenbeleid voorbereiden op integratie met het omgevingsplan.
Evenementenvergunning
In 2023 wordt een nieuw Evenementenbeleid opgesteld. In 2023 verwachten we weer veel meldingen en aanvragen voor evenementen. Na ruim 2 jaar Coronapandemie verwachten weer qua aantallen uit te komen op de jaren voor de Coronapandemie.
Een speerpunt bij de evenementenvergunningen (bestaand en nieuwe) zijn de verkeersaspecten. Dit wordt integraal opgepakt met de beleidsmedewerkers Verkeer en Openbare Ruimte. Ook bij toezicht zal dit als aandachtpunt worden toegevoegd aan
de checklist evenemententoezicht.
Meldingsplicht vergunning vrije evenementen
Procesverbeteringen bij invoering meldingsplicht voor vergunningsvrije evenementen. Op een eenvoudige wijze kan elke organisatie melding maken van de activiteit.
Actualiseren APV
In 2023 wordt de Algemeen Plaatselijke Verordening geactualiseerd. Daarbij wordt onderzocht welke aanhakend beleid verder geactualiseerd moet worden.
Toezicht en handhaving
Toezicht op verleende vergunning o.g.v. APV
Voor vergunningen op grond van de APV geldt dat deze steekproefsgewijs worden gecontroleerd. Bij het controleren van vergunningen en/of meldingen worden de controles zoveel mogelijk integraal uitgevoerd.
Toezicht bij evenementen
Toezichtcontroles worden ingepland aan de hand van de jaarlijkse evenementenkalender. Toezicht kan worden uitgevoerd bij de opbouw en tijdens een evenement. Bij grootschalige evenementen controles op de voorschriften en geluidmetingen (door de Omgevingsdienst) uitgevoerd. Bij kleinschalige evenementen wordt incidenteel gecontroleerd en incidenteel geluid gemeten.
Geluidsoverlast horeca, evenementen en installatiegeluid
Om de veiligheid van de evenementen te borgen is in 2019 het proces rondom het toezicht op evenementenvergunningen geïnventariseerd en geactualiseerd. Er zullen in 2023 in overleg met de Omgevingsdienst controles ingepland worden.
Stap 1 proces
Voor de stap 1 brief (constatering van overtreding en basis voor een evt. op te starten handhaving) wordt een proces ingericht zodat deze opgepakt wordt door de toezichthouder en pas bij vervolg van het handhavingstraject door de handhavingsjuristen worden overgenomen.
WABO vergunningen en toezicht
type
Resultaat 2022
Prognose 2023
Omgevingsvergunning bouwen
294
350
Omgevingsvergunning monumenten
7
5
Omgevingsvergunning aanleggen
20
25
Omgevingsvergunning vellen van houtopstand
6
8
Omgevingsvergunning uitweg maken
20
20
Omgevingsvergunning afwijken
158
200
Omgevingsvergunning brandveilig gebruik
2
5
Omgevingsvergunning milieu
6
10
Melding brandveilig gebruik
2
14
500
637
Omgevingswet
Binnen het cluster Vergunningen en Toezicht is capaciteit (16 uur per week) vrijgemaakt om deel te nemen aan de projectgroep voor de implementatie van de Omgevingswet. De geplande datum inwerkingtreding is op dit moment vastgesteld op 1 januari 2024.
Wet kwaliteitsborging
De geplande datum van inwerkingtreding is op dit moment vastgesteld op 1 januari 2024. Voor de vergunningverlening en het toezicht heeft deze wet gevolgen voor de werkwijze. Dit wordt in 2023 uitgewerkt in een nieuw werkproces.
De invoering van de Wkb laat onverlet dat ook vanaf 2024 tot circa 3 jaar na inwerkingtreding Omgevingswet en Wkb ook nog onder het regime van de Wabo toezicht gehouden moet worden. Dit is de gemiddelde looptijd voor grotere projecten qua realisatiefase en oplevering. Dit vraagt extra capaciteit van zowel toezicht als handhaving (juristen), hetgeen we in 2023 in beeld brengen.
Digitaal werken in het vergunningenproces
Het team Vergunningen heeft het werkproces rondom het behandelen en versturen van vergunningen zo veel mogelijk digitaal ingericht.
Toezicht en handhaving
Werkvoorraad toezicht omgevingsvergunningen
Prognose 2023
2020
20
2021
45
2022
100
totaal openstaand toezicht
165
Intrekken van openstaande/ niet gerealiseerde vergunde situaties
Regulier kan een vergunning worden ingetrokken indien niet binnen een half jaar gestart wordt met de realisatie. Er wordt in 2023 aan de openstaande omgevingsvergunningen uit 2021 & 2022 een voornemen tot intrekking verzonden. Vergunningen van voor 2020 worden in overleg met de juristen aangeschreven.
In beginsel hanteren we een termijn van 52 weken als moment dat de voornemenbrief tot intrekking wordt verzonden. De dagelijkse praktijk leert dat 26 weken niet realistisch is in de huidige markt omdat aannemers vol zitten en bij de huidige bouwkosten.
Proces stap 1
Voor de stap 1-brief (constatering van overtreding en basis voor een evt. op te starten handhaving) wordt een proces ingericht zodat deze opgepakt wordt door de toezichthouder en pas bij vervolg van het handhavingstraject door de handhavingsjuristen worden overgenomen.
Handhaving
Prognose 2023
Bouwwerken zonder vergunning
10
Bouwwerken in afwijking van de vergunning
15
Toezicht op te verlenen
/verleende omgevings- vergunningen en meldingen met betrekking tot het gebruik van een object (bouwfase)
Bij de reguliere werkzaamheden worden tijdens en na gereed melding van de activiteit controlemomenten ingepland. Hierbij geldt dat tijdens de bouw steekproefsgewijs toezicht plaatsvindt om eventuele gebreken in een vroegtijdig stadium te constateren en op te lossen.
Voor de gebruiksmeldingen geldt dat de controle plaatsvindt kort voor of na ingebruikneming van het object.
We starten in 2023 met het in kaart brengen van de mantelzorgwoningen binnen de gemeente. Dit zijn tijdelijke situaties, welke we gaan monitoren en waar nodig gaan handhaven. We werken hierin samen met de collega’s van de BAG. Dit wordt een doorlopend project.
Toezicht op asbestsloop
Het toezicht op slopen m.b.t. asbest is sinds oktober 2018 uitbesteed aan de Omgevingsdienst.
