Gemeentelijke regelgeving

Beleidsregel verlagen bijstand vanwege lagere/ontbreken woonkosten & schoolverlaten gemeente Harlingen 2021

Gemeente Harlingen · geldt sinds 1 januari 2021

Aanhef

HET COLLEGE VAN BURGEMEESTERS EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE HARLINGEN;

Gelet op het bepaalde in artikel 4:81 Algemene wet bestuursrecht;

Gelet op het bepaalde in de Participatiewet;

Gelet op het bepaalde in de Wet Maatschappelijke ontwikkeling;

Gelet op het bepaalde in de Jeugdwet;

Gelet op het bepaalde in de geldende verordeningen op het sociaal domein Gemeente Harlingen;

de verordening maatschappelijke ondersteuning

de verordening Jeugdhulp

de afstemmingsverordening Participatiewet, Bbz 2004, IOAW en IOAZ

de re-integratieverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ

de verordening tegenprestatie Participatiewet, IOAW en IOAZ

de handhavingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ

de verordening loonkostensubsidie Participatiewet

de verordening individuele inkomenstoeslag Participatiewet

de verordening individuele studietoeslag Participatiewet;

Overwegende dat het wenselijk is beleidsregels vast te stellen voor de uitvoering van de genoemde verordeningen op het sociaal domein;

BESLUIT:

Vast te stellen de volgende beleidsregel: Beleidsregel verlagen bijstand vanwege lagere/ontbreken woonkosten & schoolverlaten gemeente Harlingen 2021.

Aldus vastgesteld door het college van burgemeesters en wethouders in de vergadering van 15 december 2020.

W.R. Sluiter,

burgemeester.

S. van der Broek,

secretaris.

Beleidsregel Verlagen bijstand vanwege lagere ofwel ontbreken woonkosten:

Gelet op het bepaalde van artikel 27 Participatiewet wordt een verlaging toegepast zodra er sprake is van het bewonen van een woning maar dat de belanghebbende als gevolg van zijn woonsituatie lagere bestaanskosten heeft dan die waarin de bijstandsnorm voorziet.

De verlaging bedraagt 20% van de gehuwden norm (= 100% ML = art. 21 aanhef onder b PW).

Er is sprake van lagere of het ontbreken van woonkosten als:

•de belanghebbende geen huur- of hypotheekkosten verschuldigd is, ongeacht of er sprake is van het hebben van andere woonkosten (krakers);

•een derde de woonkosten van de woning betaalt (onderhoudsplichtige die de woonkosten van de ex betaalt).

Begripsbepalingen:

In deze beleidsregel wordt onder een woning verstaan een woning zoals bedoeld in artikel 1 onderdeel k Wet op de huurtoeslag, alsmede een woonwagen of woonschip, zoals bedoeld in artikel 3, lid 6 WWB;

Onder woonkosten wordt verstaan:

•indien een huurwoning wordt bewoond, de per maand geldende huurprijs zoals bedoeld in artikel 1 onderdeel d Wet op de huurtoeslag;

•indien een eigen woning wordt bewoond, het maandelijks te betalen bedrag ten behoeve van de financiering van de woning verschuldigde hypotheekrente.

Schoolverlaters

Participatiewet, Artikel 28

Het college kan voor de belanghebbende die recent de deelname heeft beëindigd aan onderwijs of een beroepsopleiding, de norm (en dan hebben het over de normen in zijn algemeen, zoals opgenomen in paragraaf 3.2 participatiewet >o.a. jongerennormen, normen 21 – pensioengerechtigd en afwijking norm gehuwden) gedurende zes maanden na het tijdstip van die beëindiging lager vaststellen, indien voor het onderwijs of de beroepsopleiding aanspraak bestond op studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering 2000 of op een tegemoetkoming in de onderwijsbijdrage en de schoolkosten op grond van hoofdstuk 4 van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten.

Een bijstandsuitkering is hoger dan de normbedragen levensonderhoud studiefinanciering. Aannemelijk is dat de belanghebbende tijdens zijn studieperiode zijn bestedingen heeft afgestemd op het lage inkomen uit studiefinanciering. Deze bestedingen nemen noodzakelijkerwijs niet onmiddellijk toe als hij zijn studie beëindigt en als schoolverlater aanspraak op bijstand maakt. Daarom heeft de wetgever het mogelijk gemaakt heeft om op grond van art. 28 in bepaalde gevallen gedurende zes maanden de norm lager vast te stellen als de belanghebbende recentelijk zijn scholing of beroepsopleiding heeft beëindigd.

Het verlagen van de bijstandsuitkering is o.g.v. de wettekst in alle situaties mogelijk, dus ook wanneer er sprake is van het toepassen van de kostendelersnorm.

De vraag rijst dan of door het gelijktijdig toepassen van de kostendelersnorm en verlaging vanwege schoolverlaten er sprake is van een onredelijke lage bijstandsuitkering. Dit blijkt niet het geval te zijn.

2. Beleidsregel Schoolverlaters:

Gelet op het bepaalde van artikel 26 Participatiewet wordt gedurende zes maanden na het tijdstip van beëindiging aan onderwijs of beroepsopleiding een verlaging toegepast.

De verlaging bedraagt 10% van de gehuwden norm (= 100% ML = art. 21 aanhef onder b PW).

Citeertitel

Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregel verlagen bijstand vanwege lagere/ontbreken woonkosten & schoolverlaten gemeente Harlingen 2021.

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2021.

Geldende tekst uit de Centrale Voorziening Decentrale Regelgeving (CVDR, open data van de overheid). Raadpleeg lokaleregelgeving.overheid.nl voor de officiële versie. Dit is geen juridisch advies.