Constructieve (en brand-) veiligheid van gebouwen
Bij toezicht op uitvoering van vergunningen vindt controle plaats op de constructieve en brandveiligheid van gebouwen.
Brandveiligheid gebruiksfuncties met prioriteit 1 en 2 volgens de Handleiding PREVAP 2009
De brandveiligheidscontroles bij inrichtingen (locatiedossier) worden cyclusmatig in overleg met de brandweer afgestemd en uitgevoerd.
Sancties
Prognose 2023
Handhavingsverzoeken afgewezen en/of termijn verlengd
10
Beroep of hoger beroep afgehandeld
6
Vovos afgehandeld
10
Bezwaarschriften afgehandeld
40
Nog lopende zaken
40
Opgestarte handhavingszaken
60
Strijdig bouwen en gebruik bestemmingsplannen
Na meldingen/handhavingsverzoeken en constateringen (onder meer door toezichthouders) wordt aan de hand van het prioriteitsmodel beoordeeld of en zo ja, wanneer toezicht en handhaving zal plaatsvinden.
Reclame-uitingen
In beginsel vindt er bij de uitvoering van de reguliere werkzaamheden geen toezicht en handhaving op reclame-uitingen plaats. Bij meldingen of handhavingsverzoeken wordt aan de hand van het prioriteitsmodel beoordeeld of en zo ja, wanneer toezicht en handhaving zal plaatsvinden.
Permanente bewoning recreatiewoningen buitengebied
In de afgelopen jaren zijn handhavingstrajecten ingezet op een tweetal parken om de permanente bewoning van een deel van de recreatiewoningen te stoppen. In juli 2022 is besloten om deze handhaving voorlopig te beëindigen en dit thema eerst in een breder perspectief te bekijken.
In de komende periode werken we aan een toekomstvisie over het gebruik van de recreatieparken en recreatiewoningen in onze gemeente. Daarin werken we samen met adviesbureau Ginder. Zij gaan in opdracht van de gemeente aan de slag met verschillende toekomstscenario’s. Dat leidt uiteindelijk tot een toekomstvisie. In deze visie worden alle recreatieparken meegenomen. In de gemeente Kaag en Braassem gaat het om 17 locaties.
Illegaal gebruik/ bebouwing van schuren, bedrijfswoningen en loodsen in het buitengebied
In het kader van woon- en identiteitsfraude vindt bij onregelmatigheden bij de inschrijving eerst een (bureau)onderzoek plaats. Indien hiertoe aanleiding bestaat wordt vervolgens op grond van de BRP een controle uitgevoerd. Indien hiertoe aanleiding bestaat, wordt vervolgens handhavend opgetreden. Onderdeel van het handhavingstraject is een legalisatieonderzoek.
De feitelijke inzet is afhankelijk van de beschikbaarheid van de desbetreffende medewerkers. Dossiers met wettelijke afhandelingstermijnen gaan in de uitvoering voor.
Illegaal gebruik/bouwen op de bedrijventerreinen
Behoudens de projectmatige aanpak vindt er bij de reguliere werkzaamheden geen toezicht en handhaving plaats. Na meldingen/handhavings-verzoeken en constateringen wordt aan de hand van het prioriteitsmodel beoordeeld of en zo ja, wanneer toezicht en handhaving zal plaatsvinden. In 2021 zal beoordeeld worden of een plan van aanpak moet worden opgesteld om projectmatig te gaan handhaven.
Illegaal gebruik kassen/loodsen Glastuinbouwgebieden
In 2023 wordt een inventarisatie opgesteld en vervolgens een voorstel tot een plan van aanpak uitgewerkt.
Illegale huisvesting van arbeidsmigranten/vestigers in Glastuinbouwgebieden
Op dit moment acteren wij alleen naar aanleiding van klachten en/of handhavingsverzoeken. De beschikbare capaciteit van 2 fte Boa’s en 2 fte toezichthouders BWT is onvoldoende – om naast de overige wettelijke uitvoeringstaken – gericht toezicht en handhaving te houden.
Verloedering als gevolg van leegstaande panden
Behoudens de projectmatige aanpak vindt er bij de reguliere werkzaamheden geen toezicht en handhaving plaats. Na meldingen/handhavings-verzoeken en constateringen wordt aan de hand van het prioriteitsmodel beoordeeld of en zo ja, wanneer toezicht en handhaving zal plaatsvinden. Door de coronapandemie is dit vanwege andere prioriteiten niet gestart, In 2023 zal beoordeeld worden of een plan van aanpak moet worden opgesteld om projectmatig te gaan handhaven.
Hennepkwekerijen in woningen en bedrijfsgebouwen
De standaard werkwijze is dat Toezicht en Handhaving wordt ingezet na de ontvangst van meldingen/handhavingsverzoeken. Het vervolgtraject (formele handhavingstraject) loopt via OOV.
Aanpak van woonfraude/adresfraude
Inschrijvingen in de basisadministratie op adressen waar bewoning niet is toegestaan worden met voorrang opgepakt. De werkinstructie bij gevraagde inschrijvingen is bijgesteld met dien verstande dat op basis van (bureau)onderzoek bij inschrijving direct een eerste constatering wordt gedaan. Dit is een doorlopend proces.
2Evaluatie VTH 2022
2.0 Ter inleiding
In deze paragraaf beschouwen we 2022. Dat doen we zo veel mogelijk door cijfers weer te geven over de resultaten 2022 en de prognose 2023. Daar waar het een toegevoegde waarde heeft worden ook de resultaten uit voorgaande jaren (nogmaals) opgenomen. Achtereenvolgens gaan we in op de vergunningverlening en het toezicht. Aan het slot van dit hoofdstuk wordt in paragraaf 2.4 ingegaan op de woon- en adresfraude en ondermijning.
2.1 Vergunningenverlening
2.1.1 WABO
Het uitgangspunt is dat omgevingsvergunningen en -meldingen binnen de gestelde wettelijke termijnen worden verleend. In 2022 zijn 4 vergunningen van rechtswege ontstaan, waarvan 1 naar aanleiding van een bezwaarprocedure.
De laatste jaren worden steeds meer verguningsplichtige activiteiten onder algemene regels geplaatst. Deze trend is door de rijksoverheid ingezet om de regels te uniformeren en de administratieve lasten te verlagen. Sloopmeldingen met asbest zijn vanaf 2018 qua bevestiging en toezicht ondergebracht bij de omgevingsdienst West Holland.
Type WABO aanvraag
Resultaat 2022
Prognose 2023
Omgevingsvergunning bouwen
294
350
Omgevingsvergunning monumenten
7
5
Omgevingsvergunning aanleggen
20
25
Omgevingsvergunning vellen van houtopstand
6
8
Omgevingsvergunning uitweg maken
20
20
Omgevingsvergunning afwijken
158
200
Omgevingsvergunning brandveilig gebruik
2
5
Omgevingsvergunning milieu
6
10
Melding brandveilig gebruik
2
14
TOTAAL
500
637
2.1.2 Vergunningen en – ontheffingen op grond van de Alcoholwet
In 2022 kwam het normale leven weer langzaam op gang na de coronapandemie. In 2022 zijn er 6 commerciële en is er 1 para commerciële Alcoholwetvergunning verleend. Tevens hebben er 15 wijzigingen van Alcoholwetvergunningen plaatsgevonden, waaronder wijziging van leidinggevenden en wijziging van inrichting. Bij een viertal aanvragen voor een Alcoholwetvergunning is een Bibob- toets uitgevoerd. Hiervan heeft één een vergunning gekregen, een tweetal heeft de aanvraag ingetrokken en van de vierde loopt de vergunningaanvraag nog.
Exploitatievergunningen
In 2020 is de exploitatievergunningplicht ingevoerd. Dit in het kader van ondermijning. De bedrijven die in het bezit zijn van een Alcoholwetvergunning
7Voorheen vergunning op grond van de Drank- en Alcoholwet
zijn van die vergunningplicht vrijgesteld. Bedrijven die wel horeca exploiteren, maar niet in het bezit zijn van een Alcoholwetvergunning dienen wel een dergelijke vergunning aan te vragen waarbij een Bibob-toets plaatsvindt. Alle horecabedrijven met een Alcoholwetvergunning hebben een ambtshalve vrijstelling ontvangen en de overige bedrijven zijn aangeschreven een vergunning aan te vragen. Het gaat hierbij om 7 horecabedrijven.
type
Resultaat 2020
Resultaat 2021
Resultaat 2022
Prognose 2023
Alcoholwet
Horeca gerelateerd
22
28
30
40
Vergunning kansspelen
7
11
15
2.1.3 Evenementenvergunning en andere APV-zaken
Voor het jaar 2022 stonden er 126 evenementen op de kalender aangemeld (meldingen, A-, B-, en C- evenementen).
In 2020 is het meldingsformulier vergunningsvrije evenementen in het leven geroepen. Dit om een goed beeld te krijgen van alle evenementen en werkt goed.
Overige APV en Bijzondere Wetten producten
Wat betreft de overige APV en Bijzondere Wetten producten zijn de nodige vergunningen of ontheffingen verleend en diverse meldingen binnengekomen.
type
Resultaat 2022
Prognose 2023
Markt, standplaats, venten en/of collecteren
9
9
Evenementen
80
80
Meldingen evenementen vanaf 2021
50
50
2.2 Toezicht
Rekening houdend met het aantal te verwachten vergunningen, ontheffingen en meldingen en het daaruit voortvloeien van op te leggen sancties, kan indicatief worden gesteld dat de beschikbare formatie voor toezicht en handhaving in 2023 voor 70% wordt ingezet voor regulier werk en voor 30% voor projecten.
In de omgevingsanalyse (bijlage 2a van het Bijlagenboek Nota VTH) is per deelgebied (Woonkernen, Glastuinbouwgebieden, Bedrijventerreinen en Buitengebied) uiteengezet wat de speerpunten met betrekking tot toezicht en handhaving zijn. Op reguliere basis vindt toezicht plaats binnen de kernen en worden meldingen (ook de meldingen openbare ruimte waaraan geen hoge prioriteit is gegeven) in de route meegenomen.
Het ‘meenemen’ van meldingen in de surveillancerondes binnen de kernen wordt in de tabel niet per activiteit expliciet vermeld maar vindt wel plaats. In alle deelgebieden wordt – waar de capaciteit het toelaat – ingezet op projectmatige handhaving ter versterking van de in het deelgebied benoemde doelen/speerpunten conform het vigerende Uitvoeringsprogramma 2019-2023.
2.2.1 Toezicht omgevingsvergunningen
Op het moment dat een vergunning onherroepelijk is dan wel een melding volledig is, vindt een digitale overdracht van het dossier plaats van vergunningverlening naar toezicht en handhaving. Uitgangspunt hierbij is dat alle afgegeven Wabo-vergunningen (bouwfase) en ingediende meldingen activiteitenbesluit door de toezichthouders van de gemeente worden gecontroleerd. De omgevingsvergunningen activiteit milieu en een aantal meldingen activiteitenbesluit worden door de omgevingsdienst gecontroleerd. Daarnaast worden sloopmeldingen en meldingen toepassing van grond/bouwstoffen door de omgevingsdienst gecontroleerd op basis van een risicoklasse.
Het aantal te verwachten bouwwerken zonder of in afwijking van de verleende omgevingsvergunning voor bouwen is opgenomen in onderstaande tabel. Als gevolg van verdergaande deregulering en verruiming van het vergunningsvrij bouwen kunnen steeds meer bouwactiviteiten vergunningsvrij worden uitgevoerd. Dergelijke activiteiten zijn veelal niet bij de gemeente bekend waardoor geen toezicht plaatsvindt. Het is echter de vraag of dergelijke activiteiten daadwerkelijk onder het vergunningsvrije regime vallen. Regelmatig wordt aan de hand van meldingen vastgesteld dat bouwwerken zonder vereiste omgevingsvergunning zijn gerealiseerd.
Dit betekent dat toetsing achteraf gebeurt in plaats voorafgaand of tijdens de bouwfase. Dit vergt meer inzet van bouwtoezicht. De verwachting is dat meer van dergelijke situaties zich gaan voordoen als de markt aantrekt en zorgt voor groei in de bouwsector. De komende jaren zal nog meer dan nu een verschuiving plaatsvinden van toezicht in de bouwfase naar toezicht in de gebruiksfase, mede door de Wet kwaliteitsborging die per 1 januari 2024 van kracht wordt. Door de toetsing achteraf zullen er meer constateringen (voornemen handhaving) opgepakt worden.
De samenwerkingspartners voor de uitvoering van de werkzaamheden toezicht en handhaving zijn: politie, brandweer, omgevingsdienst, hoogheemraadschap van Rijnland en de provincie Zuid-Holland.
Er is in 2019 een start gemaakt met het proces voor het intrekken van oude vergunningen, in overleg met toezicht en handhaving. Dit traject loopt door.
Werkvoorraad toezicht omgevingsvergunningen
Prognose 2023
2020
20
2021
45
2022
100
totaal openstaand toezicht 2023
165
Aantal te verwachten bouwwerken in afwijking of zonder vergunning
Prognose 2023
Resultaat 2022
bouwwerken zonder vergunning
10
6
bouwwerken in afwijking van de vergunning
15
12
2.2.2 Toezicht Alcoholwet
In 2019 heeft een administratieve controle op basis van de lijst vergunningen horecabedrijven plaatsgevonden, waardoor de basislijst op orde is. De medewerkers Handhaving APV en bijzondere wetten zijn tevens aangesteld als toezichthouder DHW conform artikel 41 van de wet, inmiddels de Alcoholwet. Het toezicht op de naleving van de wet en de vergunningen richt zich voornamelijk op de leeftijdsgrenzen bij verkopen en verstrekken van alcohol bij para commerciële en commerciële inrichtingen. De controle vindt plaats op basis van de vergunningsvoorwaarden (jonger dan 18 jaar in combinatie met een meerderjarige). De controle op jongeren onder de 18 jaar die alcoholhoudende drank nuttigen (bij zich hebben), geschiedt door het verifiëren van de leeftijd en het vaststellen van het in bezit hebben van de alcoholhoudende drank. Er volgt dan een strafrechtelijke vervolging. In 2023 gaan we projectmatig de horecalocaties controleren, naast de paracommercie. Het gaat om respectievelijk 100 en 40 locaties.
2.2.3 Toezicht APV en bijzondere wetten
In 2023 wordt gestart met de actualisatie van de verschillende verordeningen en beleidsnota’s zoals de APV en het Evenementenbeleid.
Toezicht en handhaving in het kader van de APV en bijzondere wetten betreft vooral het toezien op de verleende evenementenvergunningen (APV) en bijvoorbeeld verkeersmaatregelen, standplaatsen en markten, venten, spandoeken, speelautomaten en het afmeren van vaartuigen.
De Boa’s controleren een evenement op de vergunningsvoorwaarden. Voorafgaand aan het evenement wordt een controle uitgevoerd in het gebouw of op het terrein waar een evenement plaatsvindt. Toezicht tijdens het evenement wordt uitgevoerd door de beveiliging in samenwerking met Boa’s en de politie.
2.3 Handhaving
Bij de uitvoering van de activiteiten wordt de eigen verantwoordelijkheid en betrokkenheid van inwoners en bedrijven gestimuleerd bij het oplossen van vraagstukken. Als dit niet leidt tot het gewenste resultaat kan in voorkomende gevallen handhaving volgen. Het prioriteitsmodel bepaalt de mate van prioriteit en of besloten wordt om tot daadwerkelijke handhaving over te gaan. In zaken waarbij sprake is van een lage prioriteit, wordt ervoor gekozen om de betrokkenen op de eigen verantwoordelijkheid aan te spreken en wordt daarmee de problematiek teruggelegd bij de veroorzaker. Zo worden bijvoorbeeld bij burengeschillen mogelijkheden van een gesprek of mediation voorgehouden en kan men zelf initiatief nemen dit te organiseren. Voor woonoverlast is een werkgroep opgericht en hebben medewerkers een opleiding gevolgd. We werken hierin samen met de woningcorporaties, de politie, Tom in de Buurt en GGZ. De samenwerking loopt steeds beter.
Als in het geval van verguningsplichtige activiteiten tijdens controle wordt geconstateerd dat niet conform de verleende vergunning dan wel zonder omgevingsvergunning wordt gebouwd, proberen de toezichthouders zoveel mogelijk afwijkingen van de vergunningen direct met de vergunninghouder c.q. overtreder op te lossen. Lukt dit niet, dan volgt vaak eerst een waarschuwing in de vorm van een waarschuwingsbrief. Als dit niet tot een oplossing leidt wordt op grond van het prioriteringsmodel bepaald of overgegaan wordt tot bestuursrechtelijke handhaving. Daarnaast vindt handhaving plaats aan de hand van geplande toezichtacties of de afhandeling van klachten en meldingen. Afhankelijk van de aard en ernst van de overtredingssituatie wordt de overtreder gewaarschuwd of wordt er direct bestuursrechtelijk en/of strafrechtelijk opgetreden. De bestuursrechtelijke handhaving vindt plaats conform de handhavingsstrategie van de Nota VTH (Bijlage 4 Bijlagenboek).
Op het gebied van afvaldumpingen wordt civielrechtelijke handhaving toegepast. Dit betekent dat alle kosten die gemaakt worden om de overtredingssituatie ongedaan te maken worden verhaald op de overtreder. Strafrechtelijke handhaving vindt plaats bij overtredingen in het kader van APV, Alcoholwet en overige bijzondere wetten. Op het gebied van sanctionering zijn in 2022 de volgende aantallen behaald.
Sancties
Prognose 2021
Resultaat 2021
Prognose 2022
Resultaat 2022
Handhavingsverzoeken afgewezen en/of
10
13
13
9
termijn verlengd
6
5
20
13
Beroep of hoger beroep afgehandeld
10
4
5
3
Vovos afgehandeld
40
15
40
56
Bezwaarschriften afgehandeld
40
66
40
72
Nog lopende zaken*
60
36
60
50
Opgestarte handhavingszaken
*In lopende zaken wordt geen onderscheid gemaakt tussen de stand van het dossier. Dit zijn o.a. lopende bezwaar en (hoger) beroepszaken, maar ook handhavingsdossiers die nog gestart moeten worden of al gestarte handhavingsdossiers waarin een (her)controle moet worden uitgevoerd.
De kwaliteit van constateringen en rapportages is verbeterd en leidt nu tot opvolging indien sprake is van een prioriteit op grond van het prioriteitsmodel.
In 2023 zetten we in op regulier overleg tussen de handhavingsjuristen en toezichthouders en handhavers.
In 2023 wordt vanuit de verschillende disciplines een omgevingsanalyse en risicoanalyse opgesteld in het kader van het nieuwe VTH-beleid (2024-2027).
2.4 Ondermijning
Binnen de gemeente zal de komende jaren meer inzet worden gepleegd op het onderwerp ondermijning. In de aanpak van ondermijning pakken wij als gemeente ook steeds meer onze regierol voor het uitvoeren van integrale controles met o.a. politie, brandweer, omgevingsdienst, hoogheemraadschap van Rijnland, BRP, Liander en Belastingdienst. De integrale acties worden gecoördineerd door de medewerkers OOV.
Bij de aanpak van ondermijning speelt, naast de strafrechtelijke en fiscaalrechtelijke aanpak, de bestuursrechtelijke aanpak een steeds belangrijkere rol. Bestuurlijke interventies zoals sluiten van panden, intrekken van vergunningen, stopzetten van uitkeringen/toeslagen, Bibob-toets, etc. zijn erg effectief in de aanpak van ondermijning.
2.4.1 Ondermijningstafels
Om de integrale aanpak van ondermijning te bevorderen zijn er in 2018 ondermijningstafels opgericht, op zowel lokaal als op districtsniveau. Op lokaal niveau zijn de gemeente (Kaag en Braassem), politie, districtsrecherche, RIEC en HEIT vaste deelnemers. Bij de districtelijke ondermijningstafel schuiven de Belastingdienst en het OM ook aan. De districtelijke ondermijningstafel valt onder de regie van het districtscollege. Gemeente Kaag en Braassem heeft één casus lopen bij de districtelijke ondermijningstafel.
Doel van deze overleggen zijn om o.a. casuïstiek te bespreken en interventies af te stemmen. Het kan dus zijn dat bepaalde bestuurlijke interventies acuut aandacht vragen.
2.4.2 RIEC
Het Regionaal Informatie en Expertise Centrum (RIEC) Den Haag ondersteunt de gemeente bij de aanpak van georganiseerde criminaliteit. Het RIEC focust zich op het aanpakken van bepaalde gebieden of sleutelplaatsen die als zogenoemde knooppunten voor criminaliteit fungeren of daar kwetsbaar voor zijn. Daarnaast ligt de nadruk op gebieden die kenmerken voor vrijplaatsen vertonen. In dit kader heeft het RIEC zich op verschillende gebieden gericht, zoals bijvoorbeeld: bedrijventerreinen, vakantieparken/recreatieterreinen, (kleine) jachthavens en woonwagencentra.
Deze gebieden blijken kwetsbaar voor diverse vormen van ondermijnende criminaliteit. Er is gestart met onderzoek bij o.a. de bedrijventerreinen (met name De Lasso en De Waaier). In dit uitvoeringsprogramma zijn deze onderwerpen en locaties geprioriteerd.
2.4.3 HEIT
In het Haags Economisch Interventie Team (HEIT) werken gemeenten, politie, Belastingdienst, Douane, Inspectie SZW (ISZW) en het UWV samen. Kerntaak van het HEIT is het voorkomen en terugdringen van malafide bedrijvigheid en de aanpak van misstanden binnen de prostitutie. Het HEIT pakt honderden zaken per jaar op en werkt voor de hele politie-eenheid Den Haag, dus ook voor de gemeente Kaag en Braassem. Toezichthouders van het HEIT zijn in 2018 door zowel het college als de burgemeester aangewezen om als toezichthouder in de gemeente Kaag en Braassem controles te mogen uitvoeren.
2.4.4 Speerpunt aanpak van woonfraude, adresfraude en zorgfraude
Deze vormen van fraude vormen een omvangrijk probleem waarvan de gevolgen door diverse activiteiten steeds duidelijker worden. Een onjuiste inschrijving in de Basisregistratie Personen kan gebruikt worden voor het onterecht aanvragen van sociale voorzieningen. Daarnaast vormt woonfraude een voedingsbodem voor allerlei vormen van overlast die de leefbaarheid aantasten. Ook biedt woonfraude de mogelijkheid om anoniem te blijven en zodoende onder te duiken (op bijvoorbeeld vakantie- en recreatieparken). In dit kader wordt onder andere de aandacht gericht op het aanpakken van misstanden die betrekking hebben op spookburgers en de illegale en (brand)onveilige verhuur van woonruimte (in bijvoorbeeld bedrijfspanden). Wij maken hiervoor gebruik van de toezichthouders BRP van (het Serviceplein van) de gemeente Alphen aan den Rijn. Zij controleren ook als er vermoedens zijn van uitkeringsfraude (Participatiewet)
3Boa-rapportage 2022
3.0 Ter inleiding
Deze paragraaf bevat het jaarlijks overzicht van gemeentelijk toezicht / BOA in de openbare ruimte. Vanaf 2021 is gekozen voor een integraal document in plaats van een separaat document.
Met de Nota Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (nota VTH) en het uitvoeringsprogramma 2019-2023 wordt invulling gegeven aan de wettelijke verplichtingen van het Besluit omgevingsrecht (Bor) en de ministeriële Regeling omgevingsrecht (Mor). Het uitvoeringsprogramma geeft aan welke activiteiten de gemeente op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving in de periode 2019-2023 zal uitvoeren.
In 2020 is er bij het team Dienstverlening, waartoe het cluster Vergunningen, Toezicht en Handhaving behoort, gewerkt aan verbetering van de werkprocessen teneinde meer inzicht te krijgen op onderwerpen en capaciteit bij toezicht en handhaving op straat. Sinds 2016 zijn bij de gemeente Kaag en Braassem twee formatieplaatsen ‘medewerker Handhaving APV en bijzondere wetten’ ingevuld.
De werkzaamheden richten zich de volgende onderdelen:
1Meldingen openbare ruimte;
2Alcoholwet;
3Algemeen Plaatselijke Verordening (APV) en bijzondere wetten
De handhaver, die toezichthouder en tevens opsporingsambtenaar is, moet zich bij de keuze in zijn bevoegdheden afvragen met welk doel die bevoegdheid dient. Afhankelijk van het doel (bestuurlijk doel of strafvorderlijk doel) past hij daarvoor bevoegdheden toe, als volgt:
•De bestuursrechtelijke handhaving als toezichthouder artikel 5:11 Algemene wet bestuursrecht. Dit gebeurt door het bestuursorgaan van de gemeente met als doel het ongedaan maken van overtredingen door toepassing van last onder dwangsom of last bestuursdwang. De toezichthouder houdt toezicht op naleving van wettelijke regels.
•Strafrechtelijke handhaving als buitengewoon opsporingsambtenaar artikel 142 van het wetboek Strafverordening. Strafrechtelijke handhaving richt zich op de opsporing en bestraffing van strafbare feiten. Opsporing gebeurt door de buitengewone opsporingsambtenaar (hierna BOA) en vindt plaats onder gezag van de van de officier van justitie die onderdeel is van het Openbare Ministerie. Strafrecht richt zich slechts op het bestraffen van de betrokkene/verdachte. Dit betekent dat de overtreding in beginsel gewoon blijft (niet beëindigd wordt).
3.1 Monitoren en werkwijze bij Toezicht
De werkwijze, de wijze van registreren van de tijdbesteding en het stellen van prioriteiten in de onderwerpen zijn door Toezicht en Handhaving nader onder de loep genomen. In 2022 is het registreren van meldingen, klachten en tips in een zaaksysteem verder verbeterd. We werken met Djuma en Fixi.
Er is meer aandacht voor registratie en de kwaliteit van de registratie. Dat betreft vooral het centraal registreren (kennis delen en raadpleegbaarheid) en de kwaliteit van de behandeling. Omissies worden daardoor zichtbaar en met elkaar besproken om zo bij te dragen de kwaliteitsverbetering. De processen worden ook met de andere afdelingen afgestemd.
3.2 Meldingen openbare ruimte
Meldingen, tips en klachten komen over uiteenlopende onderwerpen binnen. In het uitvoeringsplan 2019-2023 is opgenomen dat er voor behandeling van meldingen openbare ruimte (MOR) meer ingezet wordt op wijksurveillance, waarbij de behandeling van de meldingen worden meegenomen. In onderstaand overzicht een scan van onderwerpen van meldingen die door BOA’s zijn opgepakt.
Toezicht aan de hand van meldingen
Burgers, bedrijven en instellingen dienen jaarlijks meldingen bij de gemeente in met betrekking tot een breed scala aan onderwerpen. In 2022 zijn 5892 meldingen ontvangen en in 2023 verwachten we circa 7000 meldingen.
Cluster VTH besteedt jaarlijks veel tijd aan het onderzoeken en afhandelen van deze meldingen. Tot op heden blijkt dat circa 90% van de meldingen niet het VTH-domein raken. In 2023 onderzoeken we of het beheer van het meldsysteem, Fixi, overgedragen wordt naar het taakveld waarop de meeste meldingen betrekking hebben. Meldingen worden binnen 10 werkdagen in behandeling genomen.
De VTH-onderwerpen zijn:
•Overlast, huisdieren/woonoverlast
•Afvaldumpingen
•meldingen ingediend met betrekking tot de APV; bijvoorbeeld voorwerpen op de openbare weg, hinder, hondenpoep, aanhangwagens, fietswrakken etc.
•meldingen ingediend met betrekking tot parkeren
•Geluidsoverlast horeca
Meldingen
Meldingen openbare ruimte worden ook door BOA's behandeld, In 2022 waren dat 753 meldingen.
Voorbeelden hiervan zijn: meldingen over parkeren, overlast dieren, hinderlijke beplanting over de openbare weg, verkeersafzettingen, autowrakken, bootwrakken, weekmarkten, standplaatsen, spandoeken, illegaal aanleggen vaartuigen.
Rommel op straat
Er zijn 86 meldingen van rommel op straat (afvaldumping) binnengekomen. Er is daar waar mogelijk bestuursrechtelijke handhaving d.m.v. spoedeisende bestuursdwang toegepast.
Overlast van hangjongeren
De potentiële locaties van hangjongeren zijn in beeld. Er zijn 32 meldingen van overlast van hangjongeren binnengekomen. Door de meldingen worden de wijk- controles steeds aangepast, in samenwerking met politie en Jeugdwerkers.
Overlast door hondenoverlast en hondenpoep
In 2022 zijn er 39 meldingen over hondenoverlast binnengekomen. Die zijn meegenomen in het wijkbezoek. De meeste hondenbezitters hebben het opruimmiddel aan de hondenriem bij zich.
Foutparkeren
Er zijn 347 meldingen van fout parkeren binnengekomen. Er zijn op basis van de wijkcontroles en de binnengekomen meldingen 287 bekeuringen uitgeschreven en 69 waarschuwingen gegeven. Door de meldingen worden de routes van de wijkcontroles steeds aangepast.
3.4 Alcoholwet
De medewerkers Handhaving APV en bijzondere wetten zijn tevens aangesteld als toezichthouder Alcoholwet. Het toezicht op de naleving van de wet en de vergunningen richt zich voornamelijk op de leeftijdsgrenzen bij verkopen en verstrekken van alcohol bij para commerciële en commerciële inrichtingen.
3.5 APV/ Evenementen
Toezicht en handhaving in het kader van de APV en bijzondere wetten betreft vooral het toezien op de verleende evenementenvergunningen (APV) en bijvoorbeeld verkeersmaatregelen, standplaatsen en markten, venten, spandoeken, speelautomaten en het afmeren van vaartuigen.
Evenementenvergunningen
Voorafgaand aan het evenement wordt een controle uitgevoerd in het gebouw of op het terrein waar een evenement plaatsvindt. Toezicht tijdens het evenement wordt uitgevoerd door de beveiliging in samenwerking met BOA’s en de politie. De handhavers hebben 19 controles uitgevoerd op evenementen-vergunningen.
Tijdelijke verkeersmaatregelen
Er vindt controle plaats als het een onderdeel van een evenement is.
Standplaatsen en markten
Tijdens de wijkbezoeken is de markt/standplaats structureel onderdeel
Spandoeken
Tijdens de wijkbezoeken wordt dit opgepakt of na een melding
Afmeren van vaartuigen
In 10 situaties is na melding of wijkbezoek gestickerd of gewaarschuwd. Er waren geen vervolgacties, de overtreding werd vroegtijdig beëindigd
3.6 Samenwerking
De samenwerkingspartners voor de uitvoering van de werkzaamheden toezicht en handhaving zijn: politie, brandweer, Omgevingsdienst West Holland, hoogheemraadschap van Rijnland, de provincie Zuid-Holland en de handhavers van de gemeenten Bodegraven–Reeuwijk en Nieuwkoop.
Kaag en Braassem werkt samen met de BOA’s van de gemeente Nieuwkoop en de gemeente Bodegraven-Reeuwijk. De samenwerking verloopt goed en heeft als meerwaarde o.a. wederzijds inzetten van capaciteit. Tijdens de coronapandemie stond de samenwerking op een laag pitje. In 2022 hebben we alweer wat meer de samenwerking gezocht en dit willen we in 2023 intensiveren.
Bijvoorbeeld ten behoeve van parkeercontroles in Nieuwkoop en de feestweek in Bodegraven- Reeuwijk. Voor de feestweek -Veense Kermis in Roelofarendsveen is capaciteit ingezet vanuit de andere gemeenten. Met MBO Rijnland hebben wij een overeenkomst om stageplekken aan te bieden. In 2022 hebben we twee stagiaires gehad.
Bijlage 1 Rapport interventies per feit
Feitcode
Omschrijving
Sancties
Waarschuwingen
Aantal
F145f
Er niet voor zorgen de uitwerpselen van een hond onmiddellijk te verwijderen van een openbare plaats
1
1
R312b
Als snorfietser met ingeschakelde verbrandingsmotor het onverplichte fietspad (G13) gebruiken
1
1
R315a
Rijden op het trottoir, voetpad, fietspad, fiets/bromfietspad of het ruiterpad (niet de rijbaan gebruiken)
15
1
16
R315b
Als bestuurder van een stilstaand motorvoertuig niet de rijbaan gebruiken.
25
4
29
R395
Voertuig zodanig op de weg laten staan dat gevaar wordt/kan worden veroorzaakt of verkeer wordt/kan worden gehinderd
2
2
R396a
Een voertuig op een kruispunt laten stilstaan
1
1
R397d
Parkeren op parkeergelegenheid, terwijl voertuig niet tot aangegeven categorie of groep voertuigen behoorde
9
9
R397e
Parkeren op parkeergelegenheid op andere dan aangegeven wijze
1
1
R397ea
Parkeren op parkeergelegenheid met ander doel dan aangegeven wijze
5
5
R397h
Een voertuig parkeren op een plaats bestemd voor onmiddellijk laden en lossen van goederen
1
1
R397i
Parkeren op parkeerplaats vergunninghouders (bord E9) zonder vergunning voor dat voertuig
2
2
R397j
Parkeren buiten parkeervak bij één van de borden E4 tot en met E9, E12 of E13 v/d bijlage I van het RVV 1990
7
7
R398
Een voertuig dubbel parkeren
1
1
R400ae
Motorvtg op meer dan twee wielen parkeren bij blw. streep terw niet is voorzien v/e duidelijke geplaatste parkeerschijf
9
9
R402b
Parkeren op gehandicaptenparkeerplaats zonder duidelijk zichtbare geldige gehand. parkeerkaart
6
2
8
R406
Voertuig laten staan in park, plantsoen, openbare beplantingen of groenstroken
2
2
4
R414a
Zonder ontheffing parkeren van een voertuig langer dan 6 m / hoger dan 2,4 m op een plaats waar dit verboden is
1
1
2
R478
Binnen een erf parkeren anders dan op een daarvoor bestemde parkeerplaats
2
2
4
R495
Op een aangewezen weg een caravan kampeer/aanhangwagen e.d. plaatsen of hebben langer dan de vastgestelde termijn
29
29
R550a
Handelen ism geslotenverklaring in beide richtingen (C1)
2
2
R584
Een voertuig parkeren waar dat niet mag (bord E1, parkeerverbod(szone))
16
1
17
R585
Een voertuig stil laten staan waar dat niet mag (bord E2, verbod stilstaan)
1
1
2
Totaal 2022
137
16
153
Bijlage 2 FIXI Meldingen Openbare Ruimte 2021 & 2022
In het uitvoeringsprogramma is gesteld dat er ongeveer 5000 meldingen werden verwacht in 2021, Het resultaat is 4196. De doelstelling 2021 was dat 85% van alle meldingen met betrekking tot de openbare buitenruimte binnen tien werkdagen in behandeling wordt genomen. In samenspraak met partijen wordt gezocht naar een passende oplossing waarbij de eigen verantwoordelijkheid van een ieder wordt gestimuleerd. 95% van alle meldingen is binnen tien werkdagen in behandeling genomen.
FIXI Meldingen Kaag en Braassem 2021 & 2022 Totaal
2021
2022
Hoofdcategorie
Totaal 2021
Totaal 2022
Afval
719
1148
Bruggen
59
78
Dieren
162
249
Groen
449
765
Openbare verlichting
511
638
Overlast
597
652
Riolering
198
164
Water
90
175
Wegen en trottoirs
1319
1847
Speeltoestellen & Recreatieterreinen
92
176
Totaal gemeente Kaag en Braassem
4196
5892
De doorgestuurde meldingen naar regiepartners Cyclus (Afval)
En van Vuuren (Lichtmasten) zijn in bovengenoemde cijfers opgenomen.
Bijlage 4 Prioriteiten matrix 2019-2023
Effect
toepasselijk?
Uitkomst
Veiligheid
6
0
Gezondheid
6
0
Leefbaarheid
6
0
Ligging in buitengebied/bescherming landschappelijke waarden
4
0
Schaderisico, aansprakelijkheidsrisico, precedentwerking
2
0
Image gemeente/betrouwbare overheid
1
0
Bouwwerk
0
Publiekstoegankelijk bouwwerk
4
0
Gestapelde woningen, logies- of kantoorgebouw
3
0
Industrie en bedrijfsgebouwen, grote bouwwerken geen gebouw zijnde
2
0
Overig
1
0
Monumentstatus
0
Officieel rijks- of gemeentelijk monument
3
0
Beeldbepalend pand
2
0
Aard en omvang
0
overlast, hinder, ongemak of letsel op collectief niveau
4
0
beperkte mate van overlast, hinder, ongemak of letsel op collectief niveau
3
0
overlast, hinder, ongemak of letsel op individueel niveau
2
0
beperkte mate van overlast, hinder, ongemak of letsel op individueel niveau
1
0
Overig
0
Samenloop meerdere wet- en regelgeving
3
0
Gevolgschade > 5000 euro
2
0
Gevolgschade < 5000 euro
1
0
Frequentie en Kans
0
I Hoogste prioriteit
> 35
Frequentie; erg vaak en Kans: zeer groot en kans op herhaling: zeer groot
5
0
II Hoge prioriteit
30-35
Frequentie; vaak en Kans: groot en kans op herhaling: groot
4
0
II Verhoogde prioriteit
25-30
Frequentie; gemiddeld en Kans: normaal en kans op herhaling: gemiddeld
3
0
IV Gemiddelde prioriteit
15-25
Frequentie; laag en Kans: klein en kans op herhaling: klein
2
0
V Lage prioriteit
0-15
Frequentie; zeer laag en Kans: zeer klein en kans op herhaling: zeer klein
1
0
Totaal
71
0
Categorie
Prioriteiten
De Rijksoverheid geeft al geruime tijd aan veiligheid en gezondheid de hoogste prioriteit. Mede op basis hiervan, hanteert de gemeente Kaag en Braassem de volgende prioriteitsvolgorde:
1Fysieke veiligheid
Fysieke Veiligheid bevat vormen van onveiligheid die samenhangen met gevaarlijke stoffen, gebouwen en natuur. Als dit effect optreedt, zal dit direct leiden tot situaties waarin mens en dier fysiek bedreigd worden. Het gewond raken of overlijden van personen zijn gebeurtenissen die van grote invloed zijn op ons dagelijks functioneren. Dit geldt tevens wanneer het om dieren gaat.
Dit effect kan zich voordoen wanneer bijvoorbeeld voorschriften met betrekking tot de sterkte van constructies, gebruik, brandveiligheid en installaties niet worden nageleefd. De afweging om veiligheid de hoogste prioriteit te geven is gelegen in het feit dat wij de fysieke veiligheid van onze inwoners voorop stellen.
2Gezondheid
Als dit effect optreedt, zal dit direct of indirect leiden tot situaties waarin het lichamelijk welzijn van mens en dier wordt ondermijnd. Het ziek worden van mens en dier is van invloed op ons dagelijks functioneren. Dit effect kan zich voordoen wanneer bijvoorbeeld voorschriften op het gebied van daglichttoetreding, ventilatie, vochtigheid, geluid en gevaarlijke stoffen niet worden nageleefd.
Gezondheid vinden wij absoluut belangrijk. Aantasting van de gezondheid door het niet naleven van regelgeving willen we zoveel mogelijk tegengaan.
3Risico op aantasting van landschappelijke, cultuurhistorische en recreatieve waarden
Als dit effect optreedt, zal dit leiden tot negatieve beïnvloeding van waarden van met name ons landelijk gebied. Als gemeente zijn we er trots op dat ons gebied de status van nationaal landschap heeft verworven. Deze status willen we graag vasthouden door deze te beschermen. Verrommeling van het buitengebied door strijdig gebruik van percelen en bouwwerken, een wildgroei aan bouwsels en reclames en verloedering door achterstallig onderhoud en graffiti willen we tegengaan. De landschappelijke, cultuurhistorische en recreatieve waarden hebben een grote positieve invloed op onze gezondheid, ontwikkeling en welzijn.
4Leefbaarheid / uitstraling
Als dit effect optreedt, zal dit leiden tot negatieve effecten op het woongenot en de leefomgeving. Uiteindelijk zal dit effect ook zijn weerslag hebben op de gezondheid.
5Schaderisico, aansprakelijkheidsrisico en precedentwerking
Onder deze noemer is een aantal meer interne risico’s voor de gemeentelijke organisatie gevat. Als het effect optreedt, zal dit leiden tot situaties waarin op geld gewaardeerde vernietiging of beschadiging van onroerende of roerende goederen plaatsvindt. Of zal, als het effect optreedt, dit direct of indirect kunnen leiden tot claims op het gemeentebestuur tot vergoeding of compensatie. Het risico op precedentwerking kan worden gedefinieerd als het ontstaan van ongewenste situaties waartegen optreden moeilijker of onmogelijk is geworden.
6Imago gemeente (betrouwbare overheid)
Als dit effect optreedt, zal dit een negatieve invloed hebben op het vertrouwen in en de geloofwaardigheid van het gemeentebestuur en de beeldvorming rond het functioneren van de ambtelijke organisatie.
In tabel A. hebben we de prioriteiten in volgorde weergegeven en er punten aan toegekend op basis waarvan de uiteindelijke prioriteit kan worden bepaald. De gemiddelde score van deze zes aspecten is een indicatie voor het risico en vormt hiermee een belangrijke basis voor het vaststellen van de prioriteiten.
Subprioriteiten
Om ook de grijze gebieden van tabel A te bestrijken hebben wij naast de hoofdprioritering subprioriteiten toegevoegd. Zo is het belangrijk om een prioriteitsvolgorde vast te stellen op grond van het gebouwtype. Het is namelijk zo dat in een openbaar gebouw in de regel meer mensen komen dan in een reguliere schuur. Het effect van een gebeurtenis in een openbaar gebouw is dus groter dan in een reguliere schuur. Verder speelt het in de prioritering mee of er sprake is van een monument. Ook de aard en omvang is belangrijk, betreft het bijvoorbeeld één persoon of gaat het om meerdere.
Ook deze subprioriteiten zijn in onderstaande tabel opgenomen. Door het invullen van de tabel wordt een score verkregen die de prioriteitsvolgorde bepaald.
Kans
Om de kans in te kunnen schatten of een bepaalde overtreding zal worden begaan, spelen de volgende aspecten een belangrijke rol.
•Kennis van regels: Is de wet- en regelgeving voldoende bekend en duidelijk?
•Kosten-baten: Wat zijn de voor- en nadelen van het overtreden of naleven van de regelgeving, uitgedrukt in tijd, geld en moeite?
•Mate van acceptatie: Hoe redelijk vindt men het beleid en de regelgeving?
•Gezagsgetrouw: In hoeverre is men bereid om zich te conformeren aan het gezag van de overheid?
•Sociale controle: In hoeverre kan men positieve of negatieve reacties verwachten van de omgeving (omwonenden)?
Frequentie
De frequentie waarmee een bepaalde werkzaamheid of actie wordt uitgevoerd, verhoogtde kans dat er een fout wordt gemaakt of dat er een overtreding wordt begaan. De kans op een fout wanneer een handeling/actie honderd keer wordt uitgevoerd is hoger dan wanneer deze slechts één keer wordt uitgevoerd. De frequentie dat een bepaalde handeling/actie/activiteit plaatsvindt is daarom van belang voor de inzet van de toezichtcapaciteit